Overactieve mind: saboteur van performance en gezondheid

Tollen stress- en paniekgedachten door je hoofd voor je het podium opgaat? Of ga je daardoor het podium juist niet op? Heb je in gedachten al 20 x opgetreden voordat de show daadwerkelijk plaatsvindt? Uit behoefte aan controle of omdat je nou eenmaal een overactieve mind hebt die overal beren en wolven op de weg ziet? Lees dan vooral verder.  Gedachten hebben een rechtstreekse invloed op ons lichaam. Met je denken kun je je performance niet redden, maar saboteer je deze juist: het is de perfecte anti-warming up. 

Veel vocalisten hebben er last van: een overactieve mind, die uit behoefte aan controle of uit gewoonte gaat malen en rampscenario’s bedenken, vooral in de buurt van een optreden. Je denkt misschien dat het niet uitmaakt wat je denkt: gedachten zijn immers maar gedachten. Maar ik heb slecht nieuws voor je. Gedachten zijn weliswaar niet zo zichtbaar en tastbaar als je nieuwste outfit of de weerman op TV, maar ze hebben wel degelijk een rechtstreekse uitwerking op ons lichaam en gezondheid. Er is een rechtstreekse connectie tussen ons lichaam en onze gedachten. Zo zorgen tobben en piekeren bijvoorbeeld voor fysieke stressreacties en verkramping, vergiftigen ze het lichaam en ondermijnen onze gezondheid. Het is een illusie om te denken dat gedachten geen effect hebben. Je gedachten kunnen je performance behoorlijk saboteren voordat je uberhaupt in de buurt van een podium bent. Gedachten kunnen je instrument, je lichaam, laten verkrampen en verstijven. Het is de perfecte anti-warming-up.

Gedachten beïnvloeden ons lichaam direct

Er is een directe connectie tussen onze gedachten en ons lichaam. Hoe werkt dat? Om te overleven moet ons lichaam in staat zijn adequaat te reageren op de omgeving. Staat er ineens een tijger voor je neus, dan moet je kunnen vechten of vluchten en wordt er adrenaline aangemaakt. Valt er niet te vechten of te vluchten, dan verstijf je, wat een soort ‘jezelf voor dood houden’ is, in de hoop dat de aanvaller afdruipt en/ of zo min mogelijk schade aanricht. De informatie over de buitenwereld krijgt het lichaam via de hersenen die met de buitenwereld in contact staan via de zintuigen.

Zintuigelijke indrukken

Onze zintuigen zijn de toegangspoorten tot onze hersenen. Dankzij hen kunnen we zien, voelen, proeven, horen en ruiken. Prikkels van buitenaf, bijvoorbeeld een beeld, geluid of geur, veroorzaken elektromagnetische trillingen. Die trillingen veroorzaken een elektrische ontlading in de kern van een zenuwcel in de hersenen (neuron). Bij die elektrische ontlading komen er stofjes vrij, de zogenaamde neurotransmitters. Deze neurotransmitters zorgen ervoor dat een elektrische stroom met informatie naar de hersenen gaan. Je kunt het vergelijken met de nulletjes en de ééntjes waarmee onze computers rekenen.  In de hersenen worden deze elektrische stroompjes omgezet in plaatjes: geluidsplaatjes, beeldplaatjes, geurplaatjes, gevoelsplaatjes en smaakplaatjes, net zoals in onze computer de nullen en de enen om worden gezet in beeld en geluid. Dit is het materiaal waarmee de hersenen kunnen ‘rekenen’. De uitkomst van de rekensom zorgt ervoor dat de hersenen het lichaam aanzetten tot de juiste actie. De boodschappers die het hele fysieke circus aansturen zijn onze hormonen.  Samengevat kun je zeggen dat gebeurtenissen in de wereld bio-elektrische en bio-chemische effecten in het lichaam teweegbrengen.

nullen en eenen

Gedachten

Niet alleen zintuigelijke prikkels kunnen processen in de hersenen van start laten gaan: ook het denken kan dat. De hersenen kunnen echter geen onderscheid maken tussen een gedachte en een zintuigelijke prikkel: het effect op het lichaam is hetzelfde. Dit komt doordat gedachten ook elektrische impulsen zijn die dezelfde neurale netwerken gebruiken als de elektrische stroompjes afkomstig van zintuigelijke prikkels. Het gevolg is dat de beeldplaatjes en geluidsplaatjes die de hersenen aangereikt krijgen via zintuigelijke prikkels, hetzelfde zijn als die van gedachten. Zo slim is onze ‘computer’ dus niet. Om te checken of dit klopt hoef je alleen maar het volgende experiment te doen. Denk eens aan een sappige citroen: zie voor je geestesoog een citroen en neem daar in gedachten eens een hap van: proef het zure sap en voel hoe het overtollige sap langs je vingers naar beneden druipt. Je zal merken dat je speekselklieren gelijk beginnen te werken. En ander voorbeeld: mannen kunnen een erectie krijgen alleen al door de gedachte aan een aantrekkelijke vrouw.

Van gedachte naar biochemie

De hypofyse is de plek in de hersenen waar informatie uit de buitenwereld (zintuigelijke prikkels) en binnenwereld (gedachten) wordt omgezet in biochemie. Immers, het lichaam moet voor zijn overleving telkens in staat zijn adequaat te reageren op de omgeving. Staat er ineens een tijger voor je neus, dan moet je dus kunnen vechten of vluchten en wel reflexmatig, in split second. Het systeem van signalering en reactie is dan ook zo snel, dat je lichaam al een biochemisch antwoord heeft op een situatie voordat jouw bewuste denken überhaupt doorheeft wat er gaande is. Als het lichaam alleen al dénkt dat er mogelijk gevaar of een bedreiging is draaien de machines van de stresshormonenfabriek gelijk volle toeren. Het bekendste stresshormoon is adrenaline. Adrenaline is een korte hevige energiestoot, de zogenaamde arousel. Het zorgt voor een verhoogde bloeddruk, versnelde ademhaling, snellere hartslag, aangespannen spieren, scherper horen en zien, concentratie en enorm veel kracht als het nodig zou zijn.

De schadelijke effecten van stresshormonen

Hoge spiegels stresshormonen hebben schadelijke gevolgen: ze vergiftigen ons lichaam en ondermijnen onze gezondheid.

  1. Onderdrukking van het immuunsysteem. Adrenaline is een stof die ervoor zorgt dat de werking van het immuunsysteem tijdelijk onderdrukt wordt. Als je moet vechten tegen een tijger, dan vindt het lichaam het ‘vechten tegen een bacterie’ eventjes totaal onbelangrijk. Als die tijger jou straks doodt, dan is die bacterie er tenslotte ook geweest… Adrenaline remt ook de spijsvertering: het verteren van bijvoorbeeld een broodje kaas is een luxe waar het lichaam geen energie in wil steken omdat het ervanuit gaat dat jij straks ‘het broodje kaas’ voor die tijger kan worden!
  2. Bijnieruitputting. Adrenaline die niet gebruikt wordt is een dusdanig schadelijke stof voor het lichaam dat de bijnieren cortisol gaan aanmaken om de schadelijke effecten van adrenaline te neutraliseren. Als langdurig veel cortisol aangemaakt wordt dan kunnen de bijnieren uitgeput raken. Het gevolg daarvan is dat er een te laag cortisolgehalte ontstaat. Bij een te laag cortisolgehalte voel je je de hele dag moe, heb je geen energie en kun je zelfs depressieve klachten ontwikkelen. Ook word je extra gevoelig voor stress. Omdat cortisol ook nodig is voor het functioneren van de schildklierhormonen kan een uitputting van de bijnieren ook leiden tot spierzwakte, gevoeligheid voor koude en andere klachten die horen bij een te lage schildklierfunctie.
  3. Slechte concentratie. Een langdurig hoog gehalte aan cortisol zorgt voor het verschrompelen van de hippocampus, een deel in de hersenen dat belangrijk is voor het geheugen en de concentratie. Een kenmerkend symptoom van langdurige stress is dan ook vergeetachtigheid.
  4. Vatbaar voor bloedsuikerspiegelaandoeningen. Als een tijger voor je neus staat heb je veel energie nodig om te kunnen vechten of vluchten. De stresshormonen adrenaline en cortisol zorgen dan ook voor een verhoging van de bloedsuikerspiegel zodat je klaar bent voor actie als de tijger je gaat aanvallen. Bij de meeste mensen wordt deze energie echter helemaal niet gebruikt. Er zijn namelijk geen tijgers, beren of wolven meer, maar we hebben vooral last van mentale beren en tijgers: hier hoef je niet voor weg te rennen. Er is meestal geen noemenswaardige fysieke actie bij stress voor een examen, een sollicitatiegesprek of optreden. Insuline is het hormoon dat ervoor zorgt dat bloedsuiker omgezet wordt in de energie die nodig is voor vechten of vluchten. Door verbranding van suiker in de cellen ontstaat energie. Deze verbranding zorgt er ook voor dat de bloedsuikerspiegel weer naar normale waarden wordt teruggebracht. Als je bij stress niet gaat vechten of vluchten moet de bloedsuikerspiegel op een enigszins geforceerde manier terug worden gebracht naar normale waarden. Als er vaak stress optreedt zonder dat je intensief gaat bewegen, gaat deze regulering moeizamer. Door langdurige stress kunnen mensen gevoeliger worden voor bloedsuikerspiegelaandoeningen zoals hypoglycemie en diabetes.
  5. Verhoogde pijngevoeligheid. Bij stress worden er in eerste instantie lichaamseigen pijnstillers aangemaakt (endorfinen), om een eventuele wond te kunnen negeren als je gewond raakt bij het vechten of vluchten voor je leven. Maar bij langduriger stress zal er uitputting ontstaan, waardoor er juist minder endorfinen worden aangemaakt wat kan leiden tot een verhoogde gevoeligheid voor pijn.
  6. Verstoorde slaap. Niet zelden zeggen mensen tijdens een stressvolle periode ‘Ik heb er slapeloze nachten van’. Als je aan het tobben en piekeren bent, probeer dan de slaap maar eens te vatten: dat zal de grootste moeite kosten. Hoe komt dat?  De informatie dat je in bed ligt en moet slapen is ondergeschikt aan de informatiestroom vanuit je hersenen omdat daar al je aandacht naartoe gaat.  Hierdoor blijf je je sympathisch zenuwstelsel, dat deel van het zenuwstelsel dat ervoor zorgt dat je lichaam in een staat van paraatheid komt, actief en zit het bloed vol met adrenaline waar het niks mee kan. Omdat je in bed ligt is er ook geen actie die de adrenaline kan verbranden. Het duurt daarom heel lang voordat het parasympatische zenuwstelsel, dat deel van het zenuwstelsel dat verantwoordelijk is voor rust en regeneratie en wat actief dient te worden tegen de tijd dat je gaat slapen, het roer weer over kan nemen en je in slaap valt. Vaak heb je na tobben en piekeren een onrustige slaap en wordt je de volgende ochtend niet uitgerust wakker. Je lichaam heeft tenslotte nog steeds een hoge spiegel aan stresshormonen en heeft te weinig kunnen rusten en regenereren. Op langere duur zorgt dit voor gezondheidsproblemen. Adrenaline remt ook de behoefte aan slaap. Hierdoor kan het voorkomen dat je denkt dat barst van de energie, terwijl je eigenlijk al zwaar in je reserves zit. Vaak heb je niks in de gaten, totdat de man met de hamer komt…. Zingen is topsport waar je een goed uitgerust lichaam voor nodig hebt. De luxe van tobben en piekeren kun je je niet veroorloven als je uitgerust voor de dag wilt komen en een topprestatie moet leveren.

Ontspannen mindset en adrenaline verbranden

In het spreekwoord  ‘geluk is met de dommen’ zit een kern van waarheid: hoe slimmer de mens, hoe actiever het denken en hoe meer de neiging om te tobben en te piekeren. Heb je een spannend optreden of een auditie voor de boeg? Grote kans dat het optreden of de auditie al minstens 20 keer in je hoofd rondspookte voordat het daadwerkelijk plaatsvond. En je 20 keer stresshormonen hebt aangemaakt, alsof de gebeurtenis daadwerkelijk plaatsvond.

Wij zijn geneigd te denken dat de hoeveelheid stress in relatie staat met de hoeveelheid dingen die je op dag meemaakt of te doen hebt. Maar het blijkt dat mensen die weinig tot niks te doen hebben minstens net zoveel stress kunnen hebben als mensen die de hele dag actief zijn. Sterker nog: mensen die de hele dag niks doen hebben vaak meer fysieke stress omdat er weinig tot geen lichamelijke actie is die de spiegels van de stresshormonen kan normaliseren; er is geen activiteit die de adrenaline kan verbranden! Je kunt bij wijze van spreken zittend op de bank jezelf een burnout in denken.

De beste warming up voor zingen is zorgen voor een ontspannen mindset en zorgen dat je adrenalinespiegel daalt. Hierdoor ontspant en ontkrampt je lichaam. Stressenergie uit je lijf werken en adrenaline verbranden doe je simpelweg door te bewegen, te schudden en te trillen. Net zoals de impala in onderstaande video. Ook bepaalde ademhalingsoefeningen kunnen hierbij helpen.

Verkoudheid: de nachtmerrie van iedere vocalist. Tien tips om de winter door te komen.

Een druipneus, dichte holtes en schorre keel, de nachtmerrie van iedere vocalist. Met deze tien tips help je je stem de winter door. En ben bij een griep of verkoudheid snel weer zo fit als een nachtegaaltje.

  1. Gemberthee. Drink iedere dag een paar kopjes gemberthee. Thee gemaakt van verse gemberwortel werkt onder andere slijmoplossend in de keel en longen, is ontstekingsremmend en stimuleert de werking van het afweersysteem.
  2. Vitamine C. Slik vitamine C met bio flavonoïden, zodra je de eerste symptomen van verkoudheid of griep op voelt komen. Als je verkouden of grieperig bent kun je een paar gram per dag gebruiken. Pas als je dunne ontlasting krijgt heb je een overdosis. Zuigtabletten hebben de voorkeur omdat die ook verlichting brengen bij een zere keel.
  3. Vitamine D3. Slik iedere dag vitamine D3. Vitamine D3 activeert het immuunsysteem en zorgt dat het beter in staat is infecties te bestrijden.
  4. Vermijd stress. Langdurige stress zorgt ervoor dat de werking van het immuunsysteem wordt onderdrukt. Zorg bij stress voor voldoende lichaamsbeweging om de adrenaline te verbranden, anders gaat het ‘spoken’ in je lichaam. Maar ook: houd je cellen blij. Je cellen luisteren voortdurend mee met je innerlijke dialoog. Tobben, piekeren en negatieve gemoedstoestanden hebben een negatieve invloed op je immuunsysteem en gezondheid (lees meer).
  5. Neusopener. Doe deze simpele oefening die je neus opent. De neusopener is een hele simpele oefening uit de koker van de Russische arts Buteyko. De oefening werkt als een neusspray: binnen een minuut kun je met deze oefening zelf de slijmvliezen in je neus laten slinken waardoor je weer vrij kunt ademen. Als je neus open is, blijf dan vervolgens door je neus ademen. De neusopener werkt als volgt: adem uit tot je niet meer kunt. Zodra je helemaal uitgeademt hebt, knijp je je neus dicht met je duim en wijsvinger.Houd je neus dicht zolang als je kunt. Zodra je voelt dat je je benauwd gaat voelen ga je ‘ja knikken’ met je hoofd. Laat je neus pas los als je de benauwdheid écht niet meer volhoudt. Adem dan rustig via  de neus in; neem vooral geen diepe ademteug door de mond. Blijf daarna via je neus ademen.
  6. Luchtvochtigheid. Houd de luchtvochtigheid op pijl. Zodra de kachels aangaan, wordt de lucht een stuk droger. Hierdoor loop je de kans dat je slijmvliezen enigszins uitdrogen. Uitgedroogde slijmvliezen zijn ontvankelijker voor bacteriën en virusjes. Zet daarom in de winter een luchtbevochtiger in ruimtes waar je veel verblijft zoals de slaapkamer. Een andere ‘vijand’ van je keel is de airco in de auto: laat deze zoveel mogelijk uit.
  7. Vermijd mensenmassa’s na intensief sporten. Na het sporten zijn witte bloedlichaampjes enkele uren minder in staat eventuele virussen af te weren. Je bent dan vatbaarder voor verkoudheid en griep dan normaal. Ga niet intensief sporten vlak voor een optreden. En vermijd mensenmassa’s een paar uur na het sporten.
  8. CBD-olie. De cannabinoïden in CBD-olie hebben ontstekingsremmende en pijnstillende eigenschappen. De olie wordt gemaakt van hennepplanten. Doordat de hoeveelheid THC, de stof in hennep waar je vrolijk van wordt, nihil is heeft het geen hallucinatoire werking. Tegenwoordig is deze olie bij vrijwel ieder drogist en zelfs bol.com te koop. Een paar druppeltjes per dag zijn voldoende. Voor pijnstillende eigenschappen heb je minimaal sterkte 5 nodig.
  9. Straling. De elektromagnetische straling van mobiele telefoons en draadloos internet zorgt voor cellulaire stressreacties en kan de slaap verstoren. Zet daarom ’s nachts je mobiel op vliegtuigstand en de wifi-router uit. Of leg de mobiel minimaal vier meter bij je vandaan indien je bereikbaar dient te blijven (lees meer)
  10. Melkwei. Heb je keelpijn of een keelontsteking? Gorgel dan met melkwei. Hierdoor los je de slijm in je keel op. Ook heeft het een anti-bacteriële werking. De goedkoopste melkwei haal je gewoon bij het Kruidvat.

Natuurlijk zijn er nog véél meer tips. Heb jij nog een gouden tip die hier niet bij staat? Deel deze dan bij de reacties.

Gezond blijven? Maak je cellen blij

Het is belangrijk om gelukkig en blij te zijn. Dat wat wij beschouwen als ´mind´ is niet enkel beperkt is tot onze hersenen. Onze cellen hebben een eigen intelligentie en zijn onderdeel van onze mind. Ze luisteren continu mee en reageren op onze gedachten en gemoedstoestanden. Wil je gezond blijven dan is het belangrijk dat je je cellen bewust aan stuurt. Dat je meester wordt van je eigen universum, van je eigen cellen-volk.

Vroeger dacht ik dat je in verdrietige situaties de hele dag verdrietig moest ZIJN.  Je het verdriet als een zware last hoorde mee te zeulen: telkens aan de ongelukkige situatie denkend en het verdriet ervarend. Als ik dan onverwachts blij was voelde ik mij schuldig en dacht ‘O ja, ik ben verdrietig.’

In werkelijkheid duren emoties maar even. Ze komen en gaan, als een golf die uit de zee oprijst, komt aanrollen en over het strand spoelt. Dan zijn er zoute tranen van verdriet, spuit het bloed door je aderen van boosheid of verkramp je van angst. Daarna ebt de golf weer weg en wordt weer één met de zee.

Als het verdriet weg is en de tranen gehuild, waarom dan niet weer blij en gelukkig zijn? En met een glimlach rondlopen. Zelfs al stort de hele wereld om je heen in elkaar? Omdat het niet respectvol zou zijn? Of op zijn minst een beetje gek?

Het is bittere noodzaak om gelukkig en blij te zijn. Ons lichaam bestaat uit 100 miljard kleine leventjes, onze cellen. We zijn niet één persoon, maar een ecosysteem, bestaande uit immens veel kleine intelligente leventjes. Onze cellen luisteren voor onze overleving continu mee zodat ze direct op situaties kunnen reageren. Door onder andere de juiste stofjes aan te maken en het lichaam van energie te voorzien. Als onze cellen ook maar iets slechtere luistervinken waren geweest was de mensheid allang uitgestorven. Dan was de adrenaline om weg te rennen voor die leeuw of tijger nét te laat aangemaakt.

ecosysteem-cellen

Je cellen reageren op gedachten en gemoedstoestanden: daarmee stuur je je cellen onbewust aan. Wil je gezond blijven of zelfs vitaler worden dan is het belangrijk dat je je cellen bewust aan stuurt. Dat je meester wordt van je eigen universum, van je eigen cellen-volk.

De eerste stap is het nemen van het besluit welke radiozender jouw mind is. Ben je Classic FM, het 24-uur-dramajournaal of de mopperzender?

Waarom is dit belangrijk? Omdat dat wat wij beschouwen als ´mind´ niet enkel beperkt is tot onze hersenen. Onze cellen hebben een eigen intelligentie en zijn onderdeel van onze mind. En hebben invloed op onze gedachten. Het is bijvoorbeeld lastig om helder en blij te zijn als je lichaam ziek is. Daar komen spreekwoorden vandaan als ‘iets op je lever hebben’, ‘gal spuwen’.

En omgekeerd, als jij boos, verdrietig of gefrustreerd bent, bootst jouw volk van cellen jouw houding en gedrag na. Jij schopt tegen een stoel, schreeuwt tegen de hond en smijt de deur te hard dicht: je cellen hebben hun eigen manier om vernielingen aan te richten. Daarom is het essentieel om je cellen gelukkig te laten zijn. Als je dat niet doet, keert het lichaam zich tegen je. Ziekte is het gevolg van een disharmonie in het systeem.

Wil je blije cellen?  Stop dan met klagen, zeuren, eindeloos blijven malen over situaties, jezelf opfokken, je zorgen maken en in negatieve stemmingen zwelgen. Het zijn luxes die je jezelf niet kunt veroorloven als je gezond en vitaal wilt zijn.

Moet je dan met een zoetsappige nep smile rond lopen en elke figuurlijke drol overdekken met een suikerlaagje? Nee, ook dat niet. Als rauwe emoties zich aandienen en je overspoelen als een golf ervaar die gevoelens dan. Wegdrukken werkt op zo een moment averechts en zorgt juist voor meer spanning in je systeem omdat de spanning niet ontladen kan worden. Dat is als een golf tegenhouden voordat deze het strand op kan rollen. De golf kan pas weer in de zee tot rust komen als het de beweging af heeft kunnen maken.

Maar nodig negatieve gevoelens niet keer op keer uit door in gedachten situaties te herkauwen, als een hond op een bot. Zorg ervoor dat je cellen weer blij worden als de rauwe emotie weg is.  Zet je radiozender op een ander kanaal.  Ga lachen, zingen, dansen. Zodat je de dikke deken van negatieve energie en lage vibraties van je afschudt die door de emotie veroorzaakt is. Je cellen luisteren mee en doen de rest….

happy-cells-quote-esther-hicks-wit

Log eens wat vaker in op je innernet

Ingelogd in de virtuele wereld en maar half aanwezig in de echte wereld: we verworden steeds meer tot reactieve, onbewuste, naar het scherm starende zombies. Dit gaat ten koste van onze relaties, creativiteit, inspiratie en de kans onze mogelijkheden in het leven optimaal te benutten. Uitgerekend een Google marketing topman wil ons uit de zombiemode halen. En geeft het advies meer in te loggen in ons inner-net. 

Twee politieauto’s scheuren voorbij gevolgd door een imposant laag vliegende politiehelicopter. Twintig rondhangende jongeren blijven rustig op hun mobiel staren en merken de real life aflevering van de politieserie pal voor hun neus amper op. Er zijn namelijk Pokémons gesignaleerd….

De virtuele wereld en de echte wereld raken steeds verder met elkaar verstrengeld. Volgens Gopi Kallayil, marketingtopman bij Google, is onze mobiele telefoon het 97ste orgaan van ons lichaam. Als je het aanraakt reageert het. Als je er tegen spreekt begrijpt het je; soms praat het zelfs terug. Het is een oog dat objecten voor je kan herkennen. En het kan taken veel beter en efficiënter uitvoeren dan wij.

Opmerkelijk is dat Gopi Kallayil zegt dat je ingetuned moet zijn in je eigen inner-net om maximaal profijt te kunnen hebben van alle mogelijkheden die online zijn biedt. We moeten ons niet blind staren op technologie, maar bovenal onze eigen innerlijke technologieën optimaal ontwikkelen en benutten. Dat wil zeggen lichaam, hersenen, mind, bewustzijn en adem. Als we niet ingetuned zijn op ons inner-net is de kans groot dat we worden overweldigd door de hoeveelheid informatie die  dagelijks ons leven binnenstroomt. Elk moment van de dag, zonder rekening te houden met onze interesses en levensritmen.

Voor je het weet word je leven beheerst, gedomineerd en gedicteerd door emails, nieuwsberichten, statusupdates en het aangeboden entertainment. En is dat niet wat we nu overal om ons heen zien? In plaats van bewuste en kritische consumenten zijn we steeds vaker slaven van de informatiestroom. En zijn we maar half aanwezig in de echte wereld.

In zijn boek ‘The Internet to the Inner-net’ geeft Gopi Kallayil vijf strategieën om te connecten met ons inner-net.  Eén van zijn tips: “Friend yourself. Listen to the tweet of your heartbeat. Pay attention to the status update from your body. And request to that urgent chat request from your brain.” Zodat ingetuned zijn in de virtuele wereld niet ten koste gaat van onze aanwezigheid in de échte wereld. Maar we juist optimaal gebruik kunnen maken van alle online mogelijkheden: zowel voor onze eigen ontwikkeling als die van de mensen om ons heen.

Internet is  ontwikkeld om  informatie beschikbaar te maken voor iedereen in de wereld. Zodat een boer in Afrika dezelfde mogelijkheden heeft om zich te informeren als een universitair student in Amerika. En iedereen oplossingen kan vinden voor zijn of haar problemen.  Informatie is macht en het maakt ons powerful. Althans, dat zouden we kunnen zijn als we bewust omgaan met alle online mogelijkheden.

Maar in plaats daarvan lijken wij steeds meer te transformeren tot reactieve, onbewuste, naar het scherm starende zombies. We doden daarmee onze tijd, gesprekken en creativiteit. En leven ondertussen in de waan dat we juist heel erg connected zijn. Met wie? Met wat? In ieder geval niet met onszelf en de real world.

Elk onbezet moment krijgt onze monkey-mind een tros bananen toegeworpen in de vorm van online prikkels. Even een videootje kijken, langs statusupdates scrollen, een tweet versturen of de mail checken. Verveling kennen we niet meer. En juist verveling is belangrijk voor ons brein: voor  creativiteit, inspiratie en heldere gedachten.

In plaats van helemaal in het moment met al onze zintuigen te genieten van die mooie zonsopkomst, wordt deze met camera vastgelegd. We checken gelijk de mobiel zodra onze gesprekspartner even het toneel verlaat. Waardoor we uitloggen uit het veld van informatie van het gesprek: een gemiste kans op diepere inzichten en mooie vragen.

Je hoeft maar om je heen te kijken om te zien dat onze hyper connectiviteit vooral leidt tot een steeds hoger aantal half-aanwezigen. Naar het scherm starende zombies. En de vraag is of we dat willen zijn……

zombie-with-phone-2-832x470

 

Bronnen:

  1. Youtube TedX talk Gopi Kallayil
  2. Youtube TedX talk Gopi Kallayil
  3. Website Gopi Kallayil

 

 

 

Houd je stem jong en vitaal

Zingen is niet alleen iets van je stembanden; ook je lijf is belangrijk. Je lichaam is je instrument en dat moet in goede conditie zijn. Je hebt een fit en vitaal lichaam nodig om alles uit je stem te kunnen halen, volume te maken en goed te kunnen uithalen. Denk aan het lijf van Pink in deze videoclip: aan die kracht, souplesse en uithoudingsvermogen.

 

Ook je organen spelen een belangrijke rol. Als je lever of milt bijvoorbeeld slechter functioneren hebben, mis je de energie in je stem. Ook je klankkleur wordt minder helder. Dat is ook de reden dat je vaak aan eens stem kunt horen of iemand van oudere leeftijd is: als de orgaankracht minder wordt, klinkt de stem minder energiek en helder en vaak komt er een kraakje in.

Als je zingen echt serieus neemt en je de houdbaarheidsdatum van je stem wilt vergroten, moet je dezelfde discipline in acht nemen als topsporters. Zowel qua beweging als leef- en eetgewoonten. Daarmee voorkom je dat je rond je veertigste alle nummers een stuk lager moet zingen en je bepaalde uithalen niet  meer kunt.

Hou je niet van sporten of is het te zwaar voor je? Geen nood. Yoga werkt perfect. Met Yoga kun je de benodigde spierkracht en uithoudingsvermogen opbouwen. Yoga heeft trouwens nog een voordeel. De yogi Vivekananda (1863-1902) schreef: ” Zodanig is de kracht van yoga dat zelfs heel weinig ervan veel voordeel geeft […]. Een gezond uiterlijk zal één van de eerste tekenen zijn en een mooie stem. Gebreken in de stem zullen veranderen”.

Meer energie door leven in het ritme van de natuur

Meer energie nodig? Als je meebeweegt met de energieën van de dag doe je de juiste dingen op het juiste moment, zoals rust houden als het qua energie eb is en actief zijn als het qua energie vloed is. De Ayurveda heeft de ritmes van de energieën in kaart gebracht en vertaald naar een praktisch leefadvies.

“ U heeft een verkeerd leefritme” zei de Ayurvedisch arts. De vriendelijke Indiase arts van middelbare leeftijd voelde twee minuten aan mijn pols voordat hij deze conclusie met een ernstig in zijn gezicht uitsprak. Hij keek mij doordringend aan en ik stamelde verbaasd:  “Een verkeerd leefritme?  Volgens mij heb ik juist een heel normáál leefritme. Ik schetste mijn oer Hollandse leefpatroon: om half acht opstaan, om twaalf uur lunchen, tussen zes en half 7 de warme maaltijd en om een uurtje of elf weer naar bed.

Natuurlijke ritmes

De arts schudde ontkennend zijn hoofd: “Het Westerse leefritme houdt weinig rekening met de natuurlijke ritmes van de dag, met de energieën die van invloed zijn op lichaam en geest.” Hij pakte pen en papier en schreef een alternatief leefpatroon op: om 6 uur ’s morgens opstaan, om 1 uur ‘s middags warm eten en daarna een middagslaapje doen. Om 6 uur ‘s avonds weer warm eten en vóór de klok van tien uur in bed liggen. Terwijl ik naar het schema keek werkten mijn hersenen op volle toeren. Een middagslaapje valt als ZZP’er nog wel te regelen, evenals 2 x per dag warm eten. Maar om zes uur opstaan…. De arts herkaderde mijn probleem door te stellen dat vroeg opstaan meestal niet het probleem is maar op tijd naar bed gaan.

Levensritme

Het levensritme dat de arts aanraadde komt uit de Ayurveda, een Indiaase geneeswijze die haar wortels heeft in de meer dan drieduizend jaar oude Vedische traditie. Toch is het leefpatroon meer universeel te noemen dan Indiaas. Nog niet zo lang geleden leefden Nederlanders volgens dit ritme. Zoals de ouders van mijn eerste vriendje die een fruitteeltbedrijf hadden en waar tussen de middag pannen met dampende aardappels, sperziebonen en een lap vlees op tafel kwamen. Ook in zuidelijke Europese landen is een warme middagmaaltijd en daarna een siësta heel gebruikelijk.

Met de wind mee

Dat lichaam en geest makkelijker in balans blijven als je met de natuurlijke ritmes mee leeft is logisch. Met de wind meefietsen kost ook minder energie dan tegen de wind in fietsen. Als je meebeweegt met de energieën doe je de juiste dingen op het juiste moment. Rust houden als het qua energie eb is en actief zijn als het qua energie vloed is. Ebben als het vloed is en vloeden als het eb is is niet alleen heel frustrerend, maar kost ook bakken met energie. Helemaal voor mensen met een energie-issue: die een gebrek aan energie hebben en daardoor moeilijk vooruit te branden zijn. Of  juist een overschot aan energie hebben en daardoor moeilijk tot rust komen.

Dosha

De vedische traditie heeft het over dosha’s: dit zijn de energieën van de schepping zelf, levensenergieën die van invloed zijn op ons lichaam en geest. Er zijn drie dosha’s: vata, pitta, kapha die ieder hun eigen kwaliteiten hebben. Elk moment van de dag is één van de dosha’s dominant.

Vata:      02.00 – 06.00 uur en 14.00 – 18.00 uur

Kapha:   06.00 – 10.00 uur en 18.00 – 22.00 uur

Pitta:     10.00 – 14.00 uur en 22.00 – 02.00 uur

Vata

Vata is impulskracht. De elementen van vata zijn lucht en ether. Vata-energie is beweeglijk, veranderlijk, snel en verfijnd. In vata-tijd overheerst helderheid en is de mentale alertheid hoog. Het is de beste tijd om te studeren omdat je je makkelijk kunt concentreren en nieuwe dingen het snelst leert. Het is ook de perfecte tijd voor creativiteit en brainstormen. Als je moeite hebt met opstaan, dan is het aan te raden om voor 6 uur ’s morgens je bed uit te komen. Vanaf 6 uur begint kapha- tijd en dan wordt opstaan lastiger omdat kapha-energie zwaarder en trager is.

Kapha

Kapha is structuurkracht. De elementen van kapha zijn water en aarde. Kapha-energie is een zwaardere maar stabielere energie. Kapha-tijd is de tijd van fysieke activiteit. Het is het ideale moment om oefeningen te doen zoals sporten of yoga. Je schijnt ook meer spierontwikkeling te hebben als je in kapha-tijd traint. Het is ook de meest geschikte tijd voor meditatie omdat je minder last hebt van rusteloze gedachten en dadendrang. In de avond is kapha-tijd de beste tijd om te gaan slapen, juist doordat je wat minder goed vooruit te branden bent en moeier bent. Je valt ook makkelijker in slaap en hebt een diepere en meer regenererende slaap dan als je ná tien uur naar bed gaat. Dan breekt namelijk pitta-tijd aan en krijg je weer een nieuwe vlaag energie.

Pitta

Pitta is vuurkracht. De elementen van pitta zijn vuur en water. Pitta-energie is intens en vurig. Pitta-tijd is de beste tijd voor een maaltijd omdat onze spijsvertering dan optimaal is. Pitta energie is een rusteloze energie, dus actief zijn lukt dan prima. Na 10 uur ’s avonds, als pitta gaat domineren, kun je merken dat je weer energie krijgt en actief wordt. Terwijl je vóór tien uur wellicht niet vooruit te branden was en op de bank zat te gapen, jezelf afvragend of je toch niet beter naar bed kon gaan. De tijd tussen 22.00 uur en 02.00 uur wordt ook wel ‘second wind’ genoemd vanwege de vlaag energie die je nog even krijgt. Het is echter ‘lege’ energie, energie in de reservetijd. Door actief te zijn op dit moment doe je een beroep op je energiereserves. Wie in pitta-tijd het bed opzoekt kan merken dat je moeilijker en onrustiger in slaap valt dan vóór 10 uur omdat pitta-energie hoger en intenser is dan kapha. Kun je de slaap niet vatten, dan kun beter wachten tot om 2 uur ‘s nachts vata weer actief wordt en inslapen weer makkelijker wordt.

Meer energie

Sinds ik de natuurlijke ritmes volg heb ik meer energie gedurende de dag en is de energie ook gelijkmatiger verdeeld. Het is alsof er meer uren in een dag zitten en ik in die uren efficiënter ben. Om 4 uur ‘s middags ben ik niet door mijn energie heen en hoef ik niet meer over te schakelen op de overdrive vanwege een lege energietank. In plaats daarvan ben ik nog helemaal rustig, helder en vol energie.

Powernap

De powernap is één van de sleutels van het succes van dit leefpatroon.  Als je ’s middags goed eet word je na de maaltijd loom doordat je energie vooral naar de spijsvertering gaat. Als je je lichaam dan de rust gunt waar het om vraagt, heeft het alle tijd zich even helemaal op de spijsvertering te richten. Die daardoor ook  optimaler is dan wanneer je onrustig en gestresst gelijk na de maaltijd weer verder gaat met de orde van de dag. De combinatie van een goed gevulde buik en vroeg uit de veren maakt het makkelijk om een powernap te doen. Dertig minuten de ogen sluiten is vaak al voldoende om daarna met nieuwe energie de dag te kunnen vervolgen.

Waarom vrouwen liever geen zendmast in de achtertuin willen

Zendmastles voor vrouwen

NIMBY

De meeste Nederlanders willen graag overal kunnen bellen en internetten. Maar ruim een derde van de mensen wil geen zendmast is zijn achtertuin. Het percentage NIMBY-vrouwen (Not In My Backyard) is met 52 procent een stuk hoger dan het aantal NIMBY-mannen (21 procent). Dit blijkt uit een onderzoek uit 2014 van het magazine KIJK naar het NIMBY-gedrag van de Nederlander.

Straling stimuleert kankergroei

Misschien hebben NIMBY-vrouwen toch een punt. Deze week kwam naar buiten dat uit een 25 miljoen dollar kostend onderzoek van het Amerikaans Toxologisch Programma (NTP) blijkt dat straling van mobiele telefoons kankergroei in dieren stimuleert. Het onderzoek toonde een significante kankergroei aan in ratten die twee jaar waren blootgesteld aan mobiele telefoon straling. Dit resultaat komt niet geheel als verrassing aangezien de Wereldgezondheidsorganisatie de straling van mobiele telefoons al sinds 2011 classificeert als ‘mogelijk kankerverwekkend’.

Cowboys en charlatans

Ook zijn er duizenden wetenschappelijke onderzoeken die mogelijke schadelijkheid van straling aantonen. Onderzoeken die door Nederlandse beleidsmakers met één hand van tafel worden geveegd omdat de Nederlandse Gezondheidsraad ze als ondeugdelijk afschrijft. Waaronder vele publicaties van nobelprijs nominees en van professoren van toonaangevende universiteiten zoals Harvard en het Karolinska Instituut. De vraag is waar wij ons meer zorgen over moeten maken: het oordeelvermogen van de Gezondheidsraad of over alle charlatans en cowboys in wetenschapsland.

Big business

Als burgers moeten wij vooral ons eigen gezonde verstand blijven gebruiken. Mobiele telefonie is big business. De telecom industrie is na de farmaceutische industrie de grootste. De Nederlandse overheid heeft voor miljarden euro’s de zendmastfrequenties geveild en heeft telecommaatschappijen moeten garanderen ze geen strobreed in de weg te leggen. Dus hebben wij in Nederland de meeste zendmasten per m2 en zenden ze bovendien ook nog eens 100 x harder dan in landen als China, Rusland en Italië. Ondertussen kijkt de Gezondheidsraad, de waakhond van onze gezondheid, de andere kant op. En hebben wij toevallig in Nederland het één na hoogste percentage kankersterftes van Europa. Of toch niet? Dat de link met straling niet uit te sluiten is blijkt ook uit de stralingsdocumentaire Mobilize, die tot 25 juni gratis te bekijken is via deze link.

Zendmastles

Voor alle vrouwen die hun achtertuin willen screenen op de aanwezigheid van zendmasten, hierbij de twee meest voorkomende types. De losse zendmasten zijn meestal te vinden op gebouwen; zendmastinstallatie vind je vaak aan de rand van gemeenten, op industrieterreinen en langs snelwegen.

zendmast

Losse zendmast

zendmastinstallatie

Zendmastencluster

Wie geen zin heeft om naar buiten te gaan, kan ook terecht op de website www.umtsmasten.nl. Voer je postcode in en zie met één druk op de knop de zendmasten rond je woning.

Veilige afstand

Rest nog de vraag wat een veilige afstand is van een zendmast. Uit meerdere onderzoeken, waaronder de Duitse Naila studie, blijkt dat er kankerclusters voorkomen rondom zendmasten. Met name binnen 400 meter van een zendmast. Er zijn echter ook onderzoeken die dit tegenspreken.  Voor een leek is het dus lastig om een mening te vormen over dit onderwerp. En daardoor haken velen, met name vrouwen, af. Te technisch geleuter. En ach, je moet tenslotte toch ergens dood aan gaan. Maar ondertussen toch maar liever geen zendmast in de achtertuin…

Onvrijwillig beperkt: mijn leven met een onzichtbare handicap

Met de komst van 5G en het Internet of Things is een supersnelle verbinding, altijd en overal een feit. Nog even en zelfs onze koelkast, kattenbak en kamerplanten zijn online. Toch zijn er ook mensen die hier niet op zitten te wachten: uit ideële overwegingen of uit noodzaak. Ik behoor tot deze laatste categorie. Ik ben overgevoelig voor de elektromagnetische straling afkomstig van mobiele telefoons, wifi en zendmasten. Een onzichtbare handicap. Met de voortschrijding van de techniek wordt het speelveld van mijn leven steeds kleiner….

Aan de buitenkant is niks te zien. Ik werk, winkel, ga uit en lééf. Als artiest sta ik op het podium ten midden van draadloze apparatuur. Als zangdocent geef ik les in gebouwen waar volop wifi is en maak ik er zelf op mijn werk ook gebruik van. Ik heb een smartphone (die overigens 99,9 % van de tijd op vliegtuigstand staat) en heb een druk online bestaan. Ik wil een zo normaal mogelijk leven leiden maar dat wordt steeds lastiger vanwege mijn elektrogevoeligheid.

Als ik over mijn onzichtbare handicap vertel kijken mensen mij vertwijfeld aan: spoor ik wel helemaal? Misschien niet. Maar dat geldt dan ook voor de Raad van Europa, de Belgen en Zweden. In Zweden is elektrogevoeligheid (EHS) reeds erkend als functionele beperking en arbeidshandicap. In 2017 is in de Belgische Senaat een motie ingediend om elektrohypersensitiviteit officieel te erkennen. 

Waarom is erkenning van elektrohypersensitiviteit nodig?  Omdat het leven van elektrogevoeligen steeds meer beperkt wordt. Doordat we steeds meer draadloos online zijn en er steeds meer stralingsbronnen bijkomen. Elektrogevoeligheid is geen nieuw fenomeen: als kind was ik al gevoelig voor elektromagnetische velden afkomstig van bijvoorbeeld computers, transformatoren, kopieermachines en TL-verlichting.  Zo kreeg ik hoofdpijn zodra in het najaar de TL-verlichting in de klas aan ging. En werd ik misselijk en duizelig als ik op school het computerlokaal in moest waar 20 van die dikke jaren ’80 computers stonden. In 1989 vertelde een arts mij dat ik elektrogevoelig was, iets wat vooral lastig voor mijzelf was, maar verder niet zo een big deal. Elektromagnetische velden van elektrische apparaten reiken niet ver en gaan nauwelijks door muren heen. Afstand houden en vermijden was dan ook prima te doen.

Electromagnetic Radiation Safety: Electromagnetic Hypersensitivity

Maar dat veranderde toen eind jaren ’90 de draadloze revolutie begon. Straling van mobieltjes en wifi, de zogenaamde hoogfrequente straling, gaat dwars door muren en ramen heen en is anno 2020 overal: in winkels, scholen, bedrijven en zelfs natuurgebieden. Als je wilt weten wat de impact daarvan is op een elektrogevoelige, bedenk dan hoe het leven van een astmapatiënt eruit zou zien als elke winkel, werkplek en straathoek blauw zou staan van de rook van zware shag. En de rook van de buren zelfs door de muren van jouw woning en slaapkamer heen komt. Voor stralingsgevoeligen wordt het speelveld van hun leven met iedere nieuwe draadloze uitvinding steeds kleiner. Ik zal dat illustreren aan voorbeelden uit mijn eigen leven.

  • Fulltime werken is geen optie. Als zangeres en zangcoach kan ik niet om draadloze apparatuur heen en kom ik op locaties met veel straling. Ik moet voldoende tijd incalculeren om weer op krachten te komen en ziekte voor te zijn. Na een dag werken moet ik een rustdag incalculeren op een stralingsarme locatie. Als ik soms meerdere uren achteréén op een plek met veel straling moet doorbrengen krijg ik geheugen- en concentratie problemen, pijn in mijn lichaam, hoofdpijn, hartkloppingen, spierpijn, soms ook last van misselijkheid en slaat mijn immuunsysteem op hol. De straling op mijn werkplek is ondertussen zo toegenomen dat ik niet meer kan werken zonder stralingwerende kleding te dragen.
  • Ik kan niet wonen in een grote stad, een appartement of flatgebouw vanwege een de opeenstapeling van stralingsbronnen zoals wifi en mobiele telefoons van de buren. Mijn woonplek moet stralingsarm zijn, anders slaap ik niet, bonst mijn hart mijn lichaam uit, heb ik overal pijn en ben ik chronisch vermoeid. Dan kan ik niet meer functioneren.
  • Stralingsgevoelig zijn is een peperdure aangelegenheid. We hebben de muren van onze rijtjeswoning geverfd met peperdure stralingwerende verf vanwege de straling van de wifi en dect-telefoons van de buren, er hangt een stralingwerend gordijn tussen de woonkamer en de keuken en voor het raam van de slaapkamer hebben we stralingwerend gaas.  In huis is geen draadloze apparatuur: internet en telefoon gaan via draad en mobieltjes gaan op vliegtuigstand. Hierdoor is een stralingsarme plek, een zogenaamde ‘witte zone’ in onze eigen woning gecreëerd. Ik heb het geluk dat we aan de rand van een natuurgebied woon en de zendmasten op voldoende afstand staan, maar ze gaan steeds sterker stralen. En binnenkort staat er door de komst van 5G straks op elke straathoek een zendmast en/of small-cel. Hoe mijn leven er dan uit gaat zien is uiterst onzeker. Een leven als stralingsnomade sluit ik niet uit. 
  • Doordat mijn prikkelemmer zelfs in onze stralingsarme woning niet voldoende leeg kan lopen vertrek ik noodgedwongen een paar keer per maand voor een paar dagen naar een stacaravan in een stralingsarm Duits bos. In de zomer is het daar prima toeven, maar in de winter is het behoorlijk survivalen en eenzaam zonder man en kinderen.
  • Als ik wil winkelen in een grote stad moet ik er hoofdpijn, misselijkheid, spierpijn en een algeheel gevoel van niet welbevinden bij op de koop nemen. En de dag erna reserveren om weer bij te komen. Hetzelfde geldt voor gezellige avondjes bij vrienden of bij mij thuis. Ik weiger de azijnpisser te zijn die elke keer gaat zaniken of de mobieltjes op vliegtuigstand kunnen en de wifi uit: die luxe heb ik alleen thuis.
  • Als ik op vakantie ga is het een kunst om een plek te vinden waar én geen wifi is én geen zendmasten in de buurt zijn. Het komt erop neer dat ik alleen nog terecht kan op kleine campings. Of in aftandse bungalowparkjes in de Ardennen met schrootjes op het plafond en een schimmellucht. Hotels en meerdaagse stedentrips zijn uitgesloten.
  • Vervoer wordt een steeds groter probleem. De trein is een rijdende kooi van Faraday waarin het grote gros van de reizigers online is. Hierdoor is de straling astronomisch hoog. En voor een autorit geldt dat hoe nieuwer de auto is, hoe groter de weerslag op mijn gezondheid. Elektrische- en hybride auto’s zijn voor elektrogevoeligen een ramp. Als alle auto’s en treinen straks rijdende mini-zendmasten zijn, wordt de prijs die ik betaal voor een dagje reizen nog hoger. Het enige voordeel van het nadeel is dat ik altijd onder de drieduizend euro de trotse bezitter ben van een nieuwe auto. Want hoe ouder, hoe beter voor mij.

Ik vind het leven veel te leuk om mij te laten inperken en probeer zo goed en kwaad als het kan een zinvol leven te leiden in een draadloze wereld. Maar de rekening is fors: dan weer kwaaltje hier, dan weer een paar dagen compleet van de kaart daar. De hoogste prijs vind ik de steeds groter wordende inperking van mijn keuzes op zowat ieder gebied van mijn leven. Of het nou wonen, werken of recreëren betreft: mijn speelveld wordt steeds kleiner. In vergelijking met veel andere stralingsgevoeligen heb ik het nog getroffen: ik héb tenminste nog een speelveld. Velen zijn hun baan, relatie en/of woning kwijt.

Het moment dat er een dekkend 5G netwerk is en er in iedere straat minstens één small cell hangt aan lantaarnpalen en straatmeubilair hangt als een zwaard van Damocles boven mijn hoofd. Zonder maatregelen wordt mijn leven overleven. Kán ik dan überhaupt nog werken en een zinvol bestaan hebben?  Op den duur zal ik waarschijnlijk moeten verhuizen, maar waarheen? Als huurder is niet 1,2,3 een betaalbare geschikte stralingsarme woonplek voorhanden. In een primitieve stacaravan in Duitsland wonen ver van familie en vrienden is niet wat ik voor mijzelf en mijn familie wil. 

Maar er is een oplossing: witte zones. Dit zijn stralingsarme zones voor hen die ervoor kiezen om niet 24/7 blootgesteld te worden aan straling. Of voor hen voor wie het noodzaak is, zoals ik. Witte zones kunnen in elke stad, in elk gebouw, in elke school worden gecreëerd. Vorig jaar werd aandacht geschonken aan dit fenomeen in de VPRO Tegenlicht documentaire  ‘Offline als luxe’ . In een uitzending van EenVandaag in 2018 pleitte zelfs de GGD voor een stralingsarm woongebied. De Raad van Europa adviseert sinds 2011 stralingsarme zones voor mensen te creëren die gevoelig zijn voor straling. In artikel 8.1.4 van resolutie 1815 van de Raad van Europa staat:  ‘Besteed speciale aandacht aan elektrogevoelige personen die een intolerantie hebben voor elektromagnetische velden en introduceer speciale maatregelen om ze te beschermen, waaronder het creëren van stralingsvrije plekken die niet gedekt zijn door het draadloze netwerk’.

In 2012 publiceerden de Canadese wetenschappers Genuis en Lipp na een literatuurstudie in Elsevier: “In de wetenschappelijke literatuur is er recent bewijs gevonden voor het feit dat na blootstelling aan bepaalde elektromagnetische frequenties verscheidene objectief waarneembare veranderingen zijn waar de te nemen in sommige mensen die zeggen EHS te hebben. Ten gevolge hiervan erkennen nu veel wetenschappers dat overgevoeligheid voor EMV een slopende medische conditie is die in toenemende mate mensen over de wereld treft’.

Anno 2020 is de enige hulp aan elektrogevoeligen cognitieve gedragstherapie in een kliniek voor somatisch onverklaarbare lichamelijk klachten (SOLK). Want als de overheid niet erkent dat je van straling gezondheidsklachten kunt krijgen, dan is de enige andere optie dat het tussen de oren zit. 

Maar met mijn bovenkamer (en die van veel elektrogevoeligen) is niks mis. Ik ben het type dat op haar 19e door Europa ging liften en spinnen oppakt met haar blote hand. Ik ben gespecialiseerd in stressmanagement en heb mijn mind zoveel getraind dat deze te vergelijken is met het corticosteroïden lichaam van een bodybuilder. Elke dag reserveer ik minimaal een uur om mijn zenuwstelsel door middel van meditatie, yoga en ademtechnieken te kalmeren. Voor elektrogevoeligen is de meest simpele, pragmatische oplossing is gewoon de stralingsbron verwijderen. Bron weg  = klacht weg. Net als bij een melk- of pollenallergie.

Denk niet dat ik een uitzondering ben: volgens onderzoek is 1 tot 10% van de Europese bevolking gevoelig voor elektromagnetische straling. Ik ken artsen, onderwijzers, wetenschappers, BN’ers, artiesten en mensen uit de top van het bedrijfsleven die er last van hebben. Slechts weinigen durven er openlijk voor uit de kast te komen, uit angst voor onbegrip of voor aluhoedjesgekkie te worden uitgemaakt. Gelukkig ben ik als ex-BN’er getraind om mij niks aan te trekken van wat andere mensen van mij vinden en durf ik in de vuurlinie te gaan staan met mijn verhaal.

En dat is hard nodig: want elektrogevoeligheid is een onzichtbare handicap. Er is veel lijden onder elektrogevoeligen. Voor sommigen zo ondraaglijk dat ze uit het leven zijn gestapt. Het is een inconvenient truth dat technologie niet alleen mensenlevens kan redden maar ook kan vernietigen. Elektrogevoeligen raken niet alleen hun gezondheid kwijt, maar vaak ook hun dromen, levenswerk, huis, partner en toekomstperspectief. Omdat EHS in Nederland officieel niet bestaat heb je als EHS’er geen recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, urgentie voor een andere woning, vergoedingen voor het stralingsarm maken van de woning etc zoals bijvoorbeeld in Zweden wel het geval is. Je bent volledig afhankelijk van goodwill van anderen en je lot ligt in handen van mensen die met je mee willen denken (of juist niet).

Denk niet ‘mij overkomt het niet’: de meeste elektrogevoeligen dachten voorheen ook dat elektrogevoeligheid niet bestond en het iets was voor het weirdo’s, aanstellers en verveelde huisvrouwen met teveel tijd. De realiteit is dat het als een blikseminslag vooral mensen treft die middenin het leven staan, drukke banen hebben en dol zijn op technologie.  Elektrogevoeligheid kan iedereen overkomen: jezelf, je kind of een familielid. Nu of in de toekomst. Dan zou je wensen dat we als maatschappij niet onze kop in het zand hadden gestoken voor de gezondheidseffecten van straling en hadden geluisterd naar de ‘early warning signals’ van de kanariepietjes in de kolenmijn, de EHS’ers. Maar gelukkig is het nooit te laat om daarmee te beginnen….

Kanariepietjes: de levende lakmoestesten van de maatschappij

 

Zwak is het nieuwe sterk

We leven in een tijd waarin we openlijk kunnen zijn wie we zijn: bi-sexueel, transgender, autist, ADHD’er, hoogsensitief. Iedereen heeft zijn eigen hokje en dankzij boeken, films, artikelen en soaps weten we ook hoe zo een hokje eruit ziet. Het ‘anders zijn’ kan ook aanleiding zijn voor een geanimeerd gesprek op een feestje: het brengt tenslotte ook een hoop kwaliteiten met zich mee, niet alleen maar lasten. Normaal zijn is tenslotte zó 1980 en saai. En wat is normaal eigenlijk: is dat niet gewoon het gemiddelde van alle afwijkingen?

Overal gevoelig voor

Er is echter één ‘anders zijn’ wat geanimeerde gesprekken stil laat vallen en waarvoor men terugdeinst: als je overal gevoelig voor bent. Gevoelig voor bepaalde voedingsmiddelen, E-nummers, straling van mobiele telefoons en wifi, laagfrequent geluid, chemische geuren en licht en andere zaken waarvan men niet eens van het bestaan op de hoogte was.

Maatschappelijk geaccepteerde overgevoeligheden zoals gluten, lactose, sigarettenrook of bepaalde E-nummers kan men nog wel handelen. Maar als het te ongewoon wordt, bijvoorbeeld overgevoelig zijn voor straling van mobiele telefoons en wifi, of als er te veel overgevoeligheden zijn om rekening mee te kunnen houden, wordt het te ingewikkeld. Dan is diskwalificeren makkelijker dan het serieus nemen en erop anticiperen.

Goed of gek?

Overgevoeligen zijn lastig in een hokje te plaatsen. Ben je een hypochonder of een controlefreak?  Ben je psychisch niet helemaal in orde en zoek je een object voor een objectloze angst? Of spreek je misschien toch de waarheid? Niet alleen de omgeving, maar ook werkgevers, huisartsen, psychologen, uitkeringsinstanties en politici weten zich geen raad met deze mensen. Doordat overgevoeligen de uitzondering op de regel vertegenwoordigen, zijn ze voor professionals confronterend. Door hen staan ze oog in oog met hun onvermogens, de beperktheid van vakkennis, de grenzen van wetten, wetenschap en verklaringsmodellen. Dit maakt overgevoeligen zo ongeveer de engste mensen van de maatschappij. Op terroristen na dan. Onbekend maakt tenslotte onbemind.

Signaalfunctie

De overgevoeligen zijn de ultra hoogsensitievelingen, de figuurlijke kanariepietjes in de kolenmijn. Vroeger namen mijnwerkers een kanariepietje mee de mijnen in als early warning signal voor gas. Als er gas was viel het kanariepietje van het stokje en wisten de mijnwerkers dat de situatie onveilig was.  Zij die overal gevoelig voor zijn, zijn de early warning signals van onze maatschappij. Door onze onnatuurlijke manier van leven, milieuvervuiling, medicalisering van de gezondheidszorg en een steeds hoger wordend levenstempo wordt de groep kanariepietjes steeds groter.

Onbegrip

De kanariepietjes zouden een waardevolle signaalfunctie in de maatschappij kunnen vervullen als we bereid zouden zijn lering te trekken uit hun gevoeligheden en onvermogens. Maar in plaats daarvan vliegen kanariepietjes zichzelf constant te pletter tegen een raam van onbegrip. De maatschappij heeft geen antwoord op de onvermogens van overgevoeligen en druist er met regels en eisen vaak recht tegenin. Kanariepietjes worden geacht in het gareel mee te vliegen, ook als dat niet kan. Omdat er voor de onvermogens van kanariepietjes vaak (nog) geen sluitend wetenschappelijk verklaringsmodel is volgt automatisch de gevolgtrekking dat het psychisch is. Maar dat de wetenschap iets niet kan verklaren, wil niet zeggen dat iets psychisch is: dat wil enkel zeggen dat de wetenschap iets nog niet kan verklaren. Punt. Er is zoveel wat de wetenschap (nog) niet kan verklaren en waar ze geen antwoord op heeft.

Overleven

Hoe kun je als kanariepietje in je kracht staan en een zinvol leven leiden als je telkens moet bewijzen dat er niets mis met je is? Als je continu dingen moet doen of aan zaken wordt blootgesteld die je ziek maken of houden? Op deze manier wordt leven overleven: een situatie die voor veel kanariepietjes realiteit is. Het wordt tijd dat daar een einde aan komt. De kanariepietjes verdienen hun eigen plek in de maatschappij, hun eigen hokje. Als ze gewoon kunnen zijn wie ze zijn, kunnen ze in hun kracht staan en een belangrijke bijdrage leveren aan de maatschappij. Als levende lakmoestesten zijn kanariepietjes de sleutel naar een gezondere, natuurlijkere manier van leven.

Dure grap

De angst dat kanariepietjes na erkenning van hun overgevoeligheden lekker thuis gaan zitten teren op de zak van de maatschappij is ongegrond.  Als kanariepietjes erkenning krijgen, kunnen ze de voor hen optimale omstandigheden creëren om te leven, wonen en werken. Geen één mens die zichzelf als gezond ervaart (wat iets anders is dan gezond zijn), wil thuis zitten en niks doen. Het is inherent aan mens-zijn dat je een waardevolle bijdrage wilt leveren aan de wereld, nuttig zijn, waarde toevoegen. Kanariepietjes hebben de wereld veel te bieden: ze zijn vaak creatiever, intelligenter, empathischer, intuïtiever en onder hen zijn dan ook veel kunstenaars, artiesten, sociaal werkers en visionairen te vinden. Hebben ze een noodlanding moeten maken in een uitkeringssituatie, dan zullen ze zo snel mogelijk weer uitvliegen. Want kanariepietjes zijn óók zeer consciëntieus én trots. Echter, als de erkenning uitblijft en ze tegen hun natuur in moeten gaan is de kans groot dat ze niet (meer) kunnen functioneren en langdurig arbeidsongeschikt raken. Dát is pas een dure grap voor de maatschappij.

 

De dag dat ik besloot nooit meer stress te hebben

Vandaag heb ik besloten nooit meer stress te hebben. Nooit meer jakkeren en jagen, nooit meer wakker liggen van malende gedachten, nooit meer op zien tegen situaties, nooit meer op de kast door wat anderen zeggen of doen. Nooit meer.

Maar kan dat eigenlijk wel? Is dat geen onmogelijke opgave in één van de meest stressvolle periodes in mijn leven ?  Er wordt een continu beroep op mij gedaan als moeder van drie kinderen, vrouw en vriendin. Als ZZP’er, wiens schaapjes vaker in de sloot liggen te spartelen dan op het droge rondhuppelen, is er veel onzekerheid in de bestaansbasis. En als klap op de vuurpijl heb ik als kanariepietje ook nog eens een extreem stressgevoelig lichaam. Kortom, naar de maan vliegen klinkt als een meer binnen bereik liggend doel dan geen last meer hebben van stress. Tenzij ik een vliegticket naar India heb geboekt om voor de rest van mijn leven in een grot te mediteren.

Wat is stress?

Wat is stress eigenlijk? Tijdens mijn opleiding stressmanagement leerde ik dat het begrip stress uit de bouwwereld komt. Als een balk meer gewicht moet dragen (draaglast) dan technisch mogelijk is (draagkracht), is er sprake van stress. Vertaalt naar een mensenleven is stress een wanverhouding tussen draaglast en draagkracht. Als je meer op je bordje hebt dan je op dat moment aan kunt is er sprake van stress. De draaglast bestaat uit externe factoren zoals de dingen die je te doen hebt, het beroep dat op je gedaan wordt en gebeurtenissen in het leven. En de draagkracht bestaat uit het totaal van je vermogens om de stress te managen, waaronder gezondheid, je voorgeschiedenis en je mentale capaciteiten.

Volgens Wikipedia kan stress heel ruim worden omschreven als een reactie op elke prikkel of conditie die spanning veroorzaakt. De  oorspronkelijke natuurkundige definitie van stress is ‘een kracht die op het lichaam inwerkt’.

Positieve stress

Stress is niet per definitie iets negatiefs: een beetje spanning kan er juist voor zorgen dat je alerter bent en beter presteert. Ook positieve gebeurtenissen in het leven, zoals een huwelijk, een leuk feestje, het winnen van een prijs of een buitengewone prestatie op het werk, kunnen een bron van (positieve) stress zijn. Van deze stress wil over het algemeen niemand af; het opgewonden gevoel zoeken we juist vaak op.

Ik wil echter geen last meer hebben van beiden soorten stress. Zowel bij positieve-  als negatieve stress werkt de chemische fabriek van het lichaam op volle toeren. Alleen is de uitkomst van positieve stress prettiger dan van negatieve. Maar in beide gevallen verkeert het lichaam in een hieperdepieper-toestand, wat voor een extreem stressgevoelig lichaam onhandig is:  zie die woelige zee maar eens kalm te krijgen.

Jengelende kinderen en onheilspellend NOS-journaal

Mijn extreem stressgevoelige lichaam is de reden om te besluiten nooit meer last te hebben van stress. Ik wil dat bereiken terwijl ik midden in het leven sta: te midden van rinkelende telefoons, jengelende kinderen en met het onheilspellende NOS-journaal op de achtergrond. Zonder het leven te vermijden of mij terug te trekken in een grot: dat kan tenslotte altijd nog.

Als wij stress ervaren, gaan we situaties vermijden of juist beïnvloeden. Om de draaglast te verminderen schrappen we activiteiten, vertellen die irritante buurman eens flink de waarheid en maken een betere planning. En dat lucht op. Pas als de stress een issue blijft gaan we noodgedwongen ook aan onze draagkracht werken, bijvoorbeeld door een mindfulnesstraining  of te leren mediteren. En ook dat brengt weer verlichting.

21 kikkers in een kruiwagen

Maar nooit meer last hebben van stress? Dat vereist een drastische aanpak, wat begint met een paradigmashift. Sadhguru Isha, een Indiase religieloze mysticus, wijze en visionair, komt met een nieuwe definitie van stress. Volgens hem is dat wat wij stress noemen inherent aan het leven. Hebben we geen werk dan hebben we stress; hebben we wel werk dan hebben we nog meer stress. Hebben we geen kinderen dan hebben we stress; hebben we wél kinderen dan trekken we onze haren eruit van de stress. Er is ALTIJD stress.

Volgens Sadhguru Isha zijn het niet de externe omstandigheden die stress veroorzaken, maar is stress te definiëren als het onvermogen om je eigen systeem te managen: je lichaam, gedachten, gevoelens en energieën. Zijn definitie is revolutionair te noemen omdat het de oorzaak van stress volledig bij ons zelf neerlegt: wij zijn de bron van onze eigen stress. En dat is in tegenspraak met alle definities van stress, die factoren van buitenaf in ieder geval als mede oorzaak zien.  Maar waarom zou je je druk maken over stressfactoren in de buitenwereld? Deze liggen grotendeels buiten eigen controle en daar controle over willen krijgen is weer een bron van frustratie en stress. Zoiets als pogen 21 kikkers in een kruiwagen te krijgen.

Onze cellen luisteren mee

Laten we Sadhguru zijn statement eens nader onderzoeken. Wat gebeurt er bij stress? In de meeste gevallen is er ‘iets’ dat de stress veroorzaakt: een trigger. Je vind een briefje met een telefoonnummer van een vrouw omgeven door hartjes in de broekzak van je man. Je hoort in de wandelgangen dat je baan op de tocht staat. Je voelt je al een tijdje niet zo lekker en vreest voor je gezondheid. De trigger veroorzaakt een stortvloed aan gedachten en gevoelens. Omdat je cellen altijd meeluisteren om het lichaam bij dreigend gevaar klaar te kunnen maken voor gepaste actie, gaat de hele interne chemische fabriek overuren draaien. Het maakt niet uit of het een reële dreiging betreft of eentje die alleen bestaat in gedachten. De onderbewuste machinerie van het lichaam kan dat onderscheid niet maken. Ervaren wij gevaar of moeten er grenzen bewaakt worden, dan worden er stofjes aangemaakt waardoor wij kunnen vechten of vluchten. Het hart gaat sneller kloppen, het bloed gaat harder door de aderen stromen en de ademhaling versnelt; de zogenaamde arousel. Als we de situatie als machteloos of verloren inschatten,  voelen we ons krachteloos en moe worden; alsof iemand de energiekraan van het lichaam dichtdraait. Denken is dus niet zo onschadelijk en zonder gevolgen als wij denken. Denk je 30 x aan een lastig gesprek met je baas of geliefde, dan maak je 30 x de stofjes aan alsof je daadwerkelijk in gesprek bent. Ook van denken kun je dus heel erg moe of juist opgefokt raken.

Rimpelloos meer

Wat stress tot een vervelende ervaring maakt is niet zo zeer de trigger, want die duurt meestal maar eventjes, maar wat daarop volgt: de zich almaar opdringende gedachten, de niet te stoppen stroom negatieve gevoelens en de onaangename fysieke reacties die daar het gevolg van zijn. Zoals een opgejaagd gevoel, een knoop in je maag, een brok in je keel, een dreigend gevoel van onheil. Dáár willen we vanaf.

Hoe fijn zou het zijn als je alleen maar een paar seconden de primaire fysieke stressreactie ervaart, zoals het bonzen van je het hart, het bloed dat door je aderen pompt of de kramp in je buik, en het daarna weer verdwijnt? Vergelijkbaar met een schip dat voorbij vaart: de golven ebben binnen een paar seconden weg. En hoe heerlijk zou het zijn als er geen gedachten en gevoelens meer zijn die in de situatie springen en deze almaar maar herkauwt en opblaast? En waardoor de interne chemische fabriek continu overuren draait? Als het daarna van binnen gewoon weer stil is, vergelijkbaar met een rimpelloos meer?

lake-mathieson-dawn

Stresscyclus doorbreken

De interne stresscyclus kan op twee manieren doorbroken worden. We kunnen de stok tussen de wielen van de stresscyclus steken op de plek waar gedachten zich aan de situatie hechten en zich ermee gaan bemoeien, gevoelens in het kielzog meeslepend. Dat vereist een meesterschap over je mind. Dit kun je onder andere leren door meditatie te beoefenen en mindfulness.

En hoewel de meeste stressreacties het resultaat zijn van brouwsels uit eigen keuken, zijn er ook reflexmatige stressreacties die vóór het denken langs gaan vanwege onderbewuste programmering. Als je daar erg last van hebt kan een therapeut helpen deze onderbewuste stressreacties te herprogrammeren, bijvoorbeeld door NLP, EMDR of Primaire Reflextherapie.

De ademhaling

De tweede stok die in de wielen van de stresscyclus gestoken kan worden is door te leren je zenuwstelsel te kalmeren en daarmee de productie van stressstofjes tot stilstand te brengen. De ademhaling is het enige instrument waarmee je zelf invloed kunt uitoefenen op je autonome zenuwstelsel. Sterker nog, je ademhaling en bepaalde gemoedstoestanden zijn nauw met elkaar verbonden. Bij elke emotie hoort een specifiek adempatroon: als je boos bent, wordt de adem kort en snel en als je verdrietig bent langzaam en diep. Omgekeerd werkt het ook: door op een bepaalde manier te ademen kun je bepaalde emoties oproepen. Eén van de krachtigste tools die ik ken om meester te worden over je ademhaling en zenuwstelsel is de Sudarshan Kriya techniek.

Slavernij

Volgens Sadhguru is stress een puur interne aangelegenheid waarbij oorzaak én oplossing de verantwoordelijkheid zijn van maar één persoon op aarde: wijzelf. Stress is een logisch gevolg van een onbewust leven waarin we geen meester zijn over ons systeem; over onze mind (denken/voelen), lichaam en energieen. Dit meesterschap is de sleutel tot een stressvrij leven. Maar zijn wij sowieso niet de enigen die de scepter horen te zwaaien in onze binnenwereld? Die hoort te bepalen wat wij denken, voelen en hoe wij ons gedragen? Als anderen dat bepalen, zijn wij dan niet gewoon simpelweg slaven?

Mentale beren en tijgers

Ik heb besloten dat ik mij helemaal kan vinden in de definitie van Sadhguru. Met mijn besluit om nooit meer stress te hebben, spreek ik dan ook de intentie uit om volledige meesterschap over mijn systeem te verkrijgen: over mijn denken, voelen, lichaam en energieën. Dat zal hard werken zijn, dag in dag uit, en veel discipline en inspanning vergen. Maar ik heb niet veel keuze: als kanariepietje kan ik mij de luxe van stress gewoon niet permitteren.

En toegeven, het heeft wel iets weg van een kansloze missie: ik mediteer al 27 jaar dagelijks een half uur, ik had al mega stressvrij moeten zijn…. Misschien is naar de Himalaya afreizen en aankloppen bij de grot van één of andere verlichte wijze toch de enige oplossing. Aan de andere kant, ik weet al precies wat deze gaat zeggen. Hij zal mij hoofdschuddend aankijken en verzuchten dat westerlingen lui zijn en wonderen verwachten van ‘maar’ een half uur per dag mediteren. Er blijven tenslotte nog drieëntwintig en half uur over om je helemaal op te fokken met mentale beren en tijgers en je cellen te laten sidderend van ongerustheid en opwinding. De wijze zou mij verzekeren dat ik niet 30 minuten, maar 24 uur per dag zou moeten mediteren.

Omdat wij in Nederland een tekort aan grotten hebben en geen basisinkomen, is de meditatieve grondhouding van  ‘merk alles op en vind er niks van’ al een stap in de goede richting. En dan niet af en toe, zoals bij mij nu het geval is, maar 24/7. Alle achterdeurtjes om stress te kunnen rechtvaardigen dienen afgesloten te worden, alle excuses de nek om gedraaid. Niets of niemand over te blijven om de schuld van stress in de schoenen te schuiven. En ook geen enkel excuus meer te zijn om stress langer door het lijf te laten gieren dan een stressreactie van nature doet. Werk aan de winkel dus.

 

 

 

Hooggevoelig = stressgevoelig

Als je vijftien jaar geleden verzuchtte dat je overprikkeld was en lege tijd nodig had, zou je meewarig zijn aangekeken. Nu weet iedereen wat ermee bedoeld wordt dankzij de Amerikaanse psychologe Elaine Aron. Zij bedacht in de jaren negentig de term ‘hoogsensitief’ of ‘hooggevoelig’ voor de naar schatting 15% tot 20% van de mensen wiens zenuwstelsel ontvankelijker is voor prikkels. Zij creëerde daarmee een maatschappelijk geaccepteerd hokje voor hen die overweldigd worden door het leven. Ondertussen zijn de begrippen hoogsensitief en hooggevoelig helemaal ingeburgerd.

Sexy naam

Hoogsensitiviteit is echter breder te trekken dan de eenzijdige focus van Elaine Aron op zintuigelijke prikkels: er is sprake van een hogere stressgevoeligheid van het gehele systeem. Dit stelt onder andere de Belgische klinisch psychologe Elke van Hoof, gespecialiseerd in hoogsensitiviteit en tevens ervaringsdeskundige. Volgens haar is de term hoogsensitief een meer sexy naam voor wat in de persoonlijkheidspsychologie al bekend stond als ‘negatief affect en reactiviteit’. Het betekent dat het stresssysteem geconfronteerd met uitdagingen erg snel reageert met overprikkeling, stress en angst[1].

Gevoelig voor alle prikkels

Wie hoogsensitief is, is in de regel in meer of mindere mate gevoelig voor alle prikkels, zowel van buitenaf als van binnenuit. Wie dit al jaren onderschrijft is drs. Karin Janssen, grondlegster van de Kindigo® KEI-methode en auteur van het boek ‘Kinderen bewust (op)voeden.”  Zij hanteert voor de prikkels die ons zenuwstelsel te verwerken krijgt het KEI-ezelsbruggetje en brengt alle prikkels onder in één van de categorieën kosmische prikkels, externe prikkels en interne prikkels.

Externe prikkels

Externe prikkels komen tot ons via onze zintuigen, dus via zien, horen, voelen, proeven en ruiken. Deze prikkels zijn voor HSP’ers welbekend: een drukke winkelstraat, een kamer vol door elkaar heen pratende mensen, een rommelig huis, harde muziek, kriebelende merkjes, hysterisch bewegende beelden op een scherm. HSP’ers zijn vooral gericht op het reduceren van dit soort prikkels. Tot de externe prikkels behoren volgens Janssen echter ook zaken als luchtvervuiling, uitlaatgassen, chemische luchtjes en elektromagnetische straling.

Interne prikkels

De interne prikkels zijn o.a. afkomstig van verkeerde voeding, infecties, hormonale onbalans, medicatie, vaccinaties, belasting van zware metalen en andere niet-natuurlijke stoffen,  tekorten aan bepaalde vitaminen, mineralen, aminozuren en enzymen. Vandaar dat hooggevoeligen ook veel baat hebben bij een zo natuurlijk mogelijke leefwijze en vaak opknappen na detoxen en bij een dieet zonder E-nummers en allergenen zoals lactose en gluten.

Biochemische kettingreacties 

Maar ook prikkels ontstaan door gevoelens en gedachten behoren tot de interne prikkels. Gevoelens en gedachten zorgen voor biochemische kettingreacties in het lichaam, wat interne prikkels zijn. De emmer raakt dus niet alleen van buitenaf vol, maar ook binnenuit en zélfs door de wijze waarop je denkt en voelt. Op dit gebied is voor de hooggevoelige veel winst te behalen: je eigen mind ligt in principe geheel binnen eigen controle: jij bent de enige die de scepter zwaait in je eigen gevoels- en gedachtenwereld. Tenminste, als het goed is.

Bussen vol bejaarden

Externe prikkels liggen voor een groot deel buiten eigen controle. Een optimale situatie creëren kost vaak veel energie en frustratie ligt op de loer. Heb je net je ZEN-moment in een opgeruimd huis, gaan de buren met de klopboor alle plankjes en gordijnrailsen in huis verplaatsen. Ga je bewust op een rustig moment boodschappen doen bij de supermarkt, stromen er net drie bussen bejaarden binnen die met hun rollator alle gangpaden versperren. Raak je gefrustreerd in bovengenoemde situaties of flip je zelfs de pan uit? Weet dan dat je emmer van twee kanten volstroomt: zowel door prikkels van buitenaf als van binnenuit.

bejaarden rollators

Oké, het vergt een behoorlijke wilsinspanning, training en discipline om je mind en gevoelsleven onder eigen controle te brengen, maar het is mogelijk. En voor de hooggevoelige zelfs noodzakelijk te noemen: daarmee verminder je voor de rest van je leven een deel van de toestroom van prikkels en de figuurlijke emmer raakt daardoor minder snel vol.

Kosmische prikkels

De kosmische prikkels tenslotte, zijn buitenzintuigelijk ontvangen prikkels afkomstig uit de kosmos. zoals informatie die tot je komt door helder voelen, helder zien en helder weten. Ook het kunnen ervaren van de aanwezigheid van entiteiten, het waarnemen van aura’s en het aanvoelen van energieën vallen hieronder.

Kanariepietjes, HSP’ers en stresskippen

In essentie verschillen HSP’ers, stresskippen en kanariepietjes niet zoveel van elkaar: ze zijn allen erg stressgevoelig. Kanariepietjes reageren op specifieke prikkels zoals luchtvervuiling, elektromagnetische straling, chemische toevoegingen in voeding, allergenen in voeding en medicatie echter fysiek sterker dan HSP’ers en stresskippen, en bij hen resulteert het direct in gezondheidsproblemen. Dit heeft te maken met dat het fysieke emmertje van kanariepietjes vol zit en een klein druppeltje deze reeds laat overstromen. Ook HSP’ers en stresskippen hebben vaak overgevoeligheden die op de achtergrond aan het storen zijn, maar omdat de symptomen niet zo expliciet zijn als bij kanariepietjes worden ze gemakkelijk over het hoofd gezien.

Ontprikkel- en energiewinst

HSP’ers en stresskippen staan op de nominatielijst om een kanariepietje te worden. Zodra hun fysieke emmertje vol genoeg zit met afvalstoffen en toxines, de bijnieren uitgeput zijn en het lichaam voldoende verzuurd is, kunnen ook zij veranderen in een kanariepietje. Vandaar dat het voor hen belangrijk is verder te kijken dan enkel zintuigelijke prikkels als oorzaak voor overprikkeling en ook de interne- en kosmische prikkels als mogelijke overprikkelfactoren in het aandachtsgebied te halen. Daarmee valt voor hen bovendien veel ontprikkel- en energiewinst behalen.

 

Meer weten over dit onderwerp? Volg mijn facebookpagina “Overal Gevoelig voor

coverafbeelding facebook groen inclusief energiemanagement

 

 

Bronnen:

Boek Kinderen bewust opvoeden, drs K.M.W. Janssen

Artikel Catherine Ongenae: ‘Ik weet wat het is om je anders te voelen”

Hét gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw: bescherm je elektromagnetische veld

Om gezond te blijven in deze digitale wereld is het van belang te weten dat mobiele telefoons, tablets en slimme gadgets het elektromagnetische veld van ons lichaam verstoren. Elektromagnetisme speelt een rol in al onze lichaamsprocessen: je zou kunnen stellen dat wij zelf een elektromagnetisch veld zijn. Weten hoe dit veld te beschermen is hét gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw. 

vrouw buiten

We eten goijbessen en hennepzaad, schrappen gluten massaal uit ons dieet en kiezen steeds vaker voor producten die biologisch en duurzaam zijn. Omdat we gezond leven belangrijk vinden. Gezond en vitaal blijven is in deze tijd immers geen vanzelfsprekendheid maar iets waar voor gewerkt moet worden, zéker als de 40 gepasseerd is. En dus gaan we in groten getale naar de sportschool, op dieet, detoxen, ontzuren, mineraliseren, naar yoga of een cursus mindfulness.

Grootste geheim
En ondertussen ligt het grootste geheim voor het behoud van onze gezondheid en vitaliteit in de 21ste eeuw te wachten om ontdekt te worden. Niet alleen door de early adopters, maar door iedereen. Leven in de digitale wereld versie 2.0. waarin we uitgerust zijn met smartphones, tablets en andere ‘slimme’ gadgets vraagt iets nieuws van ons. Iets wat nooit eerder een issue is geweest maar zeer essentieel is nu we naar een situatie evolueren waarin alles en iedereen ‘connected’ en ‘wireless’ is, zelfs kattenbakken en kamerplanten (Internet of Things). Dit nu nog onbekende gezondheidsgeheim wordt in de toekomst in ons dagelijks leven net zo vanzelfsprekend als gezond eten, voldoende bewegen en 2 x daags je tanden poetsen, daarvan ben ik overtuigd.

Darwin
Dr. Robert O. Becker, tweemaal genomineerd voor de Nobelprijs voor Geneeskunde zei reeds jaren geleden ‘We leven in een zee van elektromagnetische straling die we niet kunnen waarnemen en wat nooit eerder bestaan heeft op deze aarde.’ Afgelopen 15 jaar zijn we voor onze mobieltjes en tablets aan onze omgeving een dosis elektromagnetisme gaan toevoegen die wel tot een biljoen keer hoger is dan de hoeveelheid elektromagnetisme die van nature op aarde aanwezig is. Het is naïeve te denken dat dit zonder gevolgen is. Elektromagnetisme is één van de 4 fundamentele krachten uit de natuurkunde net als zwaartekracht en de kernkrachten. Bovendien heeft ons organisme zich normaliter pas na een aantal generaties aangepast aan veranderingen in de omgeving. Volgens Darwin hebben zij die zich het beste kunnen aanpassen aan hun omgeving de meeste overlevingskans. In die aanpassing ligt het gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw besloten: wij moeten ons elektromagnetische veld beschermen om de simpele reden dat wij zelf elektromagnetisch zijn.

quote Darwin

Wij zijn elektromagnetisch
Dat wij elektromagnetisch zijn is in de medische wetenschap al bekend: het EEG en ECG meten het elektromagnetisch veld van onze hersenen en hart. Elektromagnetisme speelt een rol in al onze biologische processen: van de celdeling, cel differentiatie en afscheiding van hormonen tot de groei en functie van de zenuwen. Onze hersenen werken door elektriciteit en er bevinden zich bovendien magnetiteitkristallen in de hersenen die reageren op veranderingen in elektromagnetisme. Dit laatste gebeurt ook in onze cellen: celwanden hebben een elektromagnetische spanning en bepaalde receptoren in de celwand reageren op verschillen in elektromagnetisme. Hierdoor ontstaat binnen een paar seconden een kettingreactie  in de cel. Bij deze kettingreactie worden o.a. veel vrije radicalen gevormd.

Artsen en wetenschappers
Ons elektromagnetisch veld is zeer gevoelig voor verstoringen en heeft daarom bescherming nodig. Dat is geen science fiction of geneuzel van zweverige types maar iets wat door vele vooraanstaande wetenschappers en artsen wordt bevestigd. Onder hen de eerder genoemde chirurg dr. Robert O’Becker, tevens auteur van het boek ‘the body electric’, dr. Hugh Taylor, hoofd van de afdeling Verloskunde en Gynaecologie van Yale Universiteit, professor emeritus Martin Pall, dr. Andrew Goldsworthy en de New Yorkse arts dr. Gonzales. In onderstaande video legt dr. Gonzales in een paar minuten heel helder uit waarom wij ons elektromagnetisch veld moeten beschermen.

Video: Dr. Gonzales legt uit waarom wij ons elektromagnetische veld moeten beschermen

Gezondheidseffecten
Volgens Dr. Gonzales zijn wij zelf een elektromagnetisch veld. In de video benadrukt hij dat wij ons ervan bewust moeten zijn dat we ons elektromagnetisch veld verstoren iedere keer dat we onze smartphone of tablet gebruiken, of zelfs alleen in onze hand houden. We beïnvloeden het ook als we in de buurt komen van een wifi-router, draadloze huistelefoon of zendmast voor mobiele telefonie. Als we ons elektromagnetisch veld beïnvloeden heeft dat effect op ons zenuwstelsel, op onze biologische processen en zelfs op ons DNA. Voor kinderen zijn de effecten nog sterker doordat ze nog volop in ontwikkeling zijn. Een verstoring van ons elektromagnetische veld kan in verband worden gebracht met allerlei gezondheidsproblemen: van slaapstoornissen en hoofdpijn tot aan depressies, ADHD en autisme.

Hippocrates
Omdat we het niet kunt zien, horen of ruiken is lastig voor te stellen dat elektromagnetische velden invloed kunnen hebben. Bovendien kunnen we de effecten van een verstoring van ons eigen elektromagnetische veld meestal niet direct waarnemen of ervaren omdat ze vooral plaatsvinden op het subtiele niveau van biochemische processen in ons lichaam. En daardoor lijkt het beschermen van ons eigen elektromagnetische veld iets wat geen prioriteit heeft, maar niets is minder waar.  Hippocrates sprak de wijze woorden:

“Ziekten overvallen ons niet als een donderslag bij heldere hemel, maar ontwikkelen zich uit de dagelijkse kleine zonden tegen de natuur. Als deze zich hebben opgehoopt, breken ze schijnbaar plotseling door”

Uitdaging
De uitdaging waar wij in de 21ste eeuw voor staan is niet de technologie een halt toe roepen en terug gaan naar de jaren ’80: alle ontwikkelingen hebben ons tenslotte ook veel goeds gebracht. De uitdaging zit in het bewust omgaan met deze nieuwe technologieën: we moeten ons bewust worden van de effecten op onze gezondheid en daar op anticiperen. Daarmee moeten we niet wachten tot overheden of instanties ons daartoe aansporen want die hobbelen meestal jaren achter de feiten aan. We moeten daarom zelf aan de slag: voorkomen is immers beter dan genezen. Gelukkig is er veel wat we kunnen doen om ons elektromagnetische veld te beschermen. Zoals de wifi ‘s nachts uitzetten, de mobiele telefoon niet op het lichaam dragen en kiezen voor verbindingen aan draad.

 

Geluk vanuit je darmen

Onze darmen hebben een bepalende invloed op onze stemming en geluksgevoel
Na de vraag ‘hoe is het met je’ zou bij een negatief antwoord standaard de vraag ‘hoe is het met je darmen’ gesteld kunnen worden. Onze darmen blijken van grote invloed op onze stemming en geluksgevoel. Dit komt doordat er in onze buik een gigantische chemische fabriek zit die allerlei stoffen produceert die met gevoels- en stemmingsbeïnvloedende hormonen in verbinding staan zoals sertonine, dopamine en lichaamseigen pijnstillers. Dopamine wordt voor 50% in de darmen aangemaakt en ons gelukshormoon serotonine zelfs voor 95%!

Ons tweede brein
Dat onze darmen meer zijn dan het riool van ons lichaam weten we dankzij de Amerikaanse neurowetenschapper Michael Gershon van de Columbia University in New York. Hij ontdekte een tweede brein in ons buik, ook wel de buikhersenen genoemd. Wie denkt dat deze buikhersenen primitief zijn vergeleken met ons hersenbrein heeft het mis. Onze darmen zijn bedekt met meer dan 500 miljoen zenuwcellen, in tegenstelling tot onze hersenen die ‘maar’ 85 miljoen zenuwcellen hebben. Ons buikbrein is ook bijna een kopie van onze hoofdhersenen: de celtypen, werkzame stoffen en receptoren zijn exact gelijk. Er lopen veel meer verbindingen van onze buik naar onze hersenen dan omgekeerd: maar liefst 90% van informatiestroom gaat van beneden naar boven. Het zenuwstelsel in de darmen werkt zelfs helemaal zonder tussenkomst van de hersenen.

buikbrein versus hoofdbrein

Klachten als gevolg van verstoorde darmwerking
Wanneer de darmwand beschadigd raakt door bijvoorbeeld verkeerde voeding of ontstekingen, kan de productie van hormonen die een positief effect hebben op onze stemming en geluksgevoel verstoord raken. Er zijn allerlei klachten waarvan bekend is dat ze in relatie staan met een slechte darmwerking, zoals psychische problemen, huidproblemen, voedselallergieën, overgewicht en longproblemen.

Wees lief voor je darmen
Als klap op de vuurpijl blijkt dat 70% van onze afweercellen in de darmen te vinden zijn. Onze darmen zijn dus niet alleen van grote invloed op onze stemming en gevoel maar ook op onze gezondheid. Redenen genoeg om beter na te denken over wat wij in onze mond stoppen en onze darmen aanbieden. Wees lief voor je darmen en je darmen zullen je belonen met een goed gevoel én een goede gezondheid!

Blij-makers voor de darmen:

Happy-tummy

  • Zorg voor een goede spijsvertering: dit begint al met het goed kauwen en het met speeksel mengen van de voeding. Neem ook voldoende de tijd voor het eten.
  • Drink elke ochtend op de nuchtere maag een glas warm water met citroensap: het warme water maakt de spijsvertering langzaam ‘wakker’ en de vitaminen en mineralen in de citroen zorgen ervoor dat voedselresten uit je maag en darmen worden gespoeld.
  • Een goede darmflora is essentieel. Een antibioticakuur vernietigt niet alleen verkeerde bacteriën, maar ook de goede bacteriën in je darm. Neem na een antibioticakuur daarom altijd een kuur met probiotica, ofwel goede darmbacteriën. Winderigheid kan een signaal zijn dat je darmflora niet in balans is
  • Je darmen worden blij van een zo natuurlijk mogelijk dieet met zo min mogelijk bewerkt voedsel. Ook het weglaten van zuivel, gluten, vlees en kunstmatige toevoegingen wordt door je darmen erg gewaardeerd.
  • De Japanse Dr Hiromi Shinya adviseert zijn patiënten Kangenwater te drinken. Dit is water wat door een speciale machine is bewerkt waardoor het o.a. een hoge PH-waarde heeft gekregen en is geïoniseerd. Als je wilt weten hoe je darmen er uit zien bij verschillende voedingspatronen én na het drinken van Kangenwater, bekijk dan deze video 
  • Zeoliet is een effectieve ontgifter van de darmen. Het bestaat uit poeder van vulkanische oorsprong. Het zorgt onder ander voor binding (absorptie) en uitleiding van zware metalen (kwik, lood, cadmium), ammonium en histamine. Het werkt ook goed bij voedselovergevoeligheden en het lekkende darm syndroom.
  • Sommige voedselcombinaties zijn lastiger te verwerken voor je spijsvertering dan anderen. Heb je lastige darmen en/of ben je snel winderig, dan is het Hay-dieet waarin voedselcombinaties worden gescheiden wellicht iets voor jou.
  •  Maak je darmen blij met een grote schoonmaakbeurt. In de loop der jaren hopen zich afvalstoffen op in de darmen (slakken) die op hun beurt weer gifstoffen vasthouden en er voor zorgen dat je darmen minder goed voedingstoffen kunnen opnemen. Een darmspoeling (colonhydratherapie) verwijderd deze laag slakken.

Heb jij nog meer praktische blij-makers voor de darmen (en daarmee voor jezelf)? Laat het mij dan weten!

Bronnen:

New Scientist

www.alexanderinstituut.nl

www.osteopaat-amsterdam.nl

www.modernehippies.nl 

www.mamanatural.com

www.theoptimist.nl

De kanarie in de kolenmijn – beroemd zijn is geen optie

Ooit ontving ik een gouden plaat en een TMF-award. Als ik optreed krijg ik te horen “Waarom doe je niet mee aan The Voice?” of “Waarom zien wij jou niet meer op tv?” Het antwoord is simpel: beroemd zijn is voor mij geen optie. Omdat ik een Ferrari heb met een te kleine tank.  Ik het figuurlijke kanariepietje in de kolenmijn ben.


Ik krijg regelmatig te horen dat mensen zich verbazen dat uit zo een frêle lichaam zo een enorm geluid kan komen én ik het met zoveel energie en kracht de ether in kan slingeren. En dat klopt: op het podium smijt ik met energie en gaan alle sluizen open. Alsof ik dagelijks in een sportschool rondhang en kilometers hardloop. Maar niets is minder waar….

Ik was 18 toen mijn lichaam dienst weigerde: ik kon amper mijn ene been nog voor de andere zetten en was tot op het bot toe uitgeput en moe. Een jaar lang heb ik op bed gelegen en na vele onderzoeken kwamen artsen niet verder dan dat ik er maar mee moest leren leven, want de medische wetenschap stond voor een raadsel.  Ik kwam in het vergaarbakje terecht van mensen met onverklaarbare klachten getiteld ‘Chronisch vermoeidheidssyndroom’, wat eigenlijk een synoniem was voor dat het hoogstwaarschijnlijk “tussen de oren” zou zitten.

Als 19-jarige bejaarde was ik absoluut niet van plan mij neer te leggen bij het ‘niet weten’ van de medische wetenschap en bij een onveranderlijk lot van achter de geraniums risken en TV-kijken. Ik wist één ding zeker: wat het ook was, het zat niet tussen mijn oren en ik zou er alles aan doen om mijn energie terug te vinden!  Gezonde mensen willen 1001 dingen maar zieke mensen willen maar één ding: gezond worden. En als dat niet binnen de mogelijkheden ligt, in ieder geval een zinvol leven leiden. En zo begon mijn queeste naar (meer) energie…

Ik had het geluk dat mijn tijdelijke huisarts een studiegenote had die de alternatieve hoek in was gegaan en een boek had geschreven over schimmels, suikers en allergie. Hij wist wellicht dat niks zo slecht is voor je immuunsysteem als je machteloos voelen en een uitzichtloze situatie voorgeschoteld krijgen. En dat het idee van zelf greep hebben op de situatie bijdraagt aan herstel. Onder het motto ‘baat het niet schaadt het niet’, stuurde hij mij het alternatieve circuit in. En zo belandde ik op een weg vol alternatieve artsen, buitengewone therapieën, diëten, energetisch werk en zelfs goeroe’s. Niemand had DE oplossing, daar kwam ik al snel achter, maar van iedereen kreeg ik een waardevol puzzelstukje in handen. Ik ontdekte zelfs dat dat wat zich tussen je oren afspeelt óók een belangrijke bijdrage levert aan het het wel of niet hebben van energie (zie o.a. mijn blog over hoe tobberen en piekeren het lichaam kunnen vergiftigen).

Uiteindelijk bleef de kern van mijn ‘probleem’ over: ik heb een uitermate gevoelig lichaam dat gevoelig is voor verstoringen op zo ongeveer elk gebied: van voeding en additieven daarin, water, lucht en elektromagnetische straling tot aan gedachten en gevoelens.  In die zin kun je mij vergelijken met het kanariepietje in de kolenmijn. Kanaries werden vroeger in de kolenmijnen gebruikt als een vroegtijdig waarschuwingssysteem. Giftige gassen zoals koolstofmonoxide en metaan in de mijn doodden de vogels voordat de mijnwerkers hierdoor werden aangetast. Het gezegde ‘kanarie in een kolenmijn’ wordt daarom vaak gebruikt om te refereren aan een persoon of ding dat dient als een vroegtijdige waarschuwing in een komende crisis.

Na vele jaren worstelen hervond ik mijn oude energie, en zelfs nog meer dan dat, en ontdekte ik dat mijn opgave eigenlijk een gave is.

De voordelen van een gevoelig lichaam:

 Ik kan mij de luxe niet permitteren om:

  • te stressen want dat jaagt mij teveel op
  • negatieve gedachten te hebben want die vergiftigen mij
  • negatieve gevoelens te hebben want dat put mij uit
  • niet vanuit mijn kern te leven want anders kan ik te weinig energie genereren
  • ongezond te leven want dan word ik ziek

Velen zullen bovenstaande een horrorscenario vinden en zeggen ‘wat nou voordelen; ik zie enkel nadelen’! Maar het is maar net hoe je het bekijkt: om je als kanariepietje staande te houden in deze wereld kun je je geen enkele uitspatting op welk gebied dan ook veroorloven. Je moet een buitengewone discipline hebben en het is helaas ook een kostbare zaak; ik hoef alleen maar te denken aan alle kosten die ik gemaakt heb voor mijn dieet, artsen die ik bezocht heb, mijn elektrohypersensitiviteit en alle cursussen, opleidingen en trainingen die ik gevolgd heb om te leren in balans te blijven en mijn energie terug te vinden.

Tegelijkertijd is het een pad waarop heel veel verborgen schatten en wijsheden te vinden zijn, niet alleen voor jezelf maar ook voor de mensen om je heen. Want met een kanariepietje in de buurt krijg je nét iets eerder een waarschuwing als er in figuurlijke zin gas of methaan is, bijvoorbeeld omdat voeding, water, lucht of de ether vervuild zijn of er zaken in de samenleving niet kloppen. De kanariepietjes zijn de levende lakmoestesten van de maatschappij.

Gelukkig komt er langzamerhand meer begrip in de wereld voor de (over)gevoeligen. In 2015 ging een film over hoogsensitieve personen in premiere waarin o.a. zangeres Alanis Morisette haar verhaal doet. Ca. 20 procent van de mensheid zou hooggevoelig zijn: onder hen bevinden zich veel artiesten en kunstenaars. Binnen de categorie hooggevoeligen zou ik graag nog de categorie ‘kanariepietjes’ willen onderscheiden, een kleine subcategorie die niet gevoelig, maar óvergevoelig is.

Mijn queeste naar meer energie is nog steeds niet ten einde. Ik kan gelukkig met een ijzeren discipline een zinvol leven leiden als moeder, zangeres en (zang)coach. Omdat ik in mijn zoektocht naar energie geleerd heb andere bronnen van energie aan te boren en omdat ik weet waar mijn grenzen liggen. Dus nee, beroemd worden is voor mij geen optie: mijn Ferrari heeft een te kleine tank. Maar dat wil niet zeggen dat ik er niet af en toe lekker mee wil scheuren. Niet bij de Grand Prix, maar gewoon het circuit van Zandvoort tussen de recreanten, wat minstens net zo leuk en dankbaar werk is. En vandaar dat ik in de muziekwereld niet veel verder ben gekomen dan een eendagskanarie.  Maar wel eentje die één dag enorm heeft rondgevlogen en genoten. Om daarna uitgeput en met de neus op de feiten gedrukt een noodlanding te maken.

Ik deel mijn verhaal in de hoop dat er meer begrip komt voor de kanariepietjes in deze wereld. Die helaas vaak met een verkeerde diagnose vleugellam in hun kooi zitten omdat de wetenschap geen of een verkeerd antwoord heeft op hun gevoeligheden en de daardoor veroorzaakte misère. Terwijl het in essentie vaak hele krachtige mensen zijn wiens gevoeligheden tegelijkertijd een gave zijn waar de maatschappij veel baat bij kan hebben als ze er open voor zou staan. Net als dat de gevoeligheid van de kanarie voor gas heel wat levens van mijnwerkers heeft gespaard.

Meer lezen over dit onderwerp?

Kanariepietjes: de levende lakmoestesten in de maatschappij

Overal gevoelig voor? Vijf punten om te checken of je een kanariepietje bent

Hooggevoelig = stressgevoelig 

Gezond blijven: maak je cellen blij

Haal jij goed adem? – Ademweetjes voor vocalisten

De ademhaling: basis van zingen

De  ademhaling is de basis van zingen. In de huidige samenleving waar stress eerder regel dan uitzondering is halen velen verkeerd adem. De ademhaling is dan te diep, te vaak en/of te oppervlakkig. Als je verkeerd ademt, dan is een gevolg dat je tijdens het zingen minder adem hebt om volume te maken, lang op één adem te zingen of uit te halen.

Wat is een goede ademhaling?

Zittend op een stoel is ca. 6 keer per minuut ademhalen voldoende. Een informatief filmpje hierover is van Koen de Jong, auteur van het boek “De Verademing”.

Door stress en verkeerd ademen raakt het ademhalingsorgaantje in onze hersenen ontregeld. Het gaat dan steeds sneller een signaal afgeven dat er weer adem moet worden gehaald. Hierdoor word je in feite kortademig zonder dat je dat in de gaten hebt. Een term voor deze status quo is ‘verborgen hyperventilatie’. Het is geen hyperventilatie in de zin van dat je loopt te snakken naar adem, een vorm van hyperventilatie die je niet over het hoofd kunt zien omdat het zeer vervelend is. Verborgen hyperventilatie merk je veelal niet op, tenzij je je ademhaling onder de loep neemt en er achter komt dat je in rust veel vaker ademhaalt dan 6 keer per minuut.

Ademvolger

Om een indruk te krijgen wat een goede ademhaling is, kun je in rust je ademhaling synchroniseren met deze online ‘ademvolger’: .

Je moet deze oefening kunnen doen zonder al te diep te gaan ademen. Loop je te snakken naar adem, of moet je heel diep ademen om de ademvolger bij te kunnen houden, dan is er een goede kans dat je verborgen hyperventilatie hebt.  Deze ademvolger is ook als App te koop: de Respiroguide Pro (kosten ca. 1,95).  In deze app kun je de ademhalingsnelheid aanpassen: hij kan iets sneller en langzamer ingesteld worden.

Ademhalingsorgaantje trainen

Mocht je verborgen hyperventilatie hebben en/of meer adem willen creëren voor het zingen, dan is de Buteyko-techniek aan te raden. Dr. Buteyko was een Russische arts die verborgen hyperventilatie op het spoor kwam. Hij heeft een techniek ontwikkeld om je ademhalingsorgaantje te ‘hertrainen’ waardoor het opnieuw afgesteld wordt en de ademprikkel langer uitgesteld. Dit kan je zangkwaliteiten enorm ten goede komen!

Een interview met dr. Buteyko over de ademhaling:

In onderstaande Nederlandse video wordt in het kort uitgelegd wat een te snelle ademhaling doet, waarom je er kortademig van wordt en wat de gevolgen zijn. Een belangrijk signaal voor verborgen hyperventilatie is de aanwezigheid van fysieke klachten zoals vermoeidheid, een opgejaagd gevoel, hoofdpijn, tintelingen, duizelingen. Maar het heeft dus ook een negatief effect op je zangmogelijkheden!

De Buteyko-techniek kun je niet zelf leren: je hebt daar de hulp van een gecertificeerde Buteyko-therapeut voor nodig.  Een informatieve website over de Buteyko-techniek is www.buteyko-instituut.nl

Tobben en piekeren zijn schadelijk en vergiftigen ons lichaam

Stelling: Tobben en piekeren zorgen voor stress, vergiftigen het lichaam en ondermijnen de gezondheid.

DEEL 1: Hoe onze gedachten een rechtstreekse uitwerking hebben op onze          fysieke gezondheid

Onze gedachten hebben een rechtstreekse uitwerking op onze fysieke gesteldheid en onze gezondheid. Hoe kan dat?

Onze zintuigen (zien, voelen, proeven, horen, ruiken) zijn de toegangspoorten tot de hersenen. Als er een prikkel van buitenaf is ontstaat er via de poorten van de zintuigen een trilling. Die trillingen zorgen ervoor dat er een electrische ontlading plaatsvindt in de kern van een zenuwcel in de hersenen (neuron). Door die electrische ontlading komen er stofjes vrij, neurotransmitters. Deze neurotransmitters zorgen ervoor dat de electrische stroom van de ene hersencel aan de andere wordt doorgegeven en tegelijkertijd geven ze allemaal informatie door aan het lichaam. Aangekomen op de juiste plek in de hersenen worden deze electrische stroompjes omgezet in plaatjes: geluidsplaatjes, beeldplaatjes, geurplaatjes, gevoelsplaatjes en smaakplaatjes. Dit is het materiaal waarmee de hersenen kunnen ‘rekenen’. Samengevat kun je zeggen dat gebeurtenissen in de wereld biochemische en bio-electrische effecten in het lichaam teweeg brengen en dat ons zenuwstelsel die effecten vervolgens organiseert in zintuigelijke indrukken. De conclusie die je hieruit kan trekken is dat er een wereld buiten ons is, maar dat we de werkelijke eigenschappen van die wereld zullen we nooit kennen (Korzybski). Zelfs onze onmiddelijke zintuigelijke indrukken zijn dus al geen natuurgetrouwe afspiegeling meer van de wereld, maar een product van ons zenuwstelsel!!!

Niet alleen zintuigelijke prikkels kunnen processen in de hersenen van start laten gaan: ook het denken kan dat. De hersenen kunnen echter geen onderscheid maken tussen een gedachte en een zintuigelijke prikkel: het effect op het lichaam is hetzelfde. Dit heeft te maken met dat gedachten ook electrische impulsen zijn die over dezelfde neurale netwerken gaan als de electrische stroompjes afkomstig van zintuigelijke prikkels. Het gevolg is dat de beeldplaatjes en geluidsplaatjes die de hersenen aangereikt krijgen via zintuigelijke prikkels, hetzelfde zijn als die bij gedachten. Om te checken of dit klopt hoef je alleen maar het volgende experiment te doen. Denk eens aan een sappige citroen: zie voor je geestesoog een citroen en neem daar in gedachten eens een hap van: proef het zure sap en voel hoe het overtollige sap langs je vingers naar beneden druipt. Je zal merken dat je speekselklieren gelijk beginnen te werken. En ander voorbeeld: mannen kunnen een erectie krijgen alleen al door de gedachte aan een aantrekkelijke vrouw!

De hypofyse is de plek in de hersenen waar informatie uit de buitenwereld (zintuigelijke prikkels) en binnenwereld (gedachten) wordt omgezet in biochemie. Immers, het lichaam moet voor zijn overleving telkens in staat zijn adequaat te reageren op de omgeving. Staat er ineens een tijger voor je neus, dan moet je kunnen vechten of vluchten en wordt er adrenaline aangemaakt. Huilt je hongerige baby, dan moet er voldoende oxytocine worden aangemaakt zodat je de aandrang voelt contact te maken met je baby en hem de borst te geven.

Wij zijn geneigd te denken dat de hoeveelheid stress die een mens heeft in relatie staat met de hoeveelheid dingen die hij op een dag meemaakt of te doen heeft. Maar het blijkt dat mensen die weinig tot niks te doen hebben minstens net zoveel stress kunnen hebben als mensen die de hele dag actief zijn. Sterker nog: mensen die de hele dag niks doen hebben misschien nog wel meer fysieke stress omdat er geen fysieke actie is die de spiegels van de stresshormonen naar beneden kunnen halen; er is geen fysieke actie die de adrenaline kan verbranden!

Een spreekwoord is ‘geluk is met de dommen’ en daar zit een kern van waarheid in: hoe slimmer de mens, hoe actiever het denken en hoe meer de neiging om te tobben en te piekeren. Heb je een spannend gesprek zoals een sollicitatiegesprek, dan is er een grote kans dat het gesprek al minstens 50 keer heeft plaatsgevonden in je hoofd voordat je überhaupt het gesprek hebt. En dus 50 keer worden er stresshormonen waaronder adrenaline aangemaakt alsof het gesprek daadwerkelijk plaatsvind.

Hoe hoge spiegels aan stresshormonen ons lichaam vergiftigen en onze gezondheid ondermijnen

Hoge spiegels aan stresshormonen vergiftigen een mens, ondermijnen zijn gezondheid en hebben schadelijke gevolgen. Hieronder een paar voorbeelden:

Adrenaline is een stof die ervoor zorgt dat de werking van het immuunssysteem tijdelijk onderdrukt wordt. Als je moet vechten tegen een tijger, dan vindt het lichaam het ‘vechten tegen een bacterie’ eventjes totaal onbelangrijk. Als die tijger jou straks doodt, dan is die bacterie er tenslotte ook geweest… Adrenaline remt ook de spijsvertering: het verteren van bijvoorbeeld een broodje kaas is een luxe waar het lichaam geen energie in wil steken omdat het ervanuit gaat dat jij straks ‘het broodje kaas’ voor die tijger te kunnen worden! Adrenaline remt ook de behoefte aan slaap.

Adrenaline die niet gebruikt wordt is een dusdanig gevaarlijke stof voor het lichaam dat het lichaam cortisol aan gaat maken om de schadelijke effecten van de adrenaline ongedaan te maken. Maar een langdurig hoog gehalte aan cortisol zorgt voor het verschrompelen van de hippocampus, een deel in de hersenen dat belangrijk is voor het geheugen en de concentratie. Een kenmerkend symptoom van stress is dan ook vergeetachtigheid. Als er te lange tijd veel cortisol aangemaakt moet worden om de schadelijke effecten van de adrenaline te neutraliseren, dan kunnen de bijnieren uitgeput raken. Het gevolg daarvan is dat er juist een te laag cortisolgehalte ontstaat waardoor mensen extra gevoelig raken voor stress. Omdat cortisol ook nodig is voor het functioneren van de schildklierhormonen kan een uitputting van de bijnieren ook leiden tot spierzwakte, gevoeligheid voor koude en andere klachten die horen bij hypothyreoïdie (te lage schildklierfunctie).

De stresshormonen adrenaline en cortisol verhogen de bloedsuikerspiegel, om veel energie te creëren om te kunnen vechten of vluchten als er een tijger is die jou wil aanvallen. De meeste mensen verrichten echter geen enkele noemenswaardige fysieke actie bij stress voor een examen, een sollicitatiegesprek of ongewenst bezoek. Insuline is het hormoon, wat ervoor zorgt dat bloedsuiker omgezet kan worden in energie, die nodig is bij vechten of vluchten; door verbranding van suiker in de cellen ontstaat energie. Deze verbranding zorgt er ook voor dat de bloedsuikerspiegel weer naar normale waarden wordt teruggebracht. Als je niet gaat vechten of vluchten bij stress moet de bloedsuiker op een enigszins geforceerde manier terug worden gebracht naar normale waarden. Als er vaak stress optreedt zonder dat je intensief gaat bewegen vlak na de stress, gaat deze regulering moeizamer. Door langdurige stress kunnen mensen gevoeliger worden voor bloedsuikerspiegelaandoeningen zoals hypoglycemie en diabetes.

Bij stress worden er in eerste instantie lichaamseigen pijnstillers aangemaakt (endorfinen), om een eventuele wond te kunnen negeren als je gewond raakt bij het vechten of vluchten voor je leven. Maar bij langduriger stress zal er uitputting ontstaan, waardoor er juist minder endorfinen worden aangemaakt wat kan leiden tot een verhoogde gevoeligheid voor pijn.

Tobben en piekeren verstoren de slaap en de regeneratie van het lichaam

Niet zelden zeggen mensen ten tijde van een stressvolle periode ‘Ik heb er slapeloze nachten van’. Als je aan het tobben en piekeren bent, probeer dan de slaap maar eens te vatten; dat zal alleen met de grootste moeite komen. Hoe komt dat? Als je in gedachten met dat spannende gesprek bezig bent terwijl je in bed ligt, krijgen je hersenen telkens de signalen dat je in een spannend gesprek zit, in plaats van dat je in bed ligt; die informatie is ondergeschikt aan de informatie dat je in een spannende gesprek zit omdat daar al je aandacht naartoe gaat.  Hierdoor blijf je je sympatische zenuwstelsel, het deel van het zenuwstelsel dat ervoor zorgt dat je lichaam in een staat van paraatheid komt, actief en zit het bloed vol met adrenaline waar het niks mee kan. Omdat je in bed ligt is er ook geen actie waardoor de adrenaline verbrand kan worden. Het duurt daarom heel lang voordat het parasympatische zenuwstelsel, dat deel van het zenuwstelsel dat verantwoordelijk is voor rust en regeneratie en wat actief dient te worden tegen de tijd dat je gaat slapen, het roer weer over kan nemen en je in slaap valt. Vaak heb je na tobben en piekeren een onrustige slaap en wordt je de volgende ochtend niet uitgerust wakker. Je lichaam heeft tenslotte nog steeds een hoge spiegel aan stresshormonen en heeft te weinig kunnen rusten en regeneren. Op langere duur zorgt dit voor gezondheidsproblemen.

Masuru Emoto en het effect van gedachten op je lichaam

Masuru Emoto is een Japanse wetenschapper die het effect van intenties op water heeft onderzocht. Water is het meest beïnvloedbare element. Masuru Emoto heeft waterkristallen gefotografeerd en daarna bloot gesteld aan woorden, emoties, muziek, gedachten en teksten. Daarna heeft hij de waterkristallen van hetzelfde water opnieuw gefotografeerd. Wat blijkt: positieve gevoelens, woorden en gedachten zorgen voor het ontstaan van mooie waterkristallen en negatieve gevoelens, woorden en gedachten zorgen voor lelijke waterkristallen. Ons lichaam bestaat echter ook voor minstens 70% uit water dus als gedachten en intenties al zo een invloed kunnen hebben op ijskristallen, wat voor een invloed hebben gedachten dan op ons lichaam?

masuru emoto joy

DEEL 2: Jezelf verlossen van tobben en piekeren

Hoe verlos je jezelf van tobben en piekeren? Je bent pas in staat jezelf van tobben en piekeren te verlossen als je echt de noodzaak inziet dat het van essentieel belang voor je gezondheid en welbevinden is dat je jezelf verlost van tobben en piekeren. Pas dan zul je alles eraan doen om ervan verlost te raken. Het begint dus met inzicht.

Inzicht 1: over het thuisbrengen van de geest

Het is een mythe dat je jezelf alleen verlost van tobben en piekeren door aan de slag te gaan met de inhoud van je gedachten. Dus door je problemen op te lossen en in therapie te gaan. Therapie kan nodig zijn om de inhoud van de harde schijf van je computer eens flink op te schonen, bestanden in de juiste mapjes te zetten (dus geen muziek bij de afbeeldingen) en andere bestanden in de prullenbak te gooien. Therapie verlost je niet van tobben en piekeren: het kan wel je leven een stuk rustiger maken doordat je computer meer de juiste data tot zijn beschikking heeft en de grootste virussen en spyware zijn opgeruimd. Hierdoor wordt er minder snel alarm geslagen en kom je minder snel in de problemen door inadequate reacties en gedragingen. En daardoor kan er meer ruimte ontstaan om datgene te doen wat je wel verlost van tobben en piekeren: het thuisbrengen van de geest. Dit is een boeddhistische uitdrukking wat inhoudt dat je je denken kalmeert. Bij het thuisbrengen van de geest ga je je niet bezig houden met de inhoud van je denken, maar met de vorm en de aard van het denken. Je gaat de gekte van de machinerie onder ogen zien en jezelf daarvan leren te distantiëren.

 Inzicht 2: het denken is van nature als een slingeraap

 Het denken is van nature als een slingeraap: het associeert alles aan elkaar vast en springt van de hak op de tak. Het is niet in staat zijn aandacht lang op één ding gericht te houden en het kan al helemaal niets met ‘niets’. Ga maar eens op de bank zitten en doe maar eens niks. Merk de grijperigheid van je geest op: het is aan het zoeken, wil prikkels en iets te doen hebben: bellen, lezen, tv kijken, nadenken over een probleem etc. Als je niet doorhebt dat het denken zo werkt ben je een slaaf van je eigen denken en is het onmogelijk echt tot rust te komen. Een thuisgebrachte geest is een verstilt denken. Het is een denken dat rustig is en dat gemakkelijk kan focussen en de aandacht vast kan houden. Er is niet alleen sprake van concentratie (aandacht op één punt richten) maar ook van gewaarzijn (wijde focus). Je kunt het denken alleen maar thuisbrengen door oefening en inzicht. Dé methode om dit te bereiken is meditatie.

Wat maakt dat ons denken als een slingeraap is?  Wij mensen hebben een miljoenen jaren evolutie achter de rug voordat we zijn geworden wie we nu zijn. Patronen die belangrijk zijn voor onze overleving hebben we via  overerving doorgekregen. De meest basale drijfveer van een mens en dier is het streven naar genot en het vermijden van pijn. Eén van de taken van onze hersenen is ervoor te zorgen dat wij niet op de eerste de beste straathoek worden opgevreten door een tijger.

Wat genot oplevert en wat pijn, dat leren de hersenen door middel van ervaringen: worden we beloont of worden we gestraft? De informatie wat pijn oplevert en wat genot wordt opgeslagen in onze hersenen: in het geheugen. Het geheugen is de machinerie die ervoor zorgt dat de reacties van het body-mindsysteem goed afgestemd zijn op de externe omgeving.

Inzicht 3: het denken is altijd doelen aan het nastreven om pijn te vermijden en genot na te streven.

Het vermijden van pijn en het streven naar genot houdt ons denken flink bezig. In onze huidige maatschappij hoeft ons denken niet meer de hele dag bezig te zijn met overleven door tijgers te ontlopen en te zoeken naar voedsel en een veilige plek om te slapen.  De wereld is verandert sinds de oertijd, maar de aard van de geest niet: het is nog steeds altijd op zoek. Ons denken is altijd op zoek: op zoek naar hoe het nog beter en fijner kan. En zo ontstaan doelen. Als ik dit of als ik dat heb bereikt of gedaan dan…..kan ik eindelijk genieten, kan ik eindelijk uitrusten, ben ik eindelijk gelukkig, zullen mijn ouders eindelijk eens zien wie ik écht ben etc etc.

En dus zet je jezelf in om het ene doel na het andere doel te bereiken met de gedachte dat als het doel bereikt is dat je dan…..gelukkig bent, vrede hebt, rust hebt, kunt genieten etc etc. Maar het is als een wortel aan een stok die je voor een ezel houdt: de ezel loopt achter de wortel aan maar zal de wortel nooit te pakken krijgen. Met het behalen van doelen is het net zo:  dat wat het behalen van een doel je op zou leveren is nooit van lange duur. Heel even kun je genieten, ben je gelukkig en zien je ouders je staan. Maar deze status quo is binnen no time de normale gang van zaken en dan komt het denken weer met een ander doel dat behaald moet worden. Dat is nou eenmaal de aard van het denken: het denken is altijd bezig, altijd op zoek!

Inzicht 4: je kunt het denken niet uitzetten: het is altijd bezig

Het denken is altijd bezig: het denken kun je niet uitzetten. Gedachten komen en gaan. Want neuronen in de hersenen blijven altijd vuren en associeren: daar hoef jij helemaal niks voor te doen. Je hebt in feite net zo weinig te maken met de gedachten die in je bewustzijn verschijnen als met het verteren van je voedsel: het is een mechanisme.

Inzicht 5: de hersenen zijn meaning making machines

Je kunt je hersenen zien als een computer: het rekent met de data die er van tevoren zijn ingevoerd: zonder data geen berekeningen. De data waar jouw computer mee rekent zijn alle ervaringen, gedachten en gevoelens uit jouw leven. Op het moment dat je iets meemaakt gaan je hersenen razendsnel aan de slag om de informatie te vergelijken met eerder opgeslagen informatie om razendsnel een betekenis te kunnen geven aan wat je meemaakt (gevaar, geen gevaar, genot, pijn etc) zodat je wanneer het nodig is gelijk de passende reactie hebt. Het geheugen is dus de machinerie die ervoor zorgt dat de reacties van het body-mindsysteem goed afgestemd zijn op de externe omgeving. Betekenis geven aan dat wij meemaken  is essentieel voor onze overleving. De betekenis die aan een ervaring wordt gegeven is zeer subjectief en in lijn met de ervaringen en betekenissen die er al zijn opgeslagen in je hersenen. Ben je ooit gebeten door een hond en heb je van te voren of achteraf niet voldoende ervaringen opgedaan met lieve honden, dan zul je voor de rest van je leven honden associeren met gevaar. Ben je als kind ooit ontzettend uitgelachen en gepest toen je een rode jas aanhad, dan is er een kans dat je voor de rest van je leven de kleur rood associeert met gevaar. What fires together wires together. Ervaringen zijn per definitie betekenisloos en kunnen je niet overstuur, boos of teleurgesteld maken: het zijn betekenissen die je aan de ervaring geeft die dat doen.

 Inzicht 6: Ons intellect is beperkt en niet in staat een realistische weergave van de werkelijkheid te geven

In onze westerse samenleving wordt het ontwikkelen van ons denken, ons intellect, als heel belangrijk gezien; misschien wel als één van de belangrijkste dingen die je als mens kan ontwikkelen. Er is dan ook een enorm hoge waardering voor het ontwikkelen van ons intellect: ons schoolsysteem is volledig voor dat doel ingericht. Eén van de eerste hokjes waar je als mens in wordt ingedeeld is het hokje of je slim bent en een goede leerling of dat je niet zo slim bent en een slechte leerling. Het grootste deel van je jeugd is dat één van de belangrijkste meetlatten waar je als mens langs wordt gelegd. En als je eenmaal een baan gaat zoeken blijft die meetlat van het intellect je achtervolgen, want de financiële beloning voor arbeid is mede gebaseerd op de mate waarin het intellect ontwikkeld moet zijn en de mate waarin je voor het werk kennis hebt moeten vergaren. Een hele belangrijke filosoof, Descartes, zei in de 16e eeuw al ‘ik denk dus ik besta’. Zijn manier om naar de waarheid te zoeken was de methodische twijfel: door systematisch aan alles te twijfelen. Ook de wetenschap is een ‘tak van sport’ waarin alleen datgene erkent wordt wat door het denken verklaard, onderscheiden en geanalyseerd kan worden: ‘meten is weten’.

Door de nadruk in onze samenleving op (de ontwikkeling van) het intellect en doordat waarheidsbevinding en denken zo aan elkaar gekoppeld zijn geraakt, weten de meeste mensen niet beter dan dat het denken hét instrument is dat ons tot de waarheid kan leiden en dat dat hét instrument is waarmee we onszelf uit de problemen kunnen halen, of waarmee wij problemen kunnen voorkomen.

Vandaar ook dat de meeste mensen zodra ze tegen een probleem aanlopen in het leven hun denken overuren laten draaien om de oplossing te bedenken. En dat mensen als ze iets met hun denken niet kunnen bevatten of waar de wetenschap geen antwoord op kan vinden als ‘onwaar’ of ‘onzin’ afdoen.

Wat mensen zich niet realiseren, is dat ons intellect beperkt is.

Het deel van ons denken dat wij het intellect noemen, is niet anders dan een machientje, een soort computer die patronen zoekt en maakt en die berekeningen kan maken. Het is een machientje dat tot kennis komt, door ‘dit’ van ‘dat’ te onderscheiden en het hakt de werkelijkheid als het ware in stukjes. Iets is ‘dit’ en dus niet ‘dat’. Iets is donker óf licht, warm óf koud, aardig óf stom, goed óf fout. Dit wordt dualiteit genoemd. Op deze manier kan de werkelijkheid geanalyseerd en gecategoriseerd worden en voor ons begrijpelijk worden gemaakt. Maar bij het reduceren van data tot hapklare brokjes vinden vervormingen en weglatingen plaats. Zo is voor het denken 2 + 2 altijd 4, maar van realistisch standpunt is dat niet altijd zo. Twee koeien en twee microben zijn niet echt met elkaar te vergelijken. Als je een veld met 4 koeien neemt en je vraagt hoeveel dieren er in het veld staan, dan zeg je waarschijnlijk 4. Maar in realiteit zijn het er veel meer: er zijn ook mieren, wormen, torren, microben, bacteriën etc. Maar deze laat het denken weg omdat het met zoveel niet te ‘grijpen’ data niet kan rekenen.

Via het intellect kun je het leven nooit volledig begrijpen omdat alle onlogischheid buiten beschouwing wordt gelaten! De mens en de natuur zijn niet logisch: het enige dat logisch is is het intellect!

De werkelijkheid is veel breder en rijker, dan wij met ons denken kunnen bevatten. De werkelijkheid sluit alles in: iets kan goed én slecht zijn, lelijk én mooi, koud én warm. Maar ons denken kan hier niks mee, want met iets dat ‘dit’ én ‘dat’ is kan het niet rekenen.

Ons denken is een prima instrument om praktische, logische problemen mee op te lossen zoals via welke route kom in het snelst in Amsterdam  of waar ik het goedkoopst boodschappen kan doen als ik deze twee reclamefolders met elkaar vergelijk.

Maar pas je datzelfde logisch denken toe op emotionele kwesties, menselijk gedrag en de natuur, dan sla je al heel snel de plank mis want emoties, mensen, het leven en de natuur zijn niet logisch. Het enige logische is het denken! Je hoeft alleen maar te kijken hoe vaak de weerman er naast zit ondanks zijn zeer geavanceerde modellen die precies het verloop van het weer kunnen berekenen en waarin statistieken ook mee zijn genomen. Dan ineens blijkt de wind zomaar van richting veranderd te zijn…..

Ook is het zo dat je denken alleen maar kan rekenen met de data die het heeft, die het ooit via ervaring en het opdoen van kennis tot zich heeft genomen. Kennis verzameld door de zintuigen, opgeslagen als herinneringen en doorberekend en verwerkt door het intellect, kan nooit omvangrijk genoeg zijn om de werkelijkheid te bevatten. Jouw kennis en je ervaringen zijn per definitie beperkt. Want hoeveel informatie je ook vergaard in één gebied, je zal altijd onwetend blijven op andere gebieden waar je je aandacht niet op richt of waar je nooit aan blootgesteld bent geweest. Daarnaast is het zo dat er altijd sprake is van 3 categorieen informatie: dat waarvan je weet dat je het weet, dat waarvan je weet dat je het niet weet en dat waarvan je niet weet dat je het niet weet. Deze laatste twee categorie nemen de hersenen nooit mee in hun berekeningen terwijl ze wel van invloed zijn.

Alleen als je alle levens van alle mensen geleefd zou hebben en alle kennis die er in de wereld beschikbaar is zou bezitten, zou je misschien in staat zijn een redelijke adequate berekening te maken. Maar omdat dat nooit zal gebeuren zullen je berekeningen en verklaringen altijd mank gaan omdat je informatie mist. Een voorbeeld: Stel jij woont in een wereld waar iedereen goed is en je hebt alleen maar positieve ervaringen met en je hebt ook nog nooit een boek gelezen of een film gezien waarin mensen ook slecht in kunnen zijn. Je bent bakker en ineens is er een brood uit jouw winkel verdwenen. Jij zal dan de situatie verklaren vanuit jouw ervaringen en kennis. Je zal denken dat het brood is kwijtgeraakt of dat het door een groep muizen is opgegeten, of dat iemand het brood heeft meegenomen toen de jij op het toilet zat, maar dat die persoon straks nog terug zal komen om te betalen. De mogelijkheid dat iemand het brood gestolen kan hebben komt niet in je op omdat die mogelijkheid niet in je ervaring en kennis zit en dus niet behoort tot data waarmee gerekend kan worden.

Met ons denken kunnen we de werkelijkheid voor ons zelf overzichtelijk en begrijpelijk maken, maar met ons denken kunnen we geen waarlijk contact maken met de werkelijkheid. Je kunt een driedimensionale wereld niet met een tweedimensionaal denken bevatten!

Met het denken de werkelijkheid willen bevatten is als de essentie van een bloem willen leren kennen door haar te analyseren door de blaadjes eruit te trekken. Je weet dan misschien hoe een bloem eruit ziet en hoeveel blaadjes eraan hebben gezeten, maar de essentie van de bloem is in de analyse verloren gegaan.

De werkelijkheid is per definitie veel breder en rijker dan je denken kan bevatten. Het enige dat de werkelijkheid in zijn volledige volheid kan bevatten is bewustzijn. Bewustzijn is waarnemen zonder oordeel. Bewustzijn sluit niks uit (zoals het denken wel doet), maar sluit alles in. In bewustzijn kan iets én goed én slecht zijn, kan iets mooi én lelijk zijn.

De uiteindelijke werkelijkheid van de fysieke wereld zal nooit ontdekt kunnen worden door het intellect van de mens. Het intellect kan geen contact maken met de realiteit: alleen de fabricaten van het eigen denken zijn door het intellect te onderzoeken. Zo wordt de eigen fantasie onderzocht, gemeten en geweten en – uiteraard- wordt bevestiging gevonden. `Dit (mijn gekte) is waar…` De realiteit kan alleen ervaren worden in het ´hier en nu´. Zo een directe objectieve bewuste ervaring kan alleen opgedaan worden door een enkele totale waarneming waarbij alle zintuigen betrokken zijn. Zo een ´duik in de oceaan van de totale ervaring`  is iets totaal anders dan de werking van het intellect. Zulk ervaren is voor het intellect niet mogelijk.

Het denken kan de wereld niet zien zoals ze is omdat het denken geen contact kan maken met de werkelijkheid zelf. Het denken is voor zijn informatievoorziening volledig afhankelijk van wat de zintuigen aan input geven. Wij krijgen per seconde 11,2 miljoen bits informatie op ons af om te verwerken. Zo’n 60 bits verwerken wij bewust en de rest van de bits wordt dus onbewust verwerkt. Een verschil van een factor 200.000! Er wordt gezegd dat wij van de ontelbaar veel prikkels die wij op ons af krijgen per seconde er maar 7 (plus minus 2) bewust kunnen waarnemen: de rest wordt weggefilterd, dus buitengesloten. Het zijn jouw hersenen die voor die filtering zorgen en bepalen welke informatie er wel en niet belangrijk is. De filters in jouw hersenen zijn gevormd door jouw ervaringen, jouw opvoeding en cultuur en die zijn voor iedereen anders. Vandaar ook dat iedereen de wereld anders waarneemt en andere informatie wegfiltert, dan wel bewust waarneemt. Omdat te ontdekken dat dat zo is hoef je alleen maar aan tien verschillende getuigen van een roofoverval te vragen wat er precies gebeurd is: je zal tien verschillende versies horen.

Kortom: om de werkelijkheid waarlijk te kennen moet je niet bij het denken zijn.  Het denken kan alleen een idee hebben over de werkelijkheid en verwart dat idee met de werkelijkheid zelf. Maar zoals de kaart  niet het gebied is zo is wat wij denken over de realiteit niet de realiteit zelf.

Overmatig denken maakt onrustig en ongelukkig want denken hakt de wereld telkens in tweeën en sluit dingen uit: dit wil ik wel en dit wil ik niet, dit vind ik leuk en dit vind ik niet leuk, dit is goed en dit is slecht, etc. Er wordt dus altijd iets genegeerd of buitengesloten en dat maakt ongelukkig omdat de heelheid verdwijnt. En door de manier waarop je hersenen de informatie filteren, zul je altijd datgene wat je denkt en voelt bevestigd zien in jouw ervaringen: informatie die daar niet bij past wordt gewoon weggefilterd of vervormd!! Onze hersenen zijn ‘meaning making machines’: ze geven betekenis aan en een verklaring over de werkelijkheid en onder die verklaringen en die betekenissen lijden wij omdat ze altijd incompleet zijn!

Met het denken vind je dus nooit de wijze antwoorden op je vragen, vind je niet de volledige waarheid, vind je geen geluk en geen heelheid. De enige manier om dat te doen is het ontwikkelen van bewustzijn. Leren waar te nemen zonder goed of af te keuren; überhaupt goed leren waarnemen! Goed waarnemen kan alleen vanuit stilte. Daarom is meditatie en het ontwikkelen van bewustzijn zo belangrijk. Alleen door het ontwikkelen van bewustzijn kun je de fuiken van het denken omzeilen. Alleen in bewustzijn kun je de driedimensionale wereld driedimensioneel waarnemen en ervaren.

Inzicht 7: passieve gedachtenstroom is als darmgeruis: je hebt er niks mee te maken en je kan het ook niet uitzetten

De gedachtenstroom die als een soort sportcommentator, achtergrondruis of lichtreclamezuil de hele dag aanwezig zijn kun je vergelijken met darmgeruis: je hebt er niks mee te maken. Je hebt niks te maken met het feit dat ze er zijn en ook niet met de inhoud ervan. Om dat te bewijzen hoef je alleen maar een te proberen aan niets te denken: dat gaat je niet lukken: gedachten blijven komen en gaan. De gedachtenstroom is niet stop te zetten: de gedachten zullen altijd blijven komen en gaan. Het goede nieuws daarvan is dat jij dus niks te maken hebt met die gedachten: jij bent er niet de eigenaar van! Als jij de eigenaar zou zijn van deze gedachten zou je de aan – en  uitknop kunnen bedienen, maar het feit dat jij geen invloed hebt op die gedachten geeft aan dat jij er niet de eigenaar van bent! Het heeft dan ook geen enkele zin om je voor je eigen gedachten te schamen of je om je eigen gedachten te veroordelen. Het is puur de computer die data aan het spuien is. Je hoeft je dan ook niet met je gedachten te identificeren! Dat wil zeggen dat je er geen ‘ik’  of ‘van mij’ tegen hoeft te zeggen.

 JIJ BENT NIET JE GEDACHTEN: JIJ BENT DE RUIMTE WAAR DEZE GEDACHTEN IN VERSCHIJNEN!’ Deze ruimte wordt ook wel ‘bewustzijn’ genoemd en vergeleken met een filmdoek. Gedachten, gevoelens, wilsimpulsen, fysieke sensaties en zintuigelijk impressies zijn de film, de vormen die in deze ruimte verschijnen.

Je kan wel onderscheiden dat er een verschil is tussen gedachten die je zomaar overkomen en de gedachten die jij bewust denkt. Bewust denken, dus dat jij bewust gedachten denkt en de inhoud ervan bepaald, bijvoorbeeld als je een berekening aan het maken bent, kost energie.

Nabeschouwing

Na het lezen van het bovenstaande is zou je kunnen denken dat het het beste is om nooit meer te tobben en te piekeren, je nu maar geen doelen meer te stellen en het het beste is alleen nog maar thuis op de bank te zitten mediteren en alle stress van het leven te vermijden. Het tegendeel is waar. Af en toe tobben of piekeren kan geen enkele kwaad. Af en toe de registers van je denken open zetten en situaties en gebeurtenissen overpeinzen kan waardevolle nieuwe inzichten en informatie opleveren. Het is belangrijk om in te zien dat het alledaagse tobben en piekeren slechte denkgewoonten zijn die lang niet zo onschuldig zijn als het lijkt. Tobben en piekeren geven ons een vals gevoel van controle over de situatie en saboteren onze gezondheid en geluk.

Doelen zijn essentieel bij het richten van ons denken. Door volop in het leven te staan doen wij allemaal ervaringen op waarvan we leren en groeien. Het gaat om de reis en niet om de bestemming.

Waar het uiteindelijk om gaat is om in te zien dat innerlijke  rust, vrede en geluk niet te vinden zijn door het behalen van doelen en al helemaal niet door te tobben en te piekeren. Alle gelukservaringen hebben één ding gemeen: het denken was er even niet.

Geluk kun je niet vinden via het denken: geluk is afwezigheid van denken

Hier komen we gelijk bij nog een aspect van het denken: denken kost tijd. Als je denkt kun je niet in het hier-en-nu aanwezig zijn.

En juist het hier-en-nu is de enige plek waar je geluk, liefde en vrede kunt vinden.

Mensen zijn hun hele leven op zoek naar ervaringen waar ze even helemaal verlost zijn van hun denken en dus ook van zichzelf.