Gezond blijven? Maak je cellen blij

Het is belangrijk om gelukkig en blij te zijn. Dat wat wij beschouwen als ´mind´ is niet enkel beperkt is tot onze hersenen. Onze cellen hebben een eigen intelligentie en zijn onderdeel van onze mind. Ze luisteren continu mee en reageren op onze gedachten en gemoedstoestanden. Wil je gezond blijven dan is het belangrijk dat je je cellen bewust aan stuurt. Dat je meester wordt van je eigen universum, van je eigen cellen-volk.

Vroeger dacht ik dat je in verdrietige situaties de hele dag verdrietig moest ZIJN.  Je het verdriet als een zware last hoorde mee te zeulen: telkens aan de ongelukkige situatie denkend en het verdriet ervarend. Als ik dan onverwachts blij was voelde ik mij schuldig en dacht ‘O ja, ik ben verdrietig.’

In werkelijkheid duren emoties maar even. Ze komen en gaan, als een golf die uit de zee oprijst, komt aanrollen en over het strand spoelt. Dan zijn er zoute tranen van verdriet, spuit het bloed door je aderen van boosheid of verkramp je van angst. Daarna ebt de golf weer weg en wordt weer één met de zee.

Als het verdriet weg is en de tranen gehuild, waarom dan niet weer blij en gelukkig zijn? En met een glimlach rondlopen. Zelfs al stort de hele wereld om je heen in elkaar? Omdat het niet respectvol zou zijn? Of op zijn minst een beetje gek?

Het is bittere noodzaak om gelukkig en blij te zijn. Ons lichaam bestaat uit 100 miljard kleine leventjes, onze cellen. We zijn niet één persoon, maar een ecosysteem, bestaande uit immens veel kleine intelligente leventjes. Onze cellen luisteren voor onze overleving continu mee zodat ze direct op situaties kunnen reageren. Door onder andere de juiste stofjes aan te maken en het lichaam van energie te voorzien. Als onze cellen ook maar iets slechtere luistervinken waren geweest was de mensheid allang uitgestorven. Dan was de adrenaline om weg te rennen voor die leeuw of tijger nét te laat aangemaakt.

ecosysteem-cellen

Je cellen reageren op gedachten en gemoedstoestanden: daarmee stuur je je cellen onbewust aan. Wil je gezond blijven of zelfs vitaler worden dan is het belangrijk dat je je cellen bewust aan stuurt. Dat je meester wordt van je eigen universum, van je eigen cellen-volk.

De eerste stap is het nemen van het besluit welke radiozender jouw mind is. Ben je Classic FM, het 24-uur-dramajournaal of de mopperzender?

Waarom is dit belangrijk? Omdat dat wat wij beschouwen als ´mind´ niet enkel beperkt is tot onze hersenen. Onze cellen hebben een eigen intelligentie en zijn onderdeel van onze mind. En hebben invloed op onze gedachten. Het is bijvoorbeeld lastig om helder en blij te zijn als je lichaam ziek is. Daar komen spreekwoorden vandaan als ‘iets op je lever hebben’, ‘gal spuwen’.

En omgekeerd, als jij boos, verdrietig of gefrustreerd bent, bootst jouw volk van cellen jouw houding en gedrag na. Jij schopt tegen een stoel, schreeuwt tegen de hond en smijt de deur te hard dicht: je cellen hebben hun eigen manier om vernielingen aan te richten. Daarom is het essentieel om je cellen gelukkig te laten zijn. Als je dat niet doet, keert het lichaam zich tegen je. Ziekte is het gevolg van een disharmonie in het systeem.

Wil je blije cellen?  Stop dan met klagen, zeuren, eindeloos blijven malen over situaties, jezelf opfokken, je zorgen maken en in negatieve stemmingen zwelgen. Het zijn luxes die je jezelf niet kunt veroorloven als je gezond en vitaal wilt zijn.

Moet je dan met een zoetsappige nep smile rond lopen en elke figuurlijke drol overdekken met een suikerlaagje? Nee, ook dat niet. Als rauwe emoties zich aandienen en je overspoelen als een golf ervaar die gevoelens dan. Wegdrukken werkt op zo een moment averechts en zorgt juist voor meer spanning in je systeem omdat de spanning niet ontladen kan worden. Dat is als een golf tegenhouden voordat deze het strand op kan rollen. De golf kan pas weer in de zee tot rust komen als het de beweging af heeft kunnen maken.

Maar nodig negatieve gevoelens niet keer op keer uit door in gedachten situaties te herkauwen, als een hond op een bot. Zorg ervoor dat je cellen weer blij worden als de rauwe emotie weg is.  Zet je radiozender op een ander kanaal.  Ga lachen, zingen, dansen. Zodat je de dikke deken van negatieve energie en lage vibraties van je afschudt die door de emotie veroorzaakt is. Je cellen luisteren mee en doen de rest….

happy-cells-quote-esther-hicks-wit

Stress? Ik ben geen f@#**-king hamster

Gewoon een normale dag. Boodschappen doen bij de supermarkt. De kassière jakkert de boodschappen in een behoorlijk tempo over de scanner. Alsof een trein gehaald moet worden. Ik word er nerveus van als ik intune op de rusteloosheid en bedenk dat ze dat moordtempo 8 uur vol moet houden.

Even mijn bonuskaart zoeken. O verkeerde pincode. Achter mij begint de rij te zuchten en te steunen. Mijn ogen ontmoeten geïrriteerde blikken. Relax mensen….

Onderweg naar huis verlies ik mijn fietsmand met boodschappen precies op de toegangsweg van een rotonde. Getoeter achter mij. Zodra de weg weer vrij is krijg ik een dikke middelvinger toegewuifd. Met een glimlach antwoord ik met mijn vingers is een peace-V-teken. Always keep smiling….

Mijn mailbox. Een mail waar de ergernis vanaf druipt. Van iemand die gisteren, op zondag notabene, een mail heeft gestuurd en nog geen reactie heeft gekregen. En er ook nog twee sms-jes achteraan heeft gestuurd omdat ik niet gelijk op het eerste sms-je reageerde. Get a life….

Telefoon. Een familielid. Zwaar geïrriteerd om dat mijn mobiele telefoon groot deel van de dag op vliegtuigstand staat. Een normaal mens is immers 24/7 bereikbaar. En misschien een half uur niet. Bij mij is het omgekeerd. Omdat ik mijn eigen tijd wil managen. En alles met 100% aandacht wil doen. Ook telefoneren en appen.

Een vriendinnetje van mijn dochter. Diepe zwarte wallen onder haar ogen. Ze heeft voor de zoveelste nacht niet goed geslapen omdat ze wakker wordt van alle bliebjes sinds ze een mobiel heeft. En deze nacht een vriendin via de app liet weten emotioneel in nood te zijn. En ja, echte vrienden staan ook ’s nachts voor je klaar. Duh…

Er is een ware epidemie van stressgerelateerde klachten zoals burn-outs, nerveuze aandoeningen, depressies en slaapklachten. Zelfs onder kinderen. Ik vind het niet zo vreemd. We jakkeren de hele dag door. We hebben 24/7 ongelooflijke haast. En dringen dat tempo ook nog eens aan elkaar op. Waarom? Waarvoor?

Omdat de maatschappij van ons verlangt dat we zijn als een stel drammerige kleuters die in koor het refrein van Queen zingen: I want it all, I want it all, I want it all and I want it NOW. En zo maken we elkaar he-le-maal gek. Met irreële verwachtingen over de hoeveelheid werk die een mens op een dag kan verstouwen.  En over het werktempo.

En van elkaar te verwachten altijd en overal bereikbaar te zijn. En zo snel mogelijk te reageren op oproepen per telefoon, mail, app of messenger.

Om aan alle eisen te kunnen voldoen multitasken we de hele dag door. Wat zeer stressvol voor ons brein is. En nee, niet alleen voor mannen, óók voor vrouwen.

Stressmanagement. Het begint erbij dat wij ons levenstempo afstemmen op onszelf. Op wat wij nodig hebben om rustig en gecentreerd te blijven. En de dingen met zorg en aandacht te doen. En niet op een gehaaste opzij opzij opzij manier.

En op onze eigen agenda. Pak de controle terug.  Jij wilt het nu? Jammer dan, maar mij komt het pas straks uit. Gewoon even geduld hebben. Er is nog nooit iemand doodgegaan aan wachten.

En nee, we hebben niet pas rust als we alle lijstjes afgewerkt hebben en iedereen tevreden hebben gehouden. Want de lijstjes vullen zich wonderbaarlijk genoeg altijd weer aan. En iedereen tevreden houden is een illusie. Maar stel dat het je wel lukt. Hoe tevreden ben jij dan nog? Heb jij kunnen genieten van de rit, van het leven?  Of zat je in een achtbaan en werd je volledig geleefd? Had jij nog aandacht voor de mensen om je heen die belangrijk voor je zijn?

Ik ben in ieder geval gestopt te voldoen aan irreële verwachtingen en het bijhouden van het bizarre tempo. Ik heb mijn innerlijke hamster liefdevol, doch resoluut de deur uit gezet.

En jij kunt twee dingen doen. Je aan mij irriteren, waar vooral jij last van hebt. Ik niet. Of het zien als een uitnodiging om hetzelfde te doen. Laten we gewoon met z’n allen stoppen met doen alsof dat wat niet normaal is normaal is. We zijn toch geen F#$@-king hamsters?

 

 

Meer energie door leven in het ritme van de natuur

Meer energie nodig? Als je meebeweegt met de energieën van de dag doe je de juiste dingen op het juiste moment, zoals rust houden als het qua energie eb is en actief zijn als het qua energie vloed is. De Ayurveda heeft de ritmes van de energieën in kaart gebracht en vertaald naar een praktisch leefadvies.

“ U heeft een verkeerd leefritme” zei de Ayurvedisch arts. De vriendelijke Indiase arts van middelbare leeftijd voelde twee minuten aan mijn pols voordat hij deze conclusie met een ernstig in zijn gezicht uitsprak. Hij keek mij doordringend aan en ik stamelde verbaasd:  “Een verkeerd leefritme?  Volgens mij heb ik juist een heel normáál leefritme. Ik schetste mijn oer Hollandse leefpatroon: om half acht opstaan, om twaalf uur lunchen, tussen zes en half 7 de warme maaltijd en om een uurtje of elf weer naar bed.

Natuurlijke ritmes

De arts schudde ontkennend zijn hoofd: “Het Westerse leefritme houdt weinig rekening met de natuurlijke ritmes van de dag, met de energieën die van invloed zijn op lichaam en geest.” Hij pakte pen en papier en schreef een alternatief leefpatroon op: om 6 uur ’s morgens opstaan, om 1 uur ‘s middags warm eten en daarna een middagslaapje doen. Om 6 uur ‘s avonds weer warm eten en vóór de klok van tien uur in bed liggen. Terwijl ik naar het schema keek werkten mijn hersenen op volle toeren. Een middagslaapje valt als ZZP’er nog wel te regelen, evenals 2 x per dag warm eten. Maar om zes uur opstaan…. De arts herkaderde mijn probleem door te stellen dat vroeg opstaan meestal niet het probleem is maar op tijd naar bed gaan.

Levensritme

Het levensritme dat de arts aanraadde komt uit de Ayurveda, een Indiaase geneeswijze die haar wortels heeft in de meer dan drieduizend jaar oude Vedische traditie. Toch is het leefpatroon meer universeel te noemen dan Indiaas. Nog niet zo lang geleden leefden Nederlanders volgens dit ritme. Zoals de ouders van mijn eerste vriendje die een fruitteeltbedrijf hadden en waar tussen de middag pannen met dampende aardappels, sperziebonen en een lap vlees op tafel kwamen. Ook in zuidelijke Europese landen is een warme middagmaaltijd en daarna een siësta heel gebruikelijk.

Met de wind mee

Dat lichaam en geest makkelijker in balans blijven als je met de natuurlijke ritmes mee leeft is logisch. Met de wind meefietsen kost ook minder energie dan tegen de wind in fietsen. Als je meebeweegt met de energieën doe je de juiste dingen op het juiste moment. Rust houden als het qua energie eb is en actief zijn als het qua energie vloed is. Ebben als het vloed is en vloeden als het eb is is niet alleen heel frustrerend, maar kost ook bakken met energie. Helemaal voor mensen met een energie-issue: die een gebrek aan energie hebben en daardoor moeilijk vooruit te branden zijn. Of  juist een overschot aan energie hebben en daardoor moeilijk tot rust komen.

Dosha

De vedische traditie heeft het over dosha’s: dit zijn de energieën van de schepping zelf, levensenergieën die van invloed zijn op ons lichaam en geest. Er zijn drie dosha’s: vata, pitta, kapha die ieder hun eigen kwaliteiten hebben. Elk moment van de dag is één van de dosha’s dominant.

Vata:      02.00 – 06.00 uur en 14.00 – 18.00 uur

Kapha:   06.00 – 10.00 uur en 18.00 – 22.00 uur

Pitta:     10.00 – 14.00 uur en 22.00 – 02.00 uur

Vata

Vata is impulskracht. De elementen van vata zijn lucht en ether. Vata-energie is beweeglijk, veranderlijk, snel en verfijnd. In vata-tijd overheerst helderheid en is de mentale alertheid hoog. Het is de beste tijd om te studeren omdat je je makkelijk kunt concentreren en nieuwe dingen het snelst leert. Het is ook de perfecte tijd voor creativiteit en brainstormen. Als je moeite hebt met opstaan, dan is het aan te raden om voor 6 uur ’s morgens je bed uit te komen. Vanaf 6 uur begint kapha- tijd en dan wordt opstaan lastiger omdat kapha-energie zwaarder en trager is.

Kapha

Kapha is structuurkracht. De elementen van kapha zijn water en aarde. Kapha-energie is een zwaardere maar stabielere energie. Kapha-tijd is de tijd van fysieke activiteit. Het is het ideale moment om oefeningen te doen zoals sporten of yoga. Je schijnt ook meer spierontwikkeling te hebben als je in kapha-tijd traint. Het is ook de meest geschikte tijd voor meditatie omdat je minder last hebt van rusteloze gedachten en dadendrang. In de avond is kapha-tijd de beste tijd om te gaan slapen, juist doordat je wat minder goed vooruit te branden bent en moeier bent. Je valt ook makkelijker in slaap en hebt een diepere en meer regenererende slaap dan als je ná tien uur naar bed gaat. Dan breekt namelijk pitta-tijd aan en krijg je weer een nieuwe vlaag energie.

Pitta

Pitta is vuurkracht. De elementen van pitta zijn vuur en water. Pitta-energie is intens en vurig. Pitta-tijd is de beste tijd voor een maaltijd omdat onze spijsvertering dan optimaal is. Pitta energie is een rusteloze energie, dus actief zijn lukt dan prima. Na 10 uur ’s avonds, als pitta gaat domineren, kun je merken dat je weer energie krijgt en actief wordt. Terwijl je vóór tien uur wellicht niet vooruit te branden was en op de bank zat te gapen, jezelf afvragend of je toch niet beter naar bed kon gaan. De tijd tussen 22.00 uur en 02.00 uur wordt ook wel ‘second wind’ genoemd vanwege de vlaag energie die je nog even krijgt. Het is echter ‘lege’ energie, energie in de reservetijd. Door actief te zijn op dit moment doe je een beroep op je energiereserves. Wie in pitta-tijd het bed opzoekt kan merken dat je moeilijker en onrustiger in slaap valt dan vóór 10 uur omdat pitta-energie hoger en intenser is dan kapha. Kun je de slaap niet vatten, dan kun beter wachten tot om 2 uur ‘s nachts vata weer actief wordt en inslapen weer makkelijker wordt.

Meer energie

Sinds ik de natuurlijke ritmes volg heb ik meer energie gedurende de dag en is de energie ook gelijkmatiger verdeeld. Het is alsof er meer uren in een dag zitten en ik in die uren efficiënter ben. Om 4 uur ‘s middags ben ik niet door mijn energie heen en hoef ik niet meer over te schakelen op de overdrive vanwege een lege energietank. In plaats daarvan ben ik nog helemaal rustig, helder en vol energie.

Powernap

De powernap is één van de sleutels van het succes van dit leefpatroon.  Als je ’s middags goed eet word je na de maaltijd loom doordat je energie vooral naar de spijsvertering gaat. Als je je lichaam dan de rust gunt waar het om vraagt, heeft het alle tijd zich even helemaal op de spijsvertering te richten. Die daardoor ook  optimaler is dan wanneer je onrustig en gestresst gelijk na de maaltijd weer verder gaat met de orde van de dag. De combinatie van een goed gevulde buik en vroeg uit de veren maakt het makkelijk om een powernap te doen. Dertig minuten de ogen sluiten is vaak al voldoende om daarna met nieuwe energie de dag te kunnen vervolgen.

Zingen zonder handrem: “schijt aan de buren”

Uit volle borst zingen zonder je druk te maken wat anderen er van vinden. Fully self-expressed je ‘ding’ doen met een attitude van schijt aan de buren. Wie wil dit nou niet? Voor veel vocalisten is dit echter (nog) een ver van hun bedshow. Dit komt doordat ze op de handrem staan. Dit is de bevriezingsmodus, een survivalmechanisme uit de oertijd. Als de handrem er eenmaal af is en je niet meer denkt ‘doe maar normaal dan doe je al gek genoeg’ dan gebeuren er wonderlijke dingen met je stem én performance. 

Angsthaas

Ooit was ik één van de grootste angsthazen die er was. Ik was bang voor mensen, doodsbang. Bang voor de kinderen op school die mij pesten. Bang voor de bulderende stem van mijn vader als ik mijn schooltas weer eens in de gang had laten staan. Bang voor de strenge blik van de meester op school. Bang voor die deftige dame met intimiderende parfumgeur en neerbuigende opmerkingen. Het laatste waar ik op zat te wachten was in de spotlights staan. En tegelijkertijd wilde ik niets liever dan mijn stem laten horen aan de wereld. Dat zorgde voor een enorme worsteling. Eén deel van mij wilde dolgraag het podium op, het andere deel rende er het liefst zo snel mogelijk weer vanaf. Herkenbaar?

Toen ik dertien was vroeg mijn moeder of ik voor de verjaardagsvisite wilde zingen. Van het idee alleen al kreeg ik een paniekaanval. Maar omdat ik wist dat mijn moeder er niet over op zou houden tot ik ja zou zeggen, ging ik overstag. Maar alleen als ik de spelregels mocht bepalen(controle). Ik zou in de gang zingen waar ik niet zichtbaar was voor het publiek in de woonkamer. Met de deur open. En als ik klaar was moest iedereen doen alsof er niks was gebeurd. Niet klappen, geen complimentjes, niks. Gewoon met een uitgestreken gezicht verder nippen aan het borrelglas alsof er nooit iets had plaatsgevonden. Zingen terwijl iedereen naar mij keek vond ik  te bedreigend, voelde te kwetsbaar, te stem-naakt.

Jaren later kreeg ik tijdens mijn studie de kans om in de studentenband te zingen. Doodeng vond ik het. Maar mijn behoefte om mijn stem te laten horen aan de wereld was nét iets groter dan mijn angst. Op het podium verschool ik mij het liefst achter de boomlange zanger die leek te bulken van zelfvertrouwen. En altijd het commentaar van de geluidsman dat ik harder in de microfoon moest zingen: zelfs met de volumeknoppen vol open was ik amper te horen…

De handrem

Had ik niet het vermogen hard te zingen? Was ik zo schuchter? Ja en nee. Ik stond op de figuurlijke handrem. Altijd was mijn overactieve mind aan het werk om mij te behoeden voor het gevaar van mijn soortgenoten. Bezig met wat anderen van mij zouden vinden. Als ze maar niet dachten dat ik mijzelf heel goed vond. Dat ik arrogant was. Als ik maar niet te veel op zou vallen. Niets bedreigender dan de scherpe tong van soortgenoten. Niets meer vernederend dan hun hoongelach of spottende blik. De innerlijke dialoog met gevleugelde uitspraken van mijn ouders als “Denk aan de buren” en “Doe maar normaal dan doe je al gek genoeg” trokken de handrem nog strakker aan.

Wat is de handrem eigenlijk? Het is een overlevingsmechanisme vanuit de oertijd. Stel je voor dat je ineens oog in oog staat met een hongerige tijger. Je moet dan gelijk reageren en niet eerst nog nadenken over of je je veters nog moet strikken of wat de snelste route is. Nadenken kost tijd en die tijd heb je niet: als je niet gelijk reageert eindig je in de bek van de tijger. In een bedreigende situatie nemen onze reflexen het daarom over: je hersenen vertellen je dan wat te doen in plaats van dat je zelf een bewuste keuze maakt. De automatische reactie is te vergelijken met je hand verbranden aan een kachel: je trekt hem dan gelijk terug. Zo snel gaat een reflexmatige handeling.

Om te overleven moeten we vechten, vluchten of bevriezen/verstijven. 

Bevriezen

Als je je vijand niet kunt ontwijken door te vluchten (eerste keuze van je hersenen), te verslaan door te vechten (tweede keuze) dan rest de derde optie: bevriezen of verstijven. Anno 2016 zijn er geen tijgers meer behalve in de dierentuin. Wij hebben nu hele andere bedreigingen of stressbronnen dan de mensen vroeger. Zoals deadlines op werk, prestaties op school,  angst om er niet bij te horen, de vrees buitengesloten te worden of af te gaan als een gieter. Vechten en vluchten doen we nauwelijks nog, bevriezen des te meer (freeze in het Engels): dit is de handrem ofwel de verstijvingsmodus.

Bevriezen of verstijven is letterlijk jezelf voor dood houden. Dieren in het wild doen dit om aan hun prooi te ontsnappen. Want als je dood bent is de strijd over en verslapt de aandacht van de vijand. Hopelijk kun je dan op een onbewaakt moment alsnog ontsnappen. Bijvoorbeeld als de tijger zijn vriendjes gaat halen nadat hij jou ergens heeft achtergelaten. Om je op een later tijdstip met hen samen op te peuzelen. Mensen kennen dit trucje ook. Als een acteur in een film bij een schietpartij doet alsof hij geraakt is en levenloos op de grond blijft liggen in de hoop dat de schutter vertrekt en hem voor dood achterlaat.

Hert in de koplampen

Als je in een acute verstijving terecht komt dan verkrampen je spieren en stokt je adem. Hoewel je lichaam amper beweegt is je geest hyper alert. Soms kun je van schrik helemaal niet meer bewegen, denk aan een hert dat in de koplampen staart.  Het kan zelfs zo zijn dat ook je stembanden verlamt raken en dat er geen geluid meer uit je komt. Dit komt regelmatig voor bij slachtoffers van een misdrijf: ze wilden om hulp roepen maar ze konden geen geluid meer maken.

In ons dagelijks leven zijn er zelden kwesties die gaan over leven of dood. Maar angst doet je wel verkrampen, al is het maar een klein beetje angst. Voor velen is een chronische ondertoon van angst of vrees de normale status quo: zij leven met de handrem aangetrokken. Als je ooit met de handrem aan in een auto hebt gereden, dan weet je wat er gebeurt: je verbruikt veel meer energie en op een gegeven moment begint de auto te roken en stinken. Kun je niet autorijden houdt dan de handrem van je fiets maar eens ingedrukt terwijl je rijdt: het fietst heel zwaar en vermoeiend.

Een eerste indicatie dat je op figuurlijke handrem staat is als je niet vrijelijk durft te zingen of bewegen. Als je een lichte schrikreactie voelt als iemand dat van je vraagt. Als je je stemnaakt voelt. Ook perfectionisme kan een handremaantrekker zijn. In veel gevallen zit daar namelijk de angst om te falen achter (maar niet altijd). De hand die de handrem aantrekt is je denken. Of beter gezegd: een overactief denken dat overal beren en wolven op zijn pad ziet.

Verstijvingssymptomen

Met een aangetrokken handrem door het leven gaan is minder onschuldig dan het lijkt, zeker voor vocalisten. Het heeft een negatief effect op de werking van je instrument. Bij een acute freeze komt er een vloedgolf aan stresshormonen vrij, zoals adrenaline. Bij vechten en vluchten kun je deze energie nog verbranden doordat je actief bent, maar als je bevriest kun je deze energie niet in een activiteit ontladen. In plaats daarvan blijft deze rondhangen in je systeem.

Als je in een chronische freeze leeft, als de handrem altijd enigszins aangetrokken is, dan heb je een te hoge spierspanning in je hele lijf. Het zorgt voor inflexibelere spieren rond het middenrif (wat een goede buikademhaling belemmerd) en aangespannen spieren in nek en schouders (wat de werking van je strottenhoofd beïnvloedt) . Ook heb je een snellere en hoge borstademhaling, terwijl voor zingen een lage buikademhaling in de meeste gevallen idealer is.

Als je op de figuurlijke handrem leeft ga je letterlijk afgeknepen klinken: door een te hoge spierspanning is er minder resonantieruimte en je lichaam is minder soepel en bewegelijk. Voor zingen heb je sterke en flexibele spieren nodig die je ook goed kunt ontspannen: met de handrem aan is dat lastiger. Je klinkt ook minder krachtig en minder geaard: als gevolg van een overactief denken gaat de meeste energie bij mensen op de handrem naar het hoofd. Onze hersenen zijn namelijk een enorme energie slurper: als het lichaam moet kiezen tussen óf energie sturen naar de spieren (wat je nodig hebt om je vocale activiteiten goed te kunnen uitvoeren) óf naar de hersenen, dan krijgen de hersenen voorrang. Wist je dat de hersenen 20% van alle zuurstof en 30% van alle energie in ons lichaam gebruiken?

Ont-freezen: de quick fix

In natuurdocumentaires zie je dat dieren een handig mechanisme hebben om uit de verstijvingsmodus te komen: ze gaan net zo lang trillen en schudden tot het bloed en de energie weer helemaal stroomt. Mensen hebben geen automatische ontfreezer. Als we eenmaal in een freeze zitten, worden we door een  overactieve mind meestal gegijzeld in deze stand. En als het maar lang genoeg duurt wordt het vanzelf onze nieuwe status quo.

Tot we het zat zijn. We genoeg hebben van op de handrem leven. Omdat we vrij willen zijn. Ons willen uiten. De energie weer willen voelen stromen. Met alle remmen los zingen, dansen en lachen. We leven nu en het is te vroeg om al met één been in het graf te staan. Ons al een beetje voor dood te houden om geen prooi te zijn.

De handrem of verstijvingsmodus is niet zo 1,2,3 uit een vocalist gehaald. In de pubertijd is de handrem-modus zelfs eerder regel dan uitzondering. Maar ook veel volwassenen leven met een aangetrokken handrem. Gelukkig is er wel een quick fix die in ieder geval voor eventjes de handrem iets laat vieren. Het hoofdingrediënt van deze anti-freeze is bewegen: springen, schudden en trillen. Hierdoor gaat het bloed weer door het hele lichaam stromen en krijgen alle spieren, je organen, je bindweefsel en weer voldoende bloed en energie. Denk aan de dieren in de natuurdocumentaire. Daarnaast is het belangrijk om diep door te ademen en te zuchten, wat zorgt voor ontspanning. Goed gronden of aarden en met je voeten lekker stampen helpt ook goed. Denk maar aan de rugby spelers die een haka doen voor ze een wedstrijd gaan spelen.

De stem in je hoofd

De quick fix laat eventjes de handrem iets vieren. Je verbrandt hierdoor bovendien stresshormonen. Het echte werk moet helaas nog beginnen: je denken is de hand die de handrem aantrekt, de hoofdoorzaak van het verstijven. Het is fijn om te ontfreezen, maar als je je hand niet van de handrem afhaalt dan ben je binnen no-time weer terug bij af. Tijd dus om de oorzaak af te pakken en niet alleen aan symptoombestrijding te doen.

Aan het begin vertelde ik dat ik bang was voor andere mensen. Tot het moment dat iemand mij vertelde dat iedereen bang is van iedereen. Die chagrijnig kijkende vrouw of man met afkeurende blik in het publiek zijn in real life ook bang voor jou. Het kan zelfs zo zijn dat ze nog banger zijn voor jou dan jij voor hen. Ik vond dit wel interessante gedachte: sinds ik deze mindset heb ben ik voor niemand meer bang. Hopelijk kan dit inzicht jou ook helpen om de handrem iets meer te laten vieren, net zoals het mij hielp.

Maar er is meer nodig dan alleen dit inzicht om de handrem eraf te halen.  Door te luisteren naar de stem in je hoofd kom je erachter hoe jouw denken de handrem aantrekt. Hoe het de fictieve kooi opent vol met beren, wolven en sabeltandtijgers. Waardoor je iedere keer opnieuw het gaspedaal intrapt.

Als de handrem er eenmaal af is en je schijt kunt hebben aan de buren, dan gebeuren er wonderlijke dingen met je stem én performance. Dan komt er ontspanning, flexibiliteit, gaat de energie stromen, krijgt je klank vleugels en win je aan vocal power. Mijn statement is dat iedereen die meer uit zijn stem wil halen niet alleen aan de slag moet met de stem die uit zijn mond komt, maar ook met de stem in zijn hoofd.

In mijn boek ‘Zingen zonder stress ‘leer je de stem in je hoofd beter kennen. Je vindt hier ook tips & tricks om de handrem eraf te halen. Het boek komt in februari 2022 uit bij Schrijverij Mooi Mens. Wil je hiervan op de hoogte gehouden worden, stuur dan een mail naar judithjobsemusic@gmail.com 

Ik ga voor vals

Valse noten: veel vocalisten vinden ze enger dan spinnen, muizen of een verlaten kerkhof bij volle maan om 12 uur ’s nachts. Ten onrechte. Een valse noot, of een paar exemplaren, is niet de graadmeter voor de kwaliteit van een optreden. Er zijn zoveel meer factoren die bepalen of een optreden top was of niet. Zong je vol overtuiging, met hart en ziel? Was je volledig selfexpressed? Wist je het publiek te boeien? In dat geval is een valse noot hier en daar echt geen probleem. Want je raakte en boeide. Met je hart, kwetsbaarheid, overgave en passie.

Een loepzuiver optreden zonder zelfexpressie en zonder dat je ziel er in ligt. De ene ellips komt er nog zuiverder uit dan de ander uithaal. De toehoorder staat vol respect te kijken naar de stembandengymnastiek. Maar geraakt? Nee, dat is hij niet.

Doe mij dan maar een vocalist die met ziel, zaligheid en passie staat te zingen. Die hier en daar eens uit de bocht vliegt, maar wat raakt. Die het publiek weet te boeien. Dat is waar muziek uiteindelijk over gaat: dat je anderen kunt raken, beroeren met je stem.

De fixatie op zuivere noten en de angst voor valse noten: bij een groot deel van mijn leerlingen ben ik veel tijd kwijt aan het dresseren van de overactieve mind. Ze zijn zó bang voor die ene valse noot, aangewakkerd door hun eigen perfectionisme of dat van de mensen om hen heen, dat het ten koste gaat van hun vermogen tot zelfexpressie.

Maar je kunt niet volledig selfexpressed zijn als je mind continu de handrem aantrekt. Je kunt niet vanuit je hart zingen terwijl je interne sportcommentator alles wat je doet van commentaar voorziet. En is het een positieve sportcommentator, dan is het nog tot daar aan toe. Maar hij is meestal negatief, een azijnpisser, vol twijfel en negativiteit. Altijd aan het vergelijken, waarbij jij aan het kortste eind trekt. Aan het negatieve twijfelen we geen moment: aan het positieve daarentegen altijd.

Je kunt alleen maar vanuit je hart zingen, met volledige zelfexpressie als Fikkie in zijn mandje ligt en jij de muziek aan het ervaren en beleven bent. Als alleen de observator in jou aan staat die je op het juiste moment praktische aanwijzingen geeft: “Zak bij die hoge noot door je knieën”. “Doseer hier je ademhaling zodat je bij de volgende uithaal nog voldoende adem hebt”.  De observator heeft geen mening en vergelijkt niet. Hij is als de waakvlam van de CV, die alleen aanspringt op het moment dat er warm water nodig is. Heel pragmatisch.

Dat wat je hoort bij The Voice lijkt de maatstaf geworden, de korenmaat. Maar hallo zeg, als je gaat voetballen begin je toch ook bij de F’jes? We gaan de F’jes toch ook niet beoordelen alsof ze in de eredivisie spelen? Kunnen we niet gewoon met zijn allen genieten van muziek? En van het ontluikende talent, dat zich een weg naar boven baant, worstelt en als diamant steeds verder geslepen wordt in de praktijk? Door vooral te doen en zichzelf in alle kwetsbaarheid open en bloot te geven?

De nationale beoordeelcultuur, aangewakkerd door programma’s als The Voice, is koren op de molen van onze interne sportcommentator. Maar één van de belangrijkste stappen die een vocalist te zetten heeft is de zanikende sportcommentator te vervangen door de meningsloze observator. Deze laatste constateert een valse noot maar vindt er niks van.

“Merk alles op en vind er niks van”, dat is de meditatieve grondhouding. Ik moedig leerlingen altijd aan iets op het gebied van mindfulness of meditatie te doen. Om de observator in zichzelf te cultiveren en de sportcommentator te neutraliseren. Ook die van de mensen om hen heen. Want wat je ook doet, iedereen vindt er altijd iets van. Ik zeg daarom altijd gekscherend: als ze gaan zaniken over wat je aan had op het podium of hoe je haar zat, dan weet je dat je goed hebt gezongen.

En die valse noot, die wordt je echt wel vergeven als jij met plezier op het podium staat en muziek bént. Als je vanuit je hart en ziel performt en raakt. Ik zal je één geheim vertellen: als jij je toehoorders weet te raken met je performance, dan zitten ze in hun hart. Het is hart aan en mind uit, of hart uit en mind aan. En als ze in hun hart zitten, staat de sportcommentator uit. Die valse noot wordt dan óf niet gehoord, of er is niemand die er iets van vindt.

Dus zing, uit volle borst, met heel je ziel en zaligheid en wees niet te bang voor die valse noot. Want, zoals mijn zangjuf Setske Mostaert zei ‘techniek en gevoel heet samen zingen’.

 

 

 

 

Kanariepietjes: de levende lakmoestesten van de maatschappij

 

Zwak is het nieuwe sterk

We leven in een tijd waarin we openlijk kunnen zijn wie we zijn: bi-sexueel, transgender, autist, ADHD’er, hoogsensitief. Iedereen heeft zijn eigen hokje en dankzij boeken, films, artikelen en soaps weten we ook hoe zo een hokje eruit ziet. Het ‘anders zijn’ kan ook aanleiding zijn voor een geanimeerd gesprek op een feestje: het brengt tenslotte ook een hoop kwaliteiten met zich mee, niet alleen maar lasten. Normaal zijn is tenslotte zó 1980 en saai. En wat is normaal eigenlijk: is dat niet gewoon het gemiddelde van alle afwijkingen?

Overal gevoelig voor

Er is echter één ‘anders zijn’ wat geanimeerde gesprekken stil laat vallen en waarvoor men terugdeinst: als je overal gevoelig voor bent. Gevoelig voor bepaalde voedingsmiddelen, E-nummers, straling van mobiele telefoons en wifi, laagfrequent geluid, chemische geuren en licht en andere zaken waarvan men niet eens van het bestaan op de hoogte was.

Maatschappelijk geaccepteerde overgevoeligheden zoals gluten, lactose, sigarettenrook of bepaalde E-nummers kan men nog wel handelen. Maar als het te ongewoon wordt, bijvoorbeeld overgevoelig zijn voor straling van mobiele telefoons en wifi, of als er te veel overgevoeligheden zijn om rekening mee te kunnen houden, wordt het te ingewikkeld. Dan is diskwalificeren makkelijker dan het serieus nemen en erop anticiperen.

Goed of gek?

Overgevoeligen zijn lastig in een hokje te plaatsen. Ben je een hypochonder of een controlefreak?  Ben je psychisch niet helemaal in orde en zoek je een object voor een objectloze angst? Of spreek je misschien toch de waarheid? Niet alleen de omgeving, maar ook werkgevers, huisartsen, psychologen, uitkeringsinstanties en politici weten zich geen raad met deze mensen. Doordat overgevoeligen de uitzondering op de regel vertegenwoordigen, zijn ze voor professionals confronterend. Door hen staan ze oog in oog met hun onvermogens, de beperktheid van vakkennis, de grenzen van wetten, wetenschap en verklaringsmodellen. Dit maakt overgevoeligen zo ongeveer de engste mensen van de maatschappij. Op terroristen na dan. Onbekend maakt tenslotte onbemind.

Signaalfunctie

De overgevoeligen zijn de ultra hoogsensitievelingen, de figuurlijke kanariepietjes in de kolenmijn. Vroeger namen mijnwerkers een kanariepietje mee de mijnen in als early warning signal voor gas. Als er gas was viel het kanariepietje van het stokje en wisten de mijnwerkers dat de situatie onveilig was.  Zij die overal gevoelig voor zijn, zijn de early warning signals van onze maatschappij. Door onze onnatuurlijke manier van leven, milieuvervuiling, medicalisering van de gezondheidszorg en een steeds hoger wordend levenstempo wordt de groep kanariepietjes steeds groter.

Onbegrip

De kanariepietjes zouden een waardevolle signaalfunctie in de maatschappij kunnen vervullen als we bereid zouden zijn lering te trekken uit hun gevoeligheden en onvermogens. Maar in plaats daarvan vliegen kanariepietjes zichzelf constant te pletter tegen een raam van onbegrip. De maatschappij heeft geen antwoord op de onvermogens van overgevoeligen en druist er met regels en eisen vaak recht tegenin. Kanariepietjes worden geacht in het gareel mee te vliegen, ook als dat niet kan. Omdat er voor de onvermogens van kanariepietjes vaak (nog) geen sluitend wetenschappelijk verklaringsmodel is volgt automatisch de gevolgtrekking dat het psychisch is. Maar dat de wetenschap iets niet kan verklaren, wil niet zeggen dat iets psychisch is: dat wil enkel zeggen dat de wetenschap iets nog niet kan verklaren. Punt. Er is zoveel wat de wetenschap (nog) niet kan verklaren en waar ze geen antwoord op heeft.

Overleven

Hoe kun je als kanariepietje in je kracht staan en een zinvol leven leiden als je telkens moet bewijzen dat er niets mis met je is? Als je continu dingen moet doen of aan zaken wordt blootgesteld die je ziek maken of houden? Op deze manier wordt leven overleven: een situatie die voor veel kanariepietjes realiteit is. Het wordt tijd dat daar een einde aan komt. De kanariepietjes verdienen hun eigen plek in de maatschappij, hun eigen hokje. Als ze gewoon kunnen zijn wie ze zijn, kunnen ze in hun kracht staan en een belangrijke bijdrage leveren aan de maatschappij. Als levende lakmoestesten zijn kanariepietjes de sleutel naar een gezondere, natuurlijkere manier van leven.

Dure grap

De angst dat kanariepietjes na erkenning van hun overgevoeligheden lekker thuis gaan zitten teren op de zak van de maatschappij is ongegrond.  Als kanariepietjes erkenning krijgen, kunnen ze de voor hen optimale omstandigheden creëren om te leven, wonen en werken. Geen één mens die zichzelf als gezond ervaart (wat iets anders is dan gezond zijn), wil thuis zitten en niks doen. Het is inherent aan mens-zijn dat je een waardevolle bijdrage wilt leveren aan de wereld, nuttig zijn, waarde toevoegen. Kanariepietjes hebben de wereld veel te bieden: ze zijn vaak creatiever, intelligenter, empathischer, intuïtiever en onder hen zijn dan ook veel kunstenaars, artiesten, sociaal werkers en visionairen te vinden. Hebben ze een noodlanding moeten maken in een uitkeringssituatie, dan zullen ze zo snel mogelijk weer uitvliegen. Want kanariepietjes zijn óók zeer consciëntieus én trots. Echter, als de erkenning uitblijft en ze tegen hun natuur in moeten gaan is de kans groot dat ze niet (meer) kunnen functioneren en langdurig arbeidsongeschikt raken. Dát is pas een dure grap voor de maatschappij.

 

De dag dat ik besloot nooit meer stress te hebben

Vandaag heb ik besloten nooit meer stress te hebben. Nooit meer jakkeren en jagen, nooit meer wakker liggen van malende gedachten, nooit meer op zien tegen situaties, nooit meer op de kast door wat anderen zeggen of doen. Nooit meer.

Maar kan dat eigenlijk wel? Is dat geen onmogelijke opgave in één van de meest stressvolle periodes in mijn leven ?  Er wordt een continu beroep op mij gedaan als moeder van drie kinderen, vrouw en vriendin. Als ZZP’er, wiens schaapjes vaker in de sloot liggen te spartelen dan op het droge rondhuppelen, is er veel onzekerheid in de bestaansbasis. En als klap op de vuurpijl heb ik als kanariepietje ook nog eens een extreem stressgevoelig lichaam. Kortom, naar de maan vliegen klinkt als een meer binnen bereik liggend doel dan geen last meer hebben van stress. Tenzij ik een vliegticket naar India heb geboekt om voor de rest van mijn leven in een grot te mediteren.

Wat is stress?

Wat is stress eigenlijk? Tijdens mijn opleiding stressmanagement leerde ik dat het begrip stress uit de bouwwereld komt. Als een balk meer gewicht moet dragen (draaglast) dan technisch mogelijk is (draagkracht), is er sprake van stress. Vertaalt naar een mensenleven is stress een wanverhouding tussen draaglast en draagkracht. Als je meer op je bordje hebt dan je op dat moment aan kunt is er sprake van stress. De draaglast bestaat uit externe factoren zoals de dingen die je te doen hebt, het beroep dat op je gedaan wordt en gebeurtenissen in het leven. En de draagkracht bestaat uit het totaal van je vermogens om de stress te managen, waaronder gezondheid, je voorgeschiedenis en je mentale capaciteiten.

Volgens Wikipedia kan stress heel ruim worden omschreven als een reactie op elke prikkel of conditie die spanning veroorzaakt. De  oorspronkelijke natuurkundige definitie van stress is ‘een kracht die op het lichaam inwerkt’.

Positieve stress

Stress is niet per definitie iets negatiefs: een beetje spanning kan er juist voor zorgen dat je alerter bent en beter presteert. Ook positieve gebeurtenissen in het leven, zoals een huwelijk, een leuk feestje, het winnen van een prijs of een buitengewone prestatie op het werk, kunnen een bron van (positieve) stress zijn. Van deze stress wil over het algemeen niemand af; het opgewonden gevoel zoeken we juist vaak op.

Ik wil echter geen last meer hebben van beiden soorten stress. Zowel bij positieve-  als negatieve stress werkt de chemische fabriek van het lichaam op volle toeren. Alleen is de uitkomst van positieve stress prettiger dan van negatieve. Maar in beide gevallen verkeert het lichaam in een hieperdepieper-toestand, wat voor een extreem stressgevoelig lichaam onhandig is:  zie die woelige zee maar eens kalm te krijgen.

Jengelende kinderen en onheilspellend NOS-journaal

Mijn extreem stressgevoelige lichaam is de reden om te besluiten nooit meer last te hebben van stress. Ik wil dat bereiken terwijl ik midden in het leven sta: te midden van rinkelende telefoons, jengelende kinderen en met het onheilspellende NOS-journaal op de achtergrond. Zonder het leven te vermijden of mij terug te trekken in een grot: dat kan tenslotte altijd nog.

Als wij stress ervaren, gaan we situaties vermijden of juist beïnvloeden. Om de draaglast te verminderen schrappen we activiteiten, vertellen die irritante buurman eens flink de waarheid en maken een betere planning. En dat lucht op. Pas als de stress een issue blijft gaan we noodgedwongen ook aan onze draagkracht werken, bijvoorbeeld door een mindfulnesstraining  of te leren mediteren. En ook dat brengt weer verlichting.

21 kikkers in een kruiwagen

Maar nooit meer last hebben van stress? Dat vereist een drastische aanpak, wat begint met een paradigmashift. Sadhguru Isha, een Indiase religieloze mysticus, wijze en visionair, komt met een nieuwe definitie van stress. Volgens hem is dat wat wij stress noemen inherent aan het leven. Hebben we geen werk dan hebben we stress; hebben we wel werk dan hebben we nog meer stress. Hebben we geen kinderen dan hebben we stress; hebben we wél kinderen dan trekken we onze haren eruit van de stress. Er is ALTIJD stress.

Volgens Sadhguru Isha zijn het niet de externe omstandigheden die stress veroorzaken, maar is stress te definiëren als het onvermogen om je eigen systeem te managen: je lichaam, gedachten, gevoelens en energieën. Zijn definitie is revolutionair te noemen omdat het de oorzaak van stress volledig bij ons zelf neerlegt: wij zijn de bron van onze eigen stress. En dat is in tegenspraak met alle definities van stress, die factoren van buitenaf in ieder geval als mede oorzaak zien.  Maar waarom zou je je druk maken over stressfactoren in de buitenwereld? Deze liggen grotendeels buiten eigen controle en daar controle over willen krijgen is weer een bron van frustratie en stress. Zoiets als pogen 21 kikkers in een kruiwagen te krijgen.

Onze cellen luisteren mee

Laten we Sadhguru zijn statement eens nader onderzoeken. Wat gebeurt er bij stress? In de meeste gevallen is er ‘iets’ dat de stress veroorzaakt: een trigger. Je vind een briefje met een telefoonnummer van een vrouw omgeven door hartjes in de broekzak van je man. Je hoort in de wandelgangen dat je baan op de tocht staat. Je voelt je al een tijdje niet zo lekker en vreest voor je gezondheid. De trigger veroorzaakt een stortvloed aan gedachten en gevoelens. Omdat je cellen altijd meeluisteren om het lichaam bij dreigend gevaar klaar te kunnen maken voor gepaste actie, gaat de hele interne chemische fabriek overuren draaien. Het maakt niet uit of het een reële dreiging betreft of eentje die alleen bestaat in gedachten. De onderbewuste machinerie van het lichaam kan dat onderscheid niet maken. Ervaren wij gevaar of moeten er grenzen bewaakt worden, dan worden er stofjes aangemaakt waardoor wij kunnen vechten of vluchten. Het hart gaat sneller kloppen, het bloed gaat harder door de aderen stromen en de ademhaling versnelt; de zogenaamde arousel. Als we de situatie als machteloos of verloren inschatten,  voelen we ons krachteloos en moe worden; alsof iemand de energiekraan van het lichaam dichtdraait. Denken is dus niet zo onschadelijk en zonder gevolgen als wij denken. Denk je 30 x aan een lastig gesprek met je baas of geliefde, dan maak je 30 x de stofjes aan alsof je daadwerkelijk in gesprek bent. Ook van denken kun je dus heel erg moe of juist opgefokt raken.

Rimpelloos meer

Wat stress tot een vervelende ervaring maakt is niet zo zeer de trigger, want die duurt meestal maar eventjes, maar wat daarop volgt: de zich almaar opdringende gedachten, de niet te stoppen stroom negatieve gevoelens en de onaangename fysieke reacties die daar het gevolg van zijn. Zoals een opgejaagd gevoel, een knoop in je maag, een brok in je keel, een dreigend gevoel van onheil. Dáár willen we vanaf.

Hoe fijn zou het zijn als je alleen maar een paar seconden de primaire fysieke stressreactie ervaart, zoals het bonzen van je het hart, het bloed dat door je aderen pompt of de kramp in je buik, en het daarna weer verdwijnt? Vergelijkbaar met een schip dat voorbij vaart: de golven ebben binnen een paar seconden weg. En hoe heerlijk zou het zijn als er geen gedachten en gevoelens meer zijn die in de situatie springen en deze almaar maar herkauwt en opblaast? En waardoor de interne chemische fabriek continu overuren draait? Als het daarna van binnen gewoon weer stil is, vergelijkbaar met een rimpelloos meer?

lake-mathieson-dawn

Stresscyclus doorbreken

De interne stresscyclus kan op twee manieren doorbroken worden. We kunnen de stok tussen de wielen van de stresscyclus steken op de plek waar gedachten zich aan de situatie hechten en zich ermee gaan bemoeien, gevoelens in het kielzog meeslepend. Dat vereist een meesterschap over je mind. Dit kun je onder andere leren door meditatie te beoefenen en mindfulness.

En hoewel de meeste stressreacties het resultaat zijn van brouwsels uit eigen keuken, zijn er ook reflexmatige stressreacties die vóór het denken langs gaan vanwege onderbewuste programmering. Als je daar erg last van hebt kan een therapeut helpen deze onderbewuste stressreacties te herprogrammeren, bijvoorbeeld door NLP, EMDR of Primaire Reflextherapie.

De ademhaling

De tweede stok die in de wielen van de stresscyclus gestoken kan worden is door te leren je zenuwstelsel te kalmeren en daarmee de productie van stressstofjes tot stilstand te brengen. De ademhaling is het enige instrument waarmee je zelf invloed kunt uitoefenen op je autonome zenuwstelsel. Sterker nog, je ademhaling en bepaalde gemoedstoestanden zijn nauw met elkaar verbonden. Bij elke emotie hoort een specifiek adempatroon: als je boos bent, wordt de adem kort en snel en als je verdrietig bent langzaam en diep. Omgekeerd werkt het ook: door op een bepaalde manier te ademen kun je bepaalde emoties oproepen. Eén van de krachtigste tools die ik ken om meester te worden over je ademhaling en zenuwstelsel is de Sudarshan Kriya techniek.

Slavernij

Volgens Sadhguru is stress een puur interne aangelegenheid waarbij oorzaak én oplossing de verantwoordelijkheid zijn van maar één persoon op aarde: wijzelf. Stress is een logisch gevolg van een onbewust leven waarin we geen meester zijn over ons systeem; over onze mind (denken/voelen), lichaam en energieen. Dit meesterschap is de sleutel tot een stressvrij leven. Maar zijn wij sowieso niet de enigen die de scepter horen te zwaaien in onze binnenwereld? Die hoort te bepalen wat wij denken, voelen en hoe wij ons gedragen? Als anderen dat bepalen, zijn wij dan niet gewoon simpelweg slaven?

Mentale beren en tijgers

Ik heb besloten dat ik mij helemaal kan vinden in de definitie van Sadhguru. Met mijn besluit om nooit meer stress te hebben, spreek ik dan ook de intentie uit om volledige meesterschap over mijn systeem te verkrijgen: over mijn denken, voelen, lichaam en energieën. Dat zal hard werken zijn, dag in dag uit, en veel discipline en inspanning vergen. Maar ik heb niet veel keuze: als kanariepietje kan ik mij de luxe van stress gewoon niet permitteren.

En toegeven, het heeft wel iets weg van een kansloze missie: ik mediteer al 27 jaar dagelijks een half uur, ik had al mega stressvrij moeten zijn…. Misschien is naar de Himalaya afreizen en aankloppen bij de grot van één of andere verlichte wijze toch de enige oplossing. Aan de andere kant, ik weet al precies wat deze gaat zeggen. Hij zal mij hoofdschuddend aankijken en verzuchten dat westerlingen lui zijn en wonderen verwachten van ‘maar’ een half uur per dag mediteren. Er blijven tenslotte nog drieëntwintig en half uur over om je helemaal op te fokken met mentale beren en tijgers en je cellen te laten sidderend van ongerustheid en opwinding. De wijze zou mij verzekeren dat ik niet 30 minuten, maar 24 uur per dag zou moeten mediteren.

Omdat wij in Nederland een tekort aan grotten hebben en geen basisinkomen, is de meditatieve grondhouding van  ‘merk alles op en vind er niks van’ al een stap in de goede richting. En dan niet af en toe, zoals bij mij nu het geval is, maar 24/7. Alle achterdeurtjes om stress te kunnen rechtvaardigen dienen afgesloten te worden, alle excuses de nek om gedraaid. Niets of niemand over te blijven om de schuld van stress in de schoenen te schuiven. En ook geen enkel excuus meer te zijn om stress langer door het lijf te laten gieren dan een stressreactie van nature doet. Werk aan de winkel dus.

 

 

 

Hooggevoelig = stressgevoelig

Als je vijftien jaar geleden verzuchtte dat je overprikkeld was en lege tijd nodig had, zou je meewarig zijn aangekeken. Nu weet iedereen wat ermee bedoeld wordt dankzij de Amerikaanse psychologe Elaine Aron. Zij bedacht in de jaren negentig de term ‘hoogsensitief’ of ‘hooggevoelig’ voor de naar schatting 15% tot 20% van de mensen wiens zenuwstelsel ontvankelijker is voor prikkels. Zij creëerde daarmee een maatschappelijk geaccepteerd hokje voor hen die overweldigd worden door het leven. Ondertussen zijn de begrippen hoogsensitief en hooggevoelig helemaal ingeburgerd.

Sexy naam

Hoogsensitiviteit is echter breder te trekken dan de eenzijdige focus van Elaine Aron op zintuigelijke prikkels: er is sprake van een hogere stressgevoeligheid van het gehele systeem. Dit stelt onder andere de Belgische klinisch psychologe Elke van Hoof, gespecialiseerd in hoogsensitiviteit en tevens ervaringsdeskundige. Volgens haar is de term hoogsensitief een meer sexy naam voor wat in de persoonlijkheidspsychologie al bekend stond als ‘negatief affect en reactiviteit’. Het betekent dat het stresssysteem geconfronteerd met uitdagingen erg snel reageert met overprikkeling, stress en angst[1].

Gevoelig voor alle prikkels

Wie hoogsensitief is, is in de regel in meer of mindere mate gevoelig voor alle prikkels, zowel van buitenaf als van binnenuit. Wie dit al jaren onderschrijft is drs. Karin Janssen, grondlegster van de Kindigo® KEI-methode en auteur van het boek ‘Kinderen bewust (op)voeden.”  Zij hanteert voor de prikkels die ons zenuwstelsel te verwerken krijgt het KEI-ezelsbruggetje en brengt alle prikkels onder in één van de categorieën kosmische prikkels, externe prikkels en interne prikkels.

Externe prikkels

Externe prikkels komen tot ons via onze zintuigen, dus via zien, horen, voelen, proeven en ruiken. Deze prikkels zijn voor HSP’ers welbekend: een drukke winkelstraat, een kamer vol door elkaar heen pratende mensen, een rommelig huis, harde muziek, kriebelende merkjes, hysterisch bewegende beelden op een scherm. HSP’ers zijn vooral gericht op het reduceren van dit soort prikkels. Tot de externe prikkels behoren volgens Janssen echter ook zaken als luchtvervuiling, uitlaatgassen, chemische luchtjes en elektromagnetische straling.

Interne prikkels

De interne prikkels zijn o.a. afkomstig van verkeerde voeding, infecties, hormonale onbalans, medicatie, vaccinaties, belasting van zware metalen en andere niet-natuurlijke stoffen,  tekorten aan bepaalde vitaminen, mineralen, aminozuren en enzymen. Vandaar dat hooggevoeligen ook veel baat hebben bij een zo natuurlijk mogelijke leefwijze en vaak opknappen na detoxen en bij een dieet zonder E-nummers en allergenen zoals lactose en gluten.

Biochemische kettingreacties 

Maar ook prikkels ontstaan door gevoelens en gedachten behoren tot de interne prikkels. Gevoelens en gedachten zorgen voor biochemische kettingreacties in het lichaam, wat interne prikkels zijn. De emmer raakt dus niet alleen van buitenaf vol, maar ook binnenuit en zélfs door de wijze waarop je denkt en voelt. Op dit gebied is voor de hooggevoelige veel winst te behalen: je eigen mind ligt in principe geheel binnen eigen controle: jij bent de enige die de scepter zwaait in je eigen gevoels- en gedachtenwereld. Tenminste, als het goed is.

Bussen vol bejaarden

Externe prikkels liggen voor een groot deel buiten eigen controle. Een optimale situatie creëren kost vaak veel energie en frustratie ligt op de loer. Heb je net je ZEN-moment in een opgeruimd huis, gaan de buren met de klopboor alle plankjes en gordijnrailsen in huis verplaatsen. Ga je bewust op een rustig moment boodschappen doen bij de supermarkt, stromen er net drie bussen bejaarden binnen die met hun rollator alle gangpaden versperren. Raak je gefrustreerd in bovengenoemde situaties of flip je zelfs de pan uit? Weet dan dat je emmer van twee kanten volstroomt: zowel door prikkels van buitenaf als van binnenuit.

bejaarden rollators

Oké, het vergt een behoorlijke wilsinspanning, training en discipline om je mind en gevoelsleven onder eigen controle te brengen, maar het is mogelijk. En voor de hooggevoelige zelfs noodzakelijk te noemen: daarmee verminder je voor de rest van je leven een deel van de toestroom van prikkels en de figuurlijke emmer raakt daardoor minder snel vol.

Kosmische prikkels

De kosmische prikkels tenslotte, zijn buitenzintuigelijk ontvangen prikkels afkomstig uit de kosmos. zoals informatie die tot je komt door helder voelen, helder zien en helder weten. Ook het kunnen ervaren van de aanwezigheid van entiteiten, het waarnemen van aura’s en het aanvoelen van energieën vallen hieronder.

Kanariepietjes, HSP’ers en stresskippen

In essentie verschillen HSP’ers, stresskippen en kanariepietjes niet zoveel van elkaar: ze zijn allen erg stressgevoelig. Kanariepietjes reageren op specifieke prikkels zoals luchtvervuiling, elektromagnetische straling, chemische toevoegingen in voeding, allergenen in voeding en medicatie echter fysiek sterker dan HSP’ers en stresskippen, en bij hen resulteert het direct in gezondheidsproblemen. Dit heeft te maken met dat het fysieke emmertje van kanariepietjes vol zit en een klein druppeltje deze reeds laat overstromen. Ook HSP’ers en stresskippen hebben vaak overgevoeligheden die op de achtergrond aan het storen zijn, maar omdat de symptomen niet zo expliciet zijn als bij kanariepietjes worden ze gemakkelijk over het hoofd gezien.

Ontprikkel- en energiewinst

HSP’ers en stresskippen staan op de nominatielijst om een kanariepietje te worden. Zodra hun fysieke emmertje vol genoeg zit met afvalstoffen en toxines, de bijnieren uitgeput zijn en het lichaam voldoende verzuurd is, kunnen ook zij veranderen in een kanariepietje. Vandaar dat het voor hen belangrijk is verder te kijken dan enkel zintuigelijke prikkels als oorzaak voor overprikkeling en ook de interne- en kosmische prikkels als mogelijke overprikkelfactoren in het aandachtsgebied te halen. Daarmee valt voor hen bovendien veel ontprikkel- en energiewinst behalen.

 

Meer weten over dit onderwerp? Volg mijn facebookpagina “Overal Gevoelig voor

coverafbeelding facebook groen inclusief energiemanagement

 

 

Bronnen:

Boek Kinderen bewust opvoeden, drs K.M.W. Janssen

Artikel Catherine Ongenae: ‘Ik weet wat het is om je anders te voelen”

Geef mij nu je angst

Het is 1 januari 2016 en het regent goede voornemens. Mijn goede voornemen is om vanaf nu een buitengewoon leven te leiden. Nog altijd haal ik niet het onderste uit de kan, laat ik niet het achterste puntje van mijn ware wezen zien en beklim ik niet de uiterste toppen van zelfverwerkelijking.  Oftewel: ik doe nog niet wat ik hier te doen heb op aarde.

Terug in de matrix

Het grote ‘doe-maar-normaal-mechanisme’, wat mij tegenhoudt heet ‘angst’. En ik ben geen uitzondering: het is een universeel mechanisme dat als je je voorneemt iets buitengewoons te gaan doen, creatief te zijn of uit de dagelijkse sleur van het voorspelbare te stappen je angst volledig in paniek raakt en als een bootje in nood in wilde weg waarschuwingspijlen gaat afschieten. Angst zal er alles aan doen om je terug naar de comfortzone te duwen, je weer in de matrix te prakken en te zorgen dat je je vooral normaal en voorspelbaar blijft gedragen. Want je zou kunnen falen, uitgelachen en belachelijk worden gemaakt, sociaal uitgesloten worden, je hele bestaansbasis om zeep kunnen helpen en eindigen als straatnieuwsverkoper.

De positieve intentie van angst

Angst heeft dus een goede intentie: het is een waardevolle gast die  vooral wil beschermen en als zodanig verdient angst ook alle liefde en waardering en een plekje aan de stamtafel van ons eigen wezen.  Wil je een risicoloos leven leiden in de comfortzone, luister dan vooral naar wat angst je ingeeft en stel al je plannen flink naar beneden bij. Wil je een creatief, buitengewoon leven leiden waarin je je passie volgt, weet dan dat angst je altijd gezelschap zal houden. Sterker nog, angst en creativiteit gaan zij aan zij. Bestseller auteur Elisabeth Gilbert omschrijft het als volgt:

“Ik heb de indruk dat mijn angst en mijn creativiteit eigenlijk een Siamese tweeling zijn en dat wordt wel bewezen door het feit dat de creativiteit geen stap kan verzetten zonder dat de angst hem vergezelt”

Wegdrukken is oppompen

Het voelen van angst is geen teken dat je gewaarschuwd wordt door een hogere macht of je intuitie. Denk niet dat je pas op de juiste weg bent als angst niet hysterisch aan de noodrem trekt. Weet dat angst automatisch opvlamt zodra je dichter bij het vuur van je leven komt. Er zit dus niks anders op dan angst als trouwe metgezel te accepteren op je levensreis. Je inspannen om van angst af te komen of het te onderdrukken werkt averechts: wegdrukken = oppompen. Het is net als het niet aan een roze olifant mogen denken: je denkt er dan juist aan.

Angst is besmettelijk

Hoe kun je het beste met angst omgaan? Leer de aard van angst kennen. Weet dat angstenergie de neiging heeft om te groeien en uiterst besmettelijk is. Het is een soort van Pacman op zoek naar negatieve ervaringen en energieën om zich aan te kunnen laven en daardoor te groeien. Angstenergie is dan ook dol op negativiteit: het journaal, kranten, roddel en achterklap en negatieve azijnpissers die je vooral in de ‘realiteit’ willen zetten. Angstenergie zal er alles aan doen om je trilling naar beneden te halen want in een lagere trillingsenergie heeft angst meer kans om zich te manifesteren en doen gelden.

Veere van de Bilt negatieve energie

Tekening: Veere van de Bilt

Tunnelvisie

De invloed van angst is goed waarneembaar. Het maakt dat je je steeds zwakker en slapper voelt. Door de activering van stresshormonen neemt het vermogen om helder te denken af en kom je steeds meer in een tunnelvisie terecht. Kansen en mogelijkheden verliezen hun glans en lijken steeds onrealistischer te worden. En dat is precies waar angst je wil hebben:  terug bij af en bij ‘doe-maar-normaal-dan-doe-je-al-gek-genoeg’. Je mooie plannen en goede voornemens verdwijnen in de koelkast om er weer uit te komen als er minder gevaar dreigt ofwel als angst minder hard loopt te gillen en loeien. Maar zal dat ooit gebeuren?….

Tips om de angstkringloop te doorbreken

Wil je je plannen realiseren en je gestelde doelen bereiken, dan is het belangrijk om de angstkringloop te doorbreken. Dat kan met de volgende tips:

  1. Als je angst voelt opkomen probeer er dan niet van af te komen, maar ruim er tijd voor in om angst zijn zegje te laten doen. Weet dat als je er niet tegen vecht maar juist ontspant, je angst ook ontspant. Bedank angst voor de goede intenties om jou te behoeden en beschermen, maar laat ook weten dat jij om je doelen te bereiken, juist niet zal luisteren naar angst.
  1. Omdat angst meer kans heeft in een lage trillingsenergie is het belangrijk om situaties te vermijden die angst voeden. Doordat angst onderbewust aan het roer zit zul je je echter juist aangetrokken voelen tot trillingverlagende situaties: je zal meer behoefte voelen om het journaal te kijken, negatieve mensen op te zoeken of ervaringsverhalen te lezen van mensen die totaal mislukten toen ze hun dromen najoegen. Merk je dat angst zijn intrede doet, zorg dan dat je je trilling verhoogt: lees een inspirerend boek, ga wandelen in de natuur, ruik aan een bloem, zoek mensen op die een positieve invloed op je hebben. Hoe hoger je trilling, hoe minder angst jou in zijn greep kan hebben.
  1. Angstenergie is een hele dominante, vervelende en verlammende energie: reden genoeg om zo snel mogelijk van dit gevoel af te willen zijn. Maar hoe meer je dat probeert, hoe meer angst zijn pijlen op je zal richten: waar je je aandacht op richt groeit. Bovendien schep je met je angstenergie juist datgene waar je bang voor bent doordat je aantrekt wat je vanuit je hart uitstraalt. Je hart is je grootste zender: het magnetisch veld van je hart is wel 5000 x sterker dan het magnetisch veld van je hersenen en reikt ook veel verder. Het is dus belangrijk om je zender af te stemmen op een positieve kanaal. Sta stil bij je angstgevoel en vraag jezelf af ‘kan ik liefde voelen voor dit gevoel?’. Met de wetenschap dat angst altijd een goede intentie heeft is het wellicht makkelijker liefde naar het gevoel te sturen. Stuur net zolang liefde naar de angst tot het hartgebied zacht voelt en ontspant. Door liefde in je hart te voelen voor de angst pool je de energie die je uitstraalt om en wordt je hart weer een magneet om dat wat je wilt creëren  aan te trekken.

Met angst in je kielzog is je comfortzone verlaten en iets buitengewoons doen niet iets voor watjes. Het vraagt behoorlijk wat moed om angst dag in dag uit te trotseren en te managen. Bovendien, zonder angst zou er ook geen sprake zijn van moed: alleen roekeloze mensen en psychopaten hebben er geen last van. Moed is niet de afwezigheid van angst maar het besef dat iets anders belangrijker is dan angst.

courage-is-not-the-absence

Voor 2016 wens ik de wereld veel moedige mensen toe.  “Face your fears and act’ en luister af en toe eens naar de zoete woorden van Guus Meeuwis: “Geef mij nu je angst, ik geef je er hoop voor terug.”

Hét gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw: bescherm je elektromagnetische veld

Om gezond te blijven in deze digitale wereld is het van belang te weten dat mobiele telefoons, tablets en slimme gadgets het elektromagnetische veld van ons lichaam verstoren. Elektromagnetisme speelt een rol in al onze lichaamsprocessen: je zou kunnen stellen dat wij zelf een elektromagnetisch veld zijn. Weten hoe dit veld te beschermen is hét gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw. 

vrouw buiten

We eten goijbessen en hennepzaad, schrappen gluten massaal uit ons dieet en kiezen steeds vaker voor producten die biologisch en duurzaam zijn. Omdat we gezond leven belangrijk vinden. Gezond en vitaal blijven is in deze tijd immers geen vanzelfsprekendheid maar iets waar voor gewerkt moet worden, zéker als de 40 gepasseerd is. En dus gaan we in groten getale naar de sportschool, op dieet, detoxen, ontzuren, mineraliseren, naar yoga of een cursus mindfulness.

Grootste geheim
En ondertussen ligt het grootste geheim voor het behoud van onze gezondheid en vitaliteit in de 21ste eeuw te wachten om ontdekt te worden. Niet alleen door de early adopters, maar door iedereen. Leven in de digitale wereld versie 2.0. waarin we uitgerust zijn met smartphones, tablets en andere ‘slimme’ gadgets vraagt iets nieuws van ons. Iets wat nooit eerder een issue is geweest maar zeer essentieel is nu we naar een situatie evolueren waarin alles en iedereen ‘connected’ en ‘wireless’ is, zelfs kattenbakken en kamerplanten (Internet of Things). Dit nu nog onbekende gezondheidsgeheim wordt in de toekomst in ons dagelijks leven net zo vanzelfsprekend als gezond eten, voldoende bewegen en 2 x daags je tanden poetsen, daarvan ben ik overtuigd.

Darwin
Dr. Robert O. Becker, tweemaal genomineerd voor de Nobelprijs voor Geneeskunde zei reeds jaren geleden ‘We leven in een zee van elektromagnetische straling die we niet kunnen waarnemen en wat nooit eerder bestaan heeft op deze aarde.’ Afgelopen 15 jaar zijn we voor onze mobieltjes en tablets aan onze omgeving een dosis elektromagnetisme gaan toevoegen die wel tot een biljoen keer hoger is dan de hoeveelheid elektromagnetisme die van nature op aarde aanwezig is. Het is naïeve te denken dat dit zonder gevolgen is. Elektromagnetisme is één van de 4 fundamentele krachten uit de natuurkunde net als zwaartekracht en de kernkrachten. Bovendien heeft ons organisme zich normaliter pas na een aantal generaties aangepast aan veranderingen in de omgeving. Volgens Darwin hebben zij die zich het beste kunnen aanpassen aan hun omgeving de meeste overlevingskans. In die aanpassing ligt het gezondheidsgeheim van de 21ste eeuw besloten: wij moeten ons elektromagnetische veld beschermen om de simpele reden dat wij zelf elektromagnetisch zijn.

quote Darwin

Wij zijn elektromagnetisch
Dat wij elektromagnetisch zijn is in de medische wetenschap al bekend: het EEG en ECG meten het elektromagnetisch veld van onze hersenen en hart. Elektromagnetisme speelt een rol in al onze biologische processen: van de celdeling, cel differentiatie en afscheiding van hormonen tot de groei en functie van de zenuwen. Onze hersenen werken door elektriciteit en er bevinden zich bovendien magnetiteitkristallen in de hersenen die reageren op veranderingen in elektromagnetisme. Dit laatste gebeurt ook in onze cellen: celwanden hebben een elektromagnetische spanning en bepaalde receptoren in de celwand reageren op verschillen in elektromagnetisme. Hierdoor ontstaat binnen een paar seconden een kettingreactie  in de cel. Bij deze kettingreactie worden o.a. veel vrije radicalen gevormd.

Artsen en wetenschappers
Ons elektromagnetisch veld is zeer gevoelig voor verstoringen en heeft daarom bescherming nodig. Dat is geen science fiction of geneuzel van zweverige types maar iets wat door vele vooraanstaande wetenschappers en artsen wordt bevestigd. Onder hen de eerder genoemde chirurg dr. Robert O’Becker, tevens auteur van het boek ‘the body electric’, dr. Hugh Taylor, hoofd van de afdeling Verloskunde en Gynaecologie van Yale Universiteit, professor emeritus Martin Pall, dr. Andrew Goldsworthy en de New Yorkse arts dr. Gonzales. In onderstaande video legt dr. Gonzales in een paar minuten heel helder uit waarom wij ons elektromagnetisch veld moeten beschermen.

Video: Dr. Gonzales legt uit waarom wij ons elektromagnetische veld moeten beschermen

Gezondheidseffecten
Volgens Dr. Gonzales zijn wij zelf een elektromagnetisch veld. In de video benadrukt hij dat wij ons ervan bewust moeten zijn dat we ons elektromagnetisch veld verstoren iedere keer dat we onze smartphone of tablet gebruiken, of zelfs alleen in onze hand houden. We beïnvloeden het ook als we in de buurt komen van een wifi-router, draadloze huistelefoon of zendmast voor mobiele telefonie. Als we ons elektromagnetisch veld beïnvloeden heeft dat effect op ons zenuwstelsel, op onze biologische processen en zelfs op ons DNA. Voor kinderen zijn de effecten nog sterker doordat ze nog volop in ontwikkeling zijn. Een verstoring van ons elektromagnetische veld kan in verband worden gebracht met allerlei gezondheidsproblemen: van slaapstoornissen en hoofdpijn tot aan depressies, ADHD en autisme.

Hippocrates
Omdat we het niet kunt zien, horen of ruiken is lastig voor te stellen dat elektromagnetische velden invloed kunnen hebben. Bovendien kunnen we de effecten van een verstoring van ons eigen elektromagnetische veld meestal niet direct waarnemen of ervaren omdat ze vooral plaatsvinden op het subtiele niveau van biochemische processen in ons lichaam. En daardoor lijkt het beschermen van ons eigen elektromagnetische veld iets wat geen prioriteit heeft, maar niets is minder waar.  Hippocrates sprak de wijze woorden:

“Ziekten overvallen ons niet als een donderslag bij heldere hemel, maar ontwikkelen zich uit de dagelijkse kleine zonden tegen de natuur. Als deze zich hebben opgehoopt, breken ze schijnbaar plotseling door”

Uitdaging
De uitdaging waar wij in de 21ste eeuw voor staan is niet de technologie een halt toe roepen en terug gaan naar de jaren ’80: alle ontwikkelingen hebben ons tenslotte ook veel goeds gebracht. De uitdaging zit in het bewust omgaan met deze nieuwe technologieën: we moeten ons bewust worden van de effecten op onze gezondheid en daar op anticiperen. Daarmee moeten we niet wachten tot overheden of instanties ons daartoe aansporen want die hobbelen meestal jaren achter de feiten aan. We moeten daarom zelf aan de slag: voorkomen is immers beter dan genezen. Gelukkig is er veel wat we kunnen doen om ons elektromagnetische veld te beschermen. Zoals de wifi ‘s nachts uitzetten, de mobiele telefoon niet op het lichaam dragen en kiezen voor verbindingen aan draad.

 

Haal jij goed adem? – Ademweetjes voor vocalisten

De ademhaling: basis van zingen

De  ademhaling is de basis van zingen. In de huidige samenleving waar stress eerder regel dan uitzondering is halen velen verkeerd adem. De ademhaling is dan te diep, te vaak en/of te oppervlakkig. Als je verkeerd ademt, dan is een gevolg dat je tijdens het zingen minder adem hebt om volume te maken, lang op één adem te zingen of uit te halen.

Wat is een goede ademhaling?

Zittend op een stoel is ca. 6 keer per minuut ademhalen voldoende. Een informatief filmpje hierover is van Koen de Jong, auteur van het boek “De Verademing”.

Door stress en verkeerd ademen raakt het ademhalingsorgaantje in onze hersenen ontregeld. Het gaat dan steeds sneller een signaal afgeven dat er weer adem moet worden gehaald. Hierdoor word je in feite kortademig zonder dat je dat in de gaten hebt. Een term voor deze status quo is ‘verborgen hyperventilatie’. Het is geen hyperventilatie in de zin van dat je loopt te snakken naar adem, een vorm van hyperventilatie die je niet over het hoofd kunt zien omdat het zeer vervelend is. Verborgen hyperventilatie merk je veelal niet op, tenzij je je ademhaling onder de loep neemt en er achter komt dat je in rust veel vaker ademhaalt dan 6 keer per minuut.

Ademvolger

Om een indruk te krijgen wat een goede ademhaling is, kun je in rust je ademhaling synchroniseren met deze online ‘ademvolger’: .

Je moet deze oefening kunnen doen zonder al te diep te gaan ademen. Loop je te snakken naar adem, of moet je heel diep ademen om de ademvolger bij te kunnen houden, dan is er een goede kans dat je verborgen hyperventilatie hebt.  Deze ademvolger is ook als App te koop: de Respiroguide Pro (kosten ca. 1,95).  In deze app kun je de ademhalingsnelheid aanpassen: hij kan iets sneller en langzamer ingesteld worden.

Ademhalingsorgaantje trainen

Mocht je verborgen hyperventilatie hebben en/of meer adem willen creëren voor het zingen, dan is de Buteyko-techniek aan te raden. Dr. Buteyko was een Russische arts die verborgen hyperventilatie op het spoor kwam. Hij heeft een techniek ontwikkeld om je ademhalingsorgaantje te ‘hertrainen’ waardoor het opnieuw afgesteld wordt en de ademprikkel langer uitgesteld. Dit kan je zangkwaliteiten enorm ten goede komen!

Een interview met dr. Buteyko over de ademhaling:

In onderstaande Nederlandse video wordt in het kort uitgelegd wat een te snelle ademhaling doet, waarom je er kortademig van wordt en wat de gevolgen zijn. Een belangrijk signaal voor verborgen hyperventilatie is de aanwezigheid van fysieke klachten zoals vermoeidheid, een opgejaagd gevoel, hoofdpijn, tintelingen, duizelingen. Maar het heeft dus ook een negatief effect op je zangmogelijkheden!

De Buteyko-techniek kun je niet zelf leren: je hebt daar de hulp van een gecertificeerde Buteyko-therapeut voor nodig.  Een informatieve website over de Buteyko-techniek is www.buteyko-instituut.nl

Positief denken: een krachtig instrument

Positief denken kan een krachtig instrument zijn voor meer harmonie, vrede en gezondheid. Zonder voorafgaand innerlijk werk om de eigen negativiteit en duisternis onder ogen te zien kan het geen krachtige tool zijn, maar juist tegen je werken. De invloed van positief denken reikt veel verder dan de meeste mensen denken: jouw vibraties zijn uitermate besmettelijk. Ben jij in het leven een magiër of een incompetente tovenaarsleerling? 

Positief denken: een krachtig instrument voor meer harmonie, vrede en gezondheid

“Gedachten en gevoelens zijn krachtstromen. Daarom moet je steeds waken over de kwaliteit van elke gedachte, elk gevoel dat je wenst te voeden in jezelf. Dat is zelfs één van de belangrijkste dingen waar je je om moet bekommeren.”
Omraam Mikhael Iavanhov

jongen met vogel
Gedachten zijn krachtstromen. Negatieve gedachten hebben een negatieve invloed: ze zorgen voor disharmonie en chaos en halen onze trilling naar beneden. Op fysiek gebied zal dit uiteindelijk resulteren in een gebrek aan energie en vitaliteit en uiteindelijk zelfs in ziekte. Positieve gedachten hebben een positieve invloed: ze zorgen voor meer harmonie en verhogen onze trilling. Positief denken zorgt zelfs voor verfijnder bouwstoffen voor het lichaam wat gezondheid en vitaliteit tot gevolg heeft. Dit heeft te maken met de universele wet van affiniteit of overeenkomst, wat inhoudt dat alles van gelijke trilling elkaar aantrekt.

“Ieder gevoel of verlangen, iedere gedachte heeft de eigenschap uit de ruimte de materie aan te trekken die ermee overeenstemt. Zo worden zuivere, onvergankelijke en eeuwige materiedeeltjes aangetrokken door goede gedachten, verheven gevoelens en edele verlangens, ondersteund door een sterke wil.”
Omraam Mikhael Ivanhov, De Nieuwe Aarde, blz 214

Wil je meer innerlijke rust, vrede en harmonie ervaren, in een hogere trilling komen, dan moeten je gedachten en gevoelens in overeenstemming zijn met die hogere trilling.

Zo lang je tegelijkertijd lagere gevoelens, gedachten en verlangens hebt, zoals boosheid, wrok, eigenbelang, frustraties, bijvoorbeeld door onverwerkte emoties of zaken in jezelf die het licht nog niet hebben mogen zien, vibreert dat mee en trekt de materie aan die daarmee resoneert. Je zal daarom niet veel vooruitgang boeken ondanks al je inspanningen. Je zult daarom eerst tot het diepste van je wezen af moeten dalen, tot in je diepste duisternis, en daar het licht van je bewustzijn laten schijnen, voordat je écht je trilling blijvend kunt verhogen door positief denken.

Pas dan kun je er zonder risico voor kiezen alleen maar positieve gedachten en gevoelens toe te staan en jezelf te verbieden negatieve gedachtes of gevoelens te hebben.

Ga je positief denken zonder dat je innerlijk werk hebt gedaan om je eigen diepste duisternis onder ogen te zien of omdat je de wereld te bedreigend vindt en je de negativiteit daarvan buiten je bewustzijn wilt houden, dan is positief denken geen krachtig instrument voor harmonie en gezondheid, maar misbruik je het om de werkelijkheid te vervormen.

Positief denken als zelfbedrog

Positief denken kan net zo zelfbedrog zijn als negatief denken. Jarenlang was ik een ster in het positief denken: alle problemen werden in no-time omgezet in uitdagingen en positief geherkaderd. Zelfs de meest vervelende gebeurtenissen kregen een positieve betekenis. Het voordeel hiervan was dat ik zelden een moment had dat ik het leven niet meer zag zitten. Ook belandde ik nooit in een diepe depressie: té negatief denken stond ik mijzelf gewoon niet toe.

Maar uiteindelijk is positief denken alleen niet zaligmakend. Als je nog vol negativiteit zit die je weg wilt drukken, is positief denken is als een dun gouden laagje leggen om een hondedrol. Hij ziet er daardoor mooi uit en het kan de stank wellicht verbloemen, maar het is en blijft een hondedrol. Jij kan dan zelf in de waan verkeren dat niemand de drol zal ontdekken of de stank zal ruiken, maar vergeet niet dat anderen vaak een sensor hebben voor incongruenties. Ze zullen aanvoelen dat er ‘iets niet klopt’.

Positief denken kan ook misbruikt worden om zaken te ontkennen, weg te drukken of te ontlopen. Bijvoorbeeld omdat het te pijnlijk is een negatieve kant van jezelf of een ander onder ogen te zien of de hopeloosheid van een situatie.  Het kan soms makkelijker zijn om positief te denken en te hopen op een positieve wending van het lot, dan adequaat te handelen. Maar juist dat wegdrukken, ontkennen en ontlopen kost bakken met energie en daar put je je lichaam enorm mee uit. Bovendien vererger je problemen als je niet handelt als de situatie er om vraagt. Ook is wegdrukken oppompen: probeer maar eens een bal onder water te duwen. Hoe harder je dat doet, hoe harder hij tegenkracht geeft.  Uiteindelijk zal de tegenkracht van datgene wat je buiten je bewustzijn probeert te houden zo groot worden dat het gouden laagje openbarst en alles wat heeft liggen gisten en rotten er door de kieren uit gutst en zelfs spuit.

Bij positief denken kun je de realiteit mooier maken dan hij is, en kan het zijn dat je de neiging hebt alles wat niet in dat plaatje past te ontkennen en/of ontlopen. Bij negatief denken heb je de neiging de werkelijkheid negatiever te maken dan het is en ben je vooral bezig met doemscenario’s en dat het anders had moeten.

Positief denken kan daarom net zo een zelfbedrog zijn als negatief denken. In beiden gevallen heb je geen contact met ‘dat wat is’, ben je niet aanwezig in het hier-en-nu,  Volgens de weg van TAO en andere wijzen begint lijden als je geen contact hebt met de werkelijkheid en vindt deze anders had moeten zijn dan hij is.

Zodra je positief of negatief denkt zit je gevangen in de dualiteit van het denken.  Een eigenschap van het denken is dat het alleen kan functioneren in dualiteit, in tegenstellingen. Positief denken en negatief denken zijn twee kanten van dezelfde medaille.

Oké, positief denken schept een aangenamere binnen- en buitenwereld dan negatief denken, maar geen van beiden is een garantie op innerlijke rust en vrede. Negatief denken niet doordat je jezelf vergiftigt door de negatieve neurohormonen die je daardoor aanmaakt en de negatieve energieën die je via de wet van de affiniteit naar je toe trekt. Met negatief denken los je niks op en je kunt er zelden rampen mee voorkomen. Sterker nog, het creëert een tunnelvisie waardoor je mogelijkheden en oplossingen over het hoofd ziet wat je eerder nog dieper in de moeilijkheden brengt, dan dat ze opgelost worden. Bovendien beroofd negatief denken je van je levenskracht en energie die je juist zo broodnodig hebt om adequaat te kunnen handelen in een negatieve situatie.

Als je positief denken misbruikt om je eigen realiteit in positieve zin te vervalsen en het onaangename buiten je bewustzijn te houden, vergiftig je niet zozeer je lichaam en je geest, maar je berooft je jezelf wel van energie doordat wegdrukken heel veel energie kost, denk maar aan het onder water houden van een bal.

Pas als je het leven volledig kunt omarmen en kunt zijn met ‘dat wat is’, kun je positief denken als een krachtige tool inzetten.

Het belang van positief denken

Er is een spreekwoord dat een vleugelslag van een vlinder aan deze kant van de wereld een orkaan aan de andere kant kan veroorzaken. Zo is het met gedachten ook; wij zien ze als onschuldig zolang we ze niet omzetten in een handelingen. Er wordt vaak ten onrechte gedacht dat het geen enkel kwaad kan om de hele dag de meest negatieve, wraakvolle, lage gedachten te hebben en mensen en de wereld om ons heen te verwensen en te vervloeken. Of dat het van geen enkele waarde is om de hele dag positieve gedachten te hebben.

Gedachten zijn krachten die in positieve of negatieve zin inwerken op jezelf, de mensen om je heen en de wereld. Eenmaal gedacht, gaat een gedachte volledig buiten jouw bewustzijn en invloedsfeer om op weg om tot verwezenlijking te komen en zijn invloed te doen gelden, in positieve of in negatieve zin.

Jouw vibraties zijn uitermate besmettelijk: als jij in een positieve state of mind verkeerd, heb je een positieve invloed op de mensen, de dieren en de natuur om je heen. Het kan zelfs zo zijn dat een vluchtige voorbijganger door contact met jouw positieve vibraties bij thuiskomt de hond liefdevol begroet in plaats van dat hij hem een schop geeft om de frustraties van ruzie met zijn baas af te reageren. Omgekeerd kan ook: een intense moordzuchtige gedachte kan de hele wereld omzwerven tot het iemand heeft gevonden die er gevoelig is en onder invloed daarvan een moord begaat omdat het net de druppel was die de emmer deed overlopen.

Het goede nieuws is dat wij allen in potentie magiërs zijn die de wereld positief kunnen beïnvloeden, zelfs als we geen invloedrijke positie hebben. Het slechte nieuws is dat we meestal zeer incompetente tovenaarsleerlingen zijn die continue energieën en krachten emaneren en op de wereld laten inwerken, zonder dat we ook maar een notie hebben van wat we aan het doen zijn.

Verhoog je trilling met positieve gedachten en gevoelens en de hele wereld heeft daar voordeel van; verlaag je trilling door negatieve gedachten en gevoelens en de hele wereld heeft daar last van. Degene die er het meest door beïnvloed worden zijn kinderen die op de grondtoon van hun ouders meeresoneren.

Om vruchtbaar met positief denken aan de slag te moet je je enigszins bewust zijn van je eigen duisternis en negativiteit omdat dat altijd op de achtergrond mee resoneert en aan kracht wint hoe meer jij het probeert weg te drukken.

Als je in lagere trilling komt door negatief denken en voelen, wordt je bovendien ontvankelijker voor lagere energieën, wat het alleen maar lastiger maakt om de innerlijke rust en vrede te herstellen. Ook daarom is het belangrijk positief te denken en jezelf geen negatieve gedachten en gevoelens toe te staan. En als ze er wel zijn, hard aan de slag te gaan om ze te transformeren en de lessen eruit te leren.

“Wanneer u thuis voedselresten laat slingeren, komt er heel vlug allerlei ongedierte: vliegen, wespen, moeren, muizen enzovoort op af om zich te voeden. Het vuil trekt hen aan. Om ze te laten verdwijnen, moet je schoonmaken. Er is niets anders aan te doen. Hen proberen te verdrijven of te doden is niet genoeg om ervan af te komen: zolang u afval laat rondslingeren, heeft u ongedierte, omdat er altijd andere komen. Om ze voorgoed te verdrijven, moet u schoonmaken, want dan gaan ze weg om hun voedsel elders te zoeken. Op dezelfde manier dient u te weten dat, wanneer u in uzelf bepaalde gevoelens, verlangens of gedachten die niet lichtend of zuiver zijn, toelaat en in stand houdt, er onmiddellijk duistere entiteiten op afkomen, die van onzuiverheden houden en u wordt lastiggevallen en gekweld. Wat u ook doet, zolang u in uzelf elementen bewaart, die gisten en rotten, bent u de prooi van deze indringers, die men ook wel ‘ongewensten’ noemt. Om u van hen te ontdoen, moet u waken over uw gedachten en gevoelens en eraan werken om ze te zuiveren en te transformeren in een heerlijk voedsel voor de hemelse geesten.”
Omraam Mikhael Iavanhov, Spiritueel leven

 

Meningloze maandag

“Merk alles op en vind er niks van”
Maarten Houtman, Nederlandse zen meester

Eén meningloze maandag: het zou een verschil kunnen maken in de geschiedenis van jezelf en van de wereld. Meningen zijn echo’s uit het verleden en vertroebelen onze waarneming. Eén dag de werkelijkheid ervaren zoals ze is zonder ruis op de lijn van ons verleden en programmering kan een life-changing event zijn. Pak jij de uitdaging aan?

Een groot deel van onze gedachtenstroom bestaat uit meningen. We vinden de hele dag ‘ergens iets van’: iets is goed, slecht, mooi of lelijk, alles gaat bijna altijd anders dan het had moeten gaan en wij zijn niet goed genoeg of juist té goed, wat ook kan gelden voor een ander. We hebben er een dagtaak aan om wat er om ons heen gebeurt te interpreteren, beoordelen en evalueren met ons denken om daar vervolgens ons handelen op af te stemmen.

Het hebben en uiten van onze mening lijkt een onschuldige bezigheid waar we bovendien ook nog eens plezier aan kunnen beleven, bijvoorbeeld als een smeuïge roddel de revue passeert. We denken dat meningen geen schade kunnen doen omdat het ‘maar’ gedachten zijn die niks uit kunnen richten zolang we ze niet omzetten in handelingen en gedrag. Het is niet strafbaar en totaal onschuldig om de buurman in gedachten 20 x om te leggen omdat zijn hond elke keer voor jouw deur poept; zolang je het maar niet de daad bij de gedachte voegt.

Meningen zijn echter niet zo onschuldig en onschadelijk als ze lijken: ze zijn de bron van een hoop leed en één van de oorzaken waardoor ons leven niet loopt zoals we hadden gehoopt en we niet zijn wie we in essentie zijn. Dit heeft te maken met dat we door de filter van het denken de wereld niet waarnemen zoals ze daadwerkelijk is en onze beslissingen en handelingen daardoor niet afgestemd zijn op de werkelijke situatie en op de werkelijke mogelijkheden.

De neiging van ons denken om alles te willen vastgrijpen en verklaren, o.a.door middel van het vormen van meningen,  houdt ons af van de werkelijkheid te ervaren zoals ze is. Velen nemen aan dat juist het omgekeerde het geval is: dat door goed na te denken en onze mening te vormen meer contact wordt gekregen met de werkelijkheid. Het denken legt verbanden, geeft ons ideeën die wij in eerste instantie niet hadden en zorgt er voor dat wij zaken niet over het hoofd zien. Dankzij ons denken komen wij goed beslagen ten ijs en voorkomen we een hoop ellende. We zetten nauwelijks vraagtekens bij het waarheidsgehalte van onze meningen omdat ze afkomstig zijn uit de hoogste intelligente in onszelf, ons denken, dat zó slim is dat wij aannemen dat de meningen die het produceert min of meer beschouwd kunnen worden als feiten.

Meningen zijn echter geen feiten en ons denken beperkt ons vaak meer dan dat we er profijt van hebben: een dag de meningenmachine uitzetten kan wellicht juist meer lijden voorkomen dan als hij aan staat. Om dit in te zien moeten we eerst helder hebben wat denken precies is. Volgens Krishnamurti is denken altijd beperkt omdat het een reactie is op herinnering[1]. Eerst heb je een ervaring die plezierig is, pijnlijk is of neutraal. Deze wordt opgeslagen in de hersenen als kennis, het resultaat van ervaring. Door kennis ontstaat herinnering en uit die herinnering ontstaat het denken en het denken zorgt ervoor dat je handelt. Door die handeling leer je meer en zo wordt de cirkelgang herhaald en raken we geprogrammeerd. Doordat we pijn herinneren vermijden we pijn in de toekomst door wat pijn heeft veroorzaakt te vermijden. Dat wordt tot kennis en we herhalen dat.  Als je geen geheugen had zou je niet kunnen denken, omdat het denken ‘rekent’ met de informatie die in het geheugen ligt opgeslagen en die voor een groot deel afkomstig is van kennis opgedaan uit ervaringen in het verleden. Het denken is dus per definitie onvrij, een echo uit het verleden. Het is tevens ook beperkt omdat niemand alle kennis van de wereld bezit. Hoeveel je ook denkt te weten, er is altijd nog veel meer waarvan je niet weet dat je het niet weet.  De wereld waarnemen en beschouwen via het denken is als de wereld waarnemen via een gebroken spiegel. Je neemt dat wat je ziet vervolgens aan als de realiteit.

Jiddu-Krishnamurti

Willen we meer uit onszelf halen, een beter leven en een betere wereld creëren, dan moeten we beginnen met de werking van ons denken en onze programmering te doorzien en daaraan voorbij te gaan. Wie denkt zoals hij altijd heeft gedacht, zal zich voelen zoals hij zich altijd heeft gevoeld, zal doen wat hij altijd heeft gedaan en zal krijgen wat hij altijd heeft gekregen. Wil je dat cirkeltje doorbreken, begin dan eens met het hebben van geen mening, al is het maar voor een dag.

Het stoppen van het hebben van een mening is moeilijker gezegd dan gedaan, want meningen zijn zeer verslavend. Elke mening is een gedachte en elke gedachte zorgt voor een bepaalde fysieke toestand. De Amerikaanse neurowetenschappers Candice Pert ontdekte dat elke gedachte en elke emotie de hersenen aanzetten om ‘molecules of emotion’ te produceren. Deze neuropeptiden informeren razendsnel alle vijftig triljoen cellen in ons lichaam, waardoor de chemische samenstelling in elke cel verandert. Eén enkele gedachte, zet een stortvloed van chemische reacties in gang. Dit is ook de reden waarom we verslaafd raken aan bepaalde manieren van denken. Als je je slachtoffer voelt bijvoorbeeld, zorgt het voor de aanmaak van chemische stofjes die op den duur verslavend werken. Hetzelfde geldt voor ‘ruziemaken’ , stress die voortkomt uit hard werken, overspel, schuldgevoelens, risico’s nemen, te hard rijden, machtsspelletjes, jezelf of de ander pijnigen. Al deze emotionele bewustzijnstoestanden produceren verslavende eiwitten. [2]  Je kunt bij wijze van spreken net zo verslaafd zijn aan roddelen of mopperen als aan roken of alcohol. Ons lichaam doet er in het kader van homeostase (evenwicht) alles aan om de hormoonspiegels op het peil te krijgen waar het aan gewend is. Staan jouw hormoonspiegels afgesteld op een bepaald portie pijn, dan zul je automatisch zorgen dat je aan het einde van de dag je ‘pijntargets  hebt behaalt, want daar voel je je comfortabel bij. Is er niet voldoende pijn in je eigen leven, dan kun je dat altijd nog een portie ‘leed’ tanken door het journaal te kijken of programma’s zoals ‘Help mijn man is klusser’ of ‘Een dubbeltje op zijn kant’. Of door de meningenmachine aan te zetten en te tobben en piekeren over van alles en nog wat.

Negatieve meningen en mopperen op jezelf of anderen zijn ziekmakend en een subtiel gif omdat je biochemie erop afgestemd raakt. Wanneer je er alleen maar positieve meningen op nahoudt is het leven wellicht een stuk aangenamer en zul je wellicht gezonder zijn dan als je verslaafd bent aan negatieve meningen, maar ook dan neem je de wereld waar via een gebroken spiegel en zijn je keuzes niet afgestemd op de realiteit. In een extreem geval leef je in een ‘de wereld is mooi illusie’,  waarbij alles wat daar niet mee in overeenstemming is angstvallig wordt buitengesloten en waardoor je niet in staat bent dreigend gevaar op tijd te onderkennen. Met een positieve bril op kan het leven je dus uiteindelijk net zo een loer draaien als wanneer je een negatieve bril op hebt.

Mirra Alfassa, ook wel De Moeder genaamd, legt uit wat je moet doen om de werkelijkheid te kunnen waarnemen zoals ze daadwerkelijk is: “Om volmaakt oprecht te zijn, is het onontbeerlijk geen enkel verlangen te hebben, geen enkele begeerte, geen voorkeur voor iets, geen afkeer, geen sympathie en geen antipathie, geen verknochtheid, geen weerzin. Men moet in een totale integrale visie van de dingen leven waarin alles zich op zijn plaats bevindt en waar men tegenover alles dezelfde houding heeft: de houding van de waarachtige visie. Als een mens niet besloten heeft zich te vergoddelijken, lijkt het zo goed als onmogelijk dat hij vrij zou kunnen zijn van al die tegenstellingen. Toch kan hij niet volmaakt zijn zolang hij ze in zich blijft dragen. Men ziet de dingen niet, hoort ze niet, proeft ze niet en voelt ze niet zoals ze feitelijk zijn zolang men voor het één of ander een voorkeur heeft. Zolang er dingen zijn die je bevallen en andere die je niet bevallen, zolang je door het ene wordt aangetrokken en door het andere afgestoten, kan je de dingen niet zien in hun werkelijkheid. Je ziet ze gekleurd door je reactie ertegenover, gekleurd door je voorkeur of afkeer. De zintuigen zijn instrumenten die vervormd worden, net als de gewaarwordingen, de gevoelens en de gedachten vervormd worden. Om zeker te zijn van wat je ziet, voelt en gewaarwordt of denkt, moet je eerst volmaakt onthecht zijn. Eerder kan je perceptie niet helemaal waarheidsgetrouw zijn en dus ook niet helemaal oprecht[3]’.

De meningenmachine tot zwijgen brengen gaat niet van de ene op de andere dag.  Er zijn vaak jaren van opmerkzaamheid nodig om hem in ieder geval op lagere toeren te laten draaien en meer in contact te komen met ‘dat wat is’. Het uitzetten van de meningenmachine is iets wat de meesten van ons niet zal lukken maar dat is ook niet het ultieme doel. Uiteindelijk is niet het hebben van een mening het probleem, maar het je ermee identificeren, oftwel hem toe-eigenen en er ‘ik’ tegen zeggen. Je kunt met een mening omgaan als met een onbekende passant op straat: je merkt hem op maar je hoeft er niks mee: je loopt er langs zonder hem aan te spreken of in discussie te gaan. Soms kun je hem aanspreken uit nieuwsgierigheid, maar je zult nooit de fout maken te denken dat jij die passant bent.

Door onze meningen en gedachten een halt toe te roepen komen we weer in ons natuurlijke staat van openheid terecht, van verwondering en van ‘zijn met dat wat is’. In die ruimte kunnen we weer in contact komen met wie we daadwerkelijk zijn, met onze ziel, met diepere waarheid en met anderen. We zullen fijngevoeliger worden voor andere invloeden die in ons leven werkzaam zijn maar die we doorgaans niet opmerken doordat we volledig in beslag worden genomen door de schreeuwerige aanwezigheid van gedachten en meningen die alle aandacht opeisen.

De Moeder omschrijft deze invloeden die we normaliter niet opmerken: “We bevinden ons in een bad van krachten maar merken dat niet. We zijn niet een door een zak omsloten entiteit, die afzonderlijk bestaat van de rest: alle krachten, alle vibraties, alle impulsen komen in ons binnen en gaan door ons heen, Als er geen controle wordt uitgeoefend om niet verkieslijke invloeden buiten te houden, dan kunnen ze ongehinderd binnenstromen via wijd open deuren. We baden in alle mogelijke invloeden, goede, slechte, neutrale, duister. Dat is allemaal om ons heen aanwezig en ieders bewustzijn zou als een filter moeten werken. Je zou niet mogen ontvangen wat je niet wilt ontvangen, je zou niet mogen denken wat je niet wilt denken. Je moet dan ook niet toestaan dat gedachten zonder je formele toestemming en gevoelens in daden worden omgezet. Dit is in feite de reden van het fysieke bestaan. Ieder is een instrument voor de controle van een bepaald geheel aan vibraties die zijn eigen opgaaf, zijn eigen werkterrein uitmaken; ieder moet daarom slechts de vibraties willen ontvangen die overeenstemmen. [4]

tesla

Kortom: hoe meer we ons denken oftewel de meningenmachine tot zwijgen brengen en doorzien en hoe minder voor- en afkeuren we hebben, hoe meer we in staat zullen zijn waar te nemen wat er is. Hierdoor is ons gedrag afgestemd op wat er daadwerkelijk is in plaats van op wat we dénken dat er is, waardoor we weer in de fuik van ons verleden en programmering terecht komen en weer krijgen wat we altijd hebben gekregen. Eén meningloze maandag: het zou een verschil kunnen maken in de geschiedenis van jezelf en van de wereld. Eén dag alle ruis op de lijn weg en de werkelijkheid ervaren voor wat ze is. Wat je ontdekt in die openheid kan een life-changing event zijn…..

[1] Het web van het denken, blz 14 en 15 – Krishnamurti

[2] Happinezz, nummer 2, 2008, Interview met Tijn Touber

[3] Boek: “Alle leven is yoga’ – De Moeder, blz 422-423

[4] Boek “Alle leven is yoga’ – De Moeder

Tobben en piekeren zijn schadelijk en vergiftigen ons lichaam

Stelling: Tobben en piekeren zorgen voor stress, vergiftigen het lichaam en ondermijnen de gezondheid.

DEEL 1: Hoe onze gedachten een rechtstreekse uitwerking hebben op onze          fysieke gezondheid

Onze gedachten hebben een rechtstreekse uitwerking op onze fysieke gesteldheid en onze gezondheid. Hoe kan dat?

Onze zintuigen (zien, voelen, proeven, horen, ruiken) zijn de toegangspoorten tot de hersenen. Als er een prikkel van buitenaf is ontstaat er via de poorten van de zintuigen een trilling. Die trillingen zorgen ervoor dat er een electrische ontlading plaatsvindt in de kern van een zenuwcel in de hersenen (neuron). Door die electrische ontlading komen er stofjes vrij, neurotransmitters. Deze neurotransmitters zorgen ervoor dat de electrische stroom van de ene hersencel aan de andere wordt doorgegeven en tegelijkertijd geven ze allemaal informatie door aan het lichaam. Aangekomen op de juiste plek in de hersenen worden deze electrische stroompjes omgezet in plaatjes: geluidsplaatjes, beeldplaatjes, geurplaatjes, gevoelsplaatjes en smaakplaatjes. Dit is het materiaal waarmee de hersenen kunnen ‘rekenen’. Samengevat kun je zeggen dat gebeurtenissen in de wereld biochemische en bio-electrische effecten in het lichaam teweeg brengen en dat ons zenuwstelsel die effecten vervolgens organiseert in zintuigelijke indrukken. De conclusie die je hieruit kan trekken is dat er een wereld buiten ons is, maar dat we de werkelijke eigenschappen van die wereld zullen we nooit kennen (Korzybski). Zelfs onze onmiddelijke zintuigelijke indrukken zijn dus al geen natuurgetrouwe afspiegeling meer van de wereld, maar een product van ons zenuwstelsel!!!

Niet alleen zintuigelijke prikkels kunnen processen in de hersenen van start laten gaan: ook het denken kan dat. De hersenen kunnen echter geen onderscheid maken tussen een gedachte en een zintuigelijke prikkel: het effect op het lichaam is hetzelfde. Dit heeft te maken met dat gedachten ook electrische impulsen zijn die over dezelfde neurale netwerken gaan als de electrische stroompjes afkomstig van zintuigelijke prikkels. Het gevolg is dat de beeldplaatjes en geluidsplaatjes die de hersenen aangereikt krijgen via zintuigelijke prikkels, hetzelfde zijn als die bij gedachten. Om te checken of dit klopt hoef je alleen maar het volgende experiment te doen. Denk eens aan een sappige citroen: zie voor je geestesoog een citroen en neem daar in gedachten eens een hap van: proef het zure sap en voel hoe het overtollige sap langs je vingers naar beneden druipt. Je zal merken dat je speekselklieren gelijk beginnen te werken. En ander voorbeeld: mannen kunnen een erectie krijgen alleen al door de gedachte aan een aantrekkelijke vrouw!

De hypofyse is de plek in de hersenen waar informatie uit de buitenwereld (zintuigelijke prikkels) en binnenwereld (gedachten) wordt omgezet in biochemie. Immers, het lichaam moet voor zijn overleving telkens in staat zijn adequaat te reageren op de omgeving. Staat er ineens een tijger voor je neus, dan moet je kunnen vechten of vluchten en wordt er adrenaline aangemaakt. Huilt je hongerige baby, dan moet er voldoende oxytocine worden aangemaakt zodat je de aandrang voelt contact te maken met je baby en hem de borst te geven.

Wij zijn geneigd te denken dat de hoeveelheid stress die een mens heeft in relatie staat met de hoeveelheid dingen die hij op een dag meemaakt of te doen heeft. Maar het blijkt dat mensen die weinig tot niks te doen hebben minstens net zoveel stress kunnen hebben als mensen die de hele dag actief zijn. Sterker nog: mensen die de hele dag niks doen hebben misschien nog wel meer fysieke stress omdat er geen fysieke actie is die de spiegels van de stresshormonen naar beneden kunnen halen; er is geen fysieke actie die de adrenaline kan verbranden!

Een spreekwoord is ‘geluk is met de dommen’ en daar zit een kern van waarheid in: hoe slimmer de mens, hoe actiever het denken en hoe meer de neiging om te tobben en te piekeren. Heb je een spannend gesprek zoals een sollicitatiegesprek, dan is er een grote kans dat het gesprek al minstens 50 keer heeft plaatsgevonden in je hoofd voordat je überhaupt het gesprek hebt. En dus 50 keer worden er stresshormonen waaronder adrenaline aangemaakt alsof het gesprek daadwerkelijk plaatsvind.

Hoe hoge spiegels aan stresshormonen ons lichaam vergiftigen en onze gezondheid ondermijnen

Hoge spiegels aan stresshormonen vergiftigen een mens, ondermijnen zijn gezondheid en hebben schadelijke gevolgen. Hieronder een paar voorbeelden:

Adrenaline is een stof die ervoor zorgt dat de werking van het immuunssysteem tijdelijk onderdrukt wordt. Als je moet vechten tegen een tijger, dan vindt het lichaam het ‘vechten tegen een bacterie’ eventjes totaal onbelangrijk. Als die tijger jou straks doodt, dan is die bacterie er tenslotte ook geweest… Adrenaline remt ook de spijsvertering: het verteren van bijvoorbeeld een broodje kaas is een luxe waar het lichaam geen energie in wil steken omdat het ervanuit gaat dat jij straks ‘het broodje kaas’ voor die tijger te kunnen worden! Adrenaline remt ook de behoefte aan slaap.

Adrenaline die niet gebruikt wordt is een dusdanig gevaarlijke stof voor het lichaam dat het lichaam cortisol aan gaat maken om de schadelijke effecten van de adrenaline ongedaan te maken. Maar een langdurig hoog gehalte aan cortisol zorgt voor het verschrompelen van de hippocampus, een deel in de hersenen dat belangrijk is voor het geheugen en de concentratie. Een kenmerkend symptoom van stress is dan ook vergeetachtigheid. Als er te lange tijd veel cortisol aangemaakt moet worden om de schadelijke effecten van de adrenaline te neutraliseren, dan kunnen de bijnieren uitgeput raken. Het gevolg daarvan is dat er juist een te laag cortisolgehalte ontstaat waardoor mensen extra gevoelig raken voor stress. Omdat cortisol ook nodig is voor het functioneren van de schildklierhormonen kan een uitputting van de bijnieren ook leiden tot spierzwakte, gevoeligheid voor koude en andere klachten die horen bij hypothyreoïdie (te lage schildklierfunctie).

De stresshormonen adrenaline en cortisol verhogen de bloedsuikerspiegel, om veel energie te creëren om te kunnen vechten of vluchten als er een tijger is die jou wil aanvallen. De meeste mensen verrichten echter geen enkele noemenswaardige fysieke actie bij stress voor een examen, een sollicitatiegesprek of ongewenst bezoek. Insuline is het hormoon, wat ervoor zorgt dat bloedsuiker omgezet kan worden in energie, die nodig is bij vechten of vluchten; door verbranding van suiker in de cellen ontstaat energie. Deze verbranding zorgt er ook voor dat de bloedsuikerspiegel weer naar normale waarden wordt teruggebracht. Als je niet gaat vechten of vluchten bij stress moet de bloedsuiker op een enigszins geforceerde manier terug worden gebracht naar normale waarden. Als er vaak stress optreedt zonder dat je intensief gaat bewegen vlak na de stress, gaat deze regulering moeizamer. Door langdurige stress kunnen mensen gevoeliger worden voor bloedsuikerspiegelaandoeningen zoals hypoglycemie en diabetes.

Bij stress worden er in eerste instantie lichaamseigen pijnstillers aangemaakt (endorfinen), om een eventuele wond te kunnen negeren als je gewond raakt bij het vechten of vluchten voor je leven. Maar bij langduriger stress zal er uitputting ontstaan, waardoor er juist minder endorfinen worden aangemaakt wat kan leiden tot een verhoogde gevoeligheid voor pijn.

Tobben en piekeren verstoren de slaap en de regeneratie van het lichaam

Niet zelden zeggen mensen ten tijde van een stressvolle periode ‘Ik heb er slapeloze nachten van’. Als je aan het tobben en piekeren bent, probeer dan de slaap maar eens te vatten; dat zal alleen met de grootste moeite komen. Hoe komt dat? Als je in gedachten met dat spannende gesprek bezig bent terwijl je in bed ligt, krijgen je hersenen telkens de signalen dat je in een spannend gesprek zit, in plaats van dat je in bed ligt; die informatie is ondergeschikt aan de informatie dat je in een spannende gesprek zit omdat daar al je aandacht naartoe gaat.  Hierdoor blijf je je sympatische zenuwstelsel, het deel van het zenuwstelsel dat ervoor zorgt dat je lichaam in een staat van paraatheid komt, actief en zit het bloed vol met adrenaline waar het niks mee kan. Omdat je in bed ligt is er ook geen actie waardoor de adrenaline verbrand kan worden. Het duurt daarom heel lang voordat het parasympatische zenuwstelsel, dat deel van het zenuwstelsel dat verantwoordelijk is voor rust en regeneratie en wat actief dient te worden tegen de tijd dat je gaat slapen, het roer weer over kan nemen en je in slaap valt. Vaak heb je na tobben en piekeren een onrustige slaap en wordt je de volgende ochtend niet uitgerust wakker. Je lichaam heeft tenslotte nog steeds een hoge spiegel aan stresshormonen en heeft te weinig kunnen rusten en regeneren. Op langere duur zorgt dit voor gezondheidsproblemen.

Masuru Emoto en het effect van gedachten op je lichaam

Masuru Emoto is een Japanse wetenschapper die het effect van intenties op water heeft onderzocht. Water is het meest beïnvloedbare element. Masuru Emoto heeft waterkristallen gefotografeerd en daarna bloot gesteld aan woorden, emoties, muziek, gedachten en teksten. Daarna heeft hij de waterkristallen van hetzelfde water opnieuw gefotografeerd. Wat blijkt: positieve gevoelens, woorden en gedachten zorgen voor het ontstaan van mooie waterkristallen en negatieve gevoelens, woorden en gedachten zorgen voor lelijke waterkristallen. Ons lichaam bestaat echter ook voor minstens 70% uit water dus als gedachten en intenties al zo een invloed kunnen hebben op ijskristallen, wat voor een invloed hebben gedachten dan op ons lichaam?

masuru emoto joy

DEEL 2: Jezelf verlossen van tobben en piekeren

Hoe verlos je jezelf van tobben en piekeren? Je bent pas in staat jezelf van tobben en piekeren te verlossen als je echt de noodzaak inziet dat het van essentieel belang voor je gezondheid en welbevinden is dat je jezelf verlost van tobben en piekeren. Pas dan zul je alles eraan doen om ervan verlost te raken. Het begint dus met inzicht.

Inzicht 1: over het thuisbrengen van de geest

Het is een mythe dat je jezelf alleen verlost van tobben en piekeren door aan de slag te gaan met de inhoud van je gedachten. Dus door je problemen op te lossen en in therapie te gaan. Therapie kan nodig zijn om de inhoud van de harde schijf van je computer eens flink op te schonen, bestanden in de juiste mapjes te zetten (dus geen muziek bij de afbeeldingen) en andere bestanden in de prullenbak te gooien. Therapie verlost je niet van tobben en piekeren: het kan wel je leven een stuk rustiger maken doordat je computer meer de juiste data tot zijn beschikking heeft en de grootste virussen en spyware zijn opgeruimd. Hierdoor wordt er minder snel alarm geslagen en kom je minder snel in de problemen door inadequate reacties en gedragingen. En daardoor kan er meer ruimte ontstaan om datgene te doen wat je wel verlost van tobben en piekeren: het thuisbrengen van de geest. Dit is een boeddhistische uitdrukking wat inhoudt dat je je denken kalmeert. Bij het thuisbrengen van de geest ga je je niet bezig houden met de inhoud van je denken, maar met de vorm en de aard van het denken. Je gaat de gekte van de machinerie onder ogen zien en jezelf daarvan leren te distantiëren.

 Inzicht 2: het denken is van nature als een slingeraap

 Het denken is van nature als een slingeraap: het associeert alles aan elkaar vast en springt van de hak op de tak. Het is niet in staat zijn aandacht lang op één ding gericht te houden en het kan al helemaal niets met ‘niets’. Ga maar eens op de bank zitten en doe maar eens niks. Merk de grijperigheid van je geest op: het is aan het zoeken, wil prikkels en iets te doen hebben: bellen, lezen, tv kijken, nadenken over een probleem etc. Als je niet doorhebt dat het denken zo werkt ben je een slaaf van je eigen denken en is het onmogelijk echt tot rust te komen. Een thuisgebrachte geest is een verstilt denken. Het is een denken dat rustig is en dat gemakkelijk kan focussen en de aandacht vast kan houden. Er is niet alleen sprake van concentratie (aandacht op één punt richten) maar ook van gewaarzijn (wijde focus). Je kunt het denken alleen maar thuisbrengen door oefening en inzicht. Dé methode om dit te bereiken is meditatie.

Wat maakt dat ons denken als een slingeraap is?  Wij mensen hebben een miljoenen jaren evolutie achter de rug voordat we zijn geworden wie we nu zijn. Patronen die belangrijk zijn voor onze overleving hebben we via  overerving doorgekregen. De meest basale drijfveer van een mens en dier is het streven naar genot en het vermijden van pijn. Eén van de taken van onze hersenen is ervoor te zorgen dat wij niet op de eerste de beste straathoek worden opgevreten door een tijger.

Wat genot oplevert en wat pijn, dat leren de hersenen door middel van ervaringen: worden we beloont of worden we gestraft? De informatie wat pijn oplevert en wat genot wordt opgeslagen in onze hersenen: in het geheugen. Het geheugen is de machinerie die ervoor zorgt dat de reacties van het body-mindsysteem goed afgestemd zijn op de externe omgeving.

Inzicht 3: het denken is altijd doelen aan het nastreven om pijn te vermijden en genot na te streven.

Het vermijden van pijn en het streven naar genot houdt ons denken flink bezig. In onze huidige maatschappij hoeft ons denken niet meer de hele dag bezig te zijn met overleven door tijgers te ontlopen en te zoeken naar voedsel en een veilige plek om te slapen.  De wereld is verandert sinds de oertijd, maar de aard van de geest niet: het is nog steeds altijd op zoek. Ons denken is altijd op zoek: op zoek naar hoe het nog beter en fijner kan. En zo ontstaan doelen. Als ik dit of als ik dat heb bereikt of gedaan dan…..kan ik eindelijk genieten, kan ik eindelijk uitrusten, ben ik eindelijk gelukkig, zullen mijn ouders eindelijk eens zien wie ik écht ben etc etc.

En dus zet je jezelf in om het ene doel na het andere doel te bereiken met de gedachte dat als het doel bereikt is dat je dan…..gelukkig bent, vrede hebt, rust hebt, kunt genieten etc etc. Maar het is als een wortel aan een stok die je voor een ezel houdt: de ezel loopt achter de wortel aan maar zal de wortel nooit te pakken krijgen. Met het behalen van doelen is het net zo:  dat wat het behalen van een doel je op zou leveren is nooit van lange duur. Heel even kun je genieten, ben je gelukkig en zien je ouders je staan. Maar deze status quo is binnen no time de normale gang van zaken en dan komt het denken weer met een ander doel dat behaald moet worden. Dat is nou eenmaal de aard van het denken: het denken is altijd bezig, altijd op zoek!

Inzicht 4: je kunt het denken niet uitzetten: het is altijd bezig

Het denken is altijd bezig: het denken kun je niet uitzetten. Gedachten komen en gaan. Want neuronen in de hersenen blijven altijd vuren en associeren: daar hoef jij helemaal niks voor te doen. Je hebt in feite net zo weinig te maken met de gedachten die in je bewustzijn verschijnen als met het verteren van je voedsel: het is een mechanisme.

Inzicht 5: de hersenen zijn meaning making machines

Je kunt je hersenen zien als een computer: het rekent met de data die er van tevoren zijn ingevoerd: zonder data geen berekeningen. De data waar jouw computer mee rekent zijn alle ervaringen, gedachten en gevoelens uit jouw leven. Op het moment dat je iets meemaakt gaan je hersenen razendsnel aan de slag om de informatie te vergelijken met eerder opgeslagen informatie om razendsnel een betekenis te kunnen geven aan wat je meemaakt (gevaar, geen gevaar, genot, pijn etc) zodat je wanneer het nodig is gelijk de passende reactie hebt. Het geheugen is dus de machinerie die ervoor zorgt dat de reacties van het body-mindsysteem goed afgestemd zijn op de externe omgeving. Betekenis geven aan dat wij meemaken  is essentieel voor onze overleving. De betekenis die aan een ervaring wordt gegeven is zeer subjectief en in lijn met de ervaringen en betekenissen die er al zijn opgeslagen in je hersenen. Ben je ooit gebeten door een hond en heb je van te voren of achteraf niet voldoende ervaringen opgedaan met lieve honden, dan zul je voor de rest van je leven honden associeren met gevaar. Ben je als kind ooit ontzettend uitgelachen en gepest toen je een rode jas aanhad, dan is er een kans dat je voor de rest van je leven de kleur rood associeert met gevaar. What fires together wires together. Ervaringen zijn per definitie betekenisloos en kunnen je niet overstuur, boos of teleurgesteld maken: het zijn betekenissen die je aan de ervaring geeft die dat doen.

 Inzicht 6: Ons intellect is beperkt en niet in staat een realistische weergave van de werkelijkheid te geven

In onze westerse samenleving wordt het ontwikkelen van ons denken, ons intellect, als heel belangrijk gezien; misschien wel als één van de belangrijkste dingen die je als mens kan ontwikkelen. Er is dan ook een enorm hoge waardering voor het ontwikkelen van ons intellect: ons schoolsysteem is volledig voor dat doel ingericht. Eén van de eerste hokjes waar je als mens in wordt ingedeeld is het hokje of je slim bent en een goede leerling of dat je niet zo slim bent en een slechte leerling. Het grootste deel van je jeugd is dat één van de belangrijkste meetlatten waar je als mens langs wordt gelegd. En als je eenmaal een baan gaat zoeken blijft die meetlat van het intellect je achtervolgen, want de financiële beloning voor arbeid is mede gebaseerd op de mate waarin het intellect ontwikkeld moet zijn en de mate waarin je voor het werk kennis hebt moeten vergaren. Een hele belangrijke filosoof, Descartes, zei in de 16e eeuw al ‘ik denk dus ik besta’. Zijn manier om naar de waarheid te zoeken was de methodische twijfel: door systematisch aan alles te twijfelen. Ook de wetenschap is een ‘tak van sport’ waarin alleen datgene erkent wordt wat door het denken verklaard, onderscheiden en geanalyseerd kan worden: ‘meten is weten’.

Door de nadruk in onze samenleving op (de ontwikkeling van) het intellect en doordat waarheidsbevinding en denken zo aan elkaar gekoppeld zijn geraakt, weten de meeste mensen niet beter dan dat het denken hét instrument is dat ons tot de waarheid kan leiden en dat dat hét instrument is waarmee we onszelf uit de problemen kunnen halen, of waarmee wij problemen kunnen voorkomen.

Vandaar ook dat de meeste mensen zodra ze tegen een probleem aanlopen in het leven hun denken overuren laten draaien om de oplossing te bedenken. En dat mensen als ze iets met hun denken niet kunnen bevatten of waar de wetenschap geen antwoord op kan vinden als ‘onwaar’ of ‘onzin’ afdoen.

Wat mensen zich niet realiseren, is dat ons intellect beperkt is.

Het deel van ons denken dat wij het intellect noemen, is niet anders dan een machientje, een soort computer die patronen zoekt en maakt en die berekeningen kan maken. Het is een machientje dat tot kennis komt, door ‘dit’ van ‘dat’ te onderscheiden en het hakt de werkelijkheid als het ware in stukjes. Iets is ‘dit’ en dus niet ‘dat’. Iets is donker óf licht, warm óf koud, aardig óf stom, goed óf fout. Dit wordt dualiteit genoemd. Op deze manier kan de werkelijkheid geanalyseerd en gecategoriseerd worden en voor ons begrijpelijk worden gemaakt. Maar bij het reduceren van data tot hapklare brokjes vinden vervormingen en weglatingen plaats. Zo is voor het denken 2 + 2 altijd 4, maar van realistisch standpunt is dat niet altijd zo. Twee koeien en twee microben zijn niet echt met elkaar te vergelijken. Als je een veld met 4 koeien neemt en je vraagt hoeveel dieren er in het veld staan, dan zeg je waarschijnlijk 4. Maar in realiteit zijn het er veel meer: er zijn ook mieren, wormen, torren, microben, bacteriën etc. Maar deze laat het denken weg omdat het met zoveel niet te ‘grijpen’ data niet kan rekenen.

Via het intellect kun je het leven nooit volledig begrijpen omdat alle onlogischheid buiten beschouwing wordt gelaten! De mens en de natuur zijn niet logisch: het enige dat logisch is is het intellect!

De werkelijkheid is veel breder en rijker, dan wij met ons denken kunnen bevatten. De werkelijkheid sluit alles in: iets kan goed én slecht zijn, lelijk én mooi, koud én warm. Maar ons denken kan hier niks mee, want met iets dat ‘dit’ én ‘dat’ is kan het niet rekenen.

Ons denken is een prima instrument om praktische, logische problemen mee op te lossen zoals via welke route kom in het snelst in Amsterdam  of waar ik het goedkoopst boodschappen kan doen als ik deze twee reclamefolders met elkaar vergelijk.

Maar pas je datzelfde logisch denken toe op emotionele kwesties, menselijk gedrag en de natuur, dan sla je al heel snel de plank mis want emoties, mensen, het leven en de natuur zijn niet logisch. Het enige logische is het denken! Je hoeft alleen maar te kijken hoe vaak de weerman er naast zit ondanks zijn zeer geavanceerde modellen die precies het verloop van het weer kunnen berekenen en waarin statistieken ook mee zijn genomen. Dan ineens blijkt de wind zomaar van richting veranderd te zijn…..

Ook is het zo dat je denken alleen maar kan rekenen met de data die het heeft, die het ooit via ervaring en het opdoen van kennis tot zich heeft genomen. Kennis verzameld door de zintuigen, opgeslagen als herinneringen en doorberekend en verwerkt door het intellect, kan nooit omvangrijk genoeg zijn om de werkelijkheid te bevatten. Jouw kennis en je ervaringen zijn per definitie beperkt. Want hoeveel informatie je ook vergaard in één gebied, je zal altijd onwetend blijven op andere gebieden waar je je aandacht niet op richt of waar je nooit aan blootgesteld bent geweest. Daarnaast is het zo dat er altijd sprake is van 3 categorieen informatie: dat waarvan je weet dat je het weet, dat waarvan je weet dat je het niet weet en dat waarvan je niet weet dat je het niet weet. Deze laatste twee categorie nemen de hersenen nooit mee in hun berekeningen terwijl ze wel van invloed zijn.

Alleen als je alle levens van alle mensen geleefd zou hebben en alle kennis die er in de wereld beschikbaar is zou bezitten, zou je misschien in staat zijn een redelijke adequate berekening te maken. Maar omdat dat nooit zal gebeuren zullen je berekeningen en verklaringen altijd mank gaan omdat je informatie mist. Een voorbeeld: Stel jij woont in een wereld waar iedereen goed is en je hebt alleen maar positieve ervaringen met en je hebt ook nog nooit een boek gelezen of een film gezien waarin mensen ook slecht in kunnen zijn. Je bent bakker en ineens is er een brood uit jouw winkel verdwenen. Jij zal dan de situatie verklaren vanuit jouw ervaringen en kennis. Je zal denken dat het brood is kwijtgeraakt of dat het door een groep muizen is opgegeten, of dat iemand het brood heeft meegenomen toen de jij op het toilet zat, maar dat die persoon straks nog terug zal komen om te betalen. De mogelijkheid dat iemand het brood gestolen kan hebben komt niet in je op omdat die mogelijkheid niet in je ervaring en kennis zit en dus niet behoort tot data waarmee gerekend kan worden.

Met ons denken kunnen we de werkelijkheid voor ons zelf overzichtelijk en begrijpelijk maken, maar met ons denken kunnen we geen waarlijk contact maken met de werkelijkheid. Je kunt een driedimensionale wereld niet met een tweedimensionaal denken bevatten!

Met het denken de werkelijkheid willen bevatten is als de essentie van een bloem willen leren kennen door haar te analyseren door de blaadjes eruit te trekken. Je weet dan misschien hoe een bloem eruit ziet en hoeveel blaadjes eraan hebben gezeten, maar de essentie van de bloem is in de analyse verloren gegaan.

De werkelijkheid is per definitie veel breder en rijker dan je denken kan bevatten. Het enige dat de werkelijkheid in zijn volledige volheid kan bevatten is bewustzijn. Bewustzijn is waarnemen zonder oordeel. Bewustzijn sluit niks uit (zoals het denken wel doet), maar sluit alles in. In bewustzijn kan iets én goed én slecht zijn, kan iets mooi én lelijk zijn.

De uiteindelijke werkelijkheid van de fysieke wereld zal nooit ontdekt kunnen worden door het intellect van de mens. Het intellect kan geen contact maken met de realiteit: alleen de fabricaten van het eigen denken zijn door het intellect te onderzoeken. Zo wordt de eigen fantasie onderzocht, gemeten en geweten en – uiteraard- wordt bevestiging gevonden. `Dit (mijn gekte) is waar…` De realiteit kan alleen ervaren worden in het ´hier en nu´. Zo een directe objectieve bewuste ervaring kan alleen opgedaan worden door een enkele totale waarneming waarbij alle zintuigen betrokken zijn. Zo een ´duik in de oceaan van de totale ervaring`  is iets totaal anders dan de werking van het intellect. Zulk ervaren is voor het intellect niet mogelijk.

Het denken kan de wereld niet zien zoals ze is omdat het denken geen contact kan maken met de werkelijkheid zelf. Het denken is voor zijn informatievoorziening volledig afhankelijk van wat de zintuigen aan input geven. Wij krijgen per seconde 11,2 miljoen bits informatie op ons af om te verwerken. Zo’n 60 bits verwerken wij bewust en de rest van de bits wordt dus onbewust verwerkt. Een verschil van een factor 200.000! Er wordt gezegd dat wij van de ontelbaar veel prikkels die wij op ons af krijgen per seconde er maar 7 (plus minus 2) bewust kunnen waarnemen: de rest wordt weggefilterd, dus buitengesloten. Het zijn jouw hersenen die voor die filtering zorgen en bepalen welke informatie er wel en niet belangrijk is. De filters in jouw hersenen zijn gevormd door jouw ervaringen, jouw opvoeding en cultuur en die zijn voor iedereen anders. Vandaar ook dat iedereen de wereld anders waarneemt en andere informatie wegfiltert, dan wel bewust waarneemt. Omdat te ontdekken dat dat zo is hoef je alleen maar aan tien verschillende getuigen van een roofoverval te vragen wat er precies gebeurd is: je zal tien verschillende versies horen.

Kortom: om de werkelijkheid waarlijk te kennen moet je niet bij het denken zijn.  Het denken kan alleen een idee hebben over de werkelijkheid en verwart dat idee met de werkelijkheid zelf. Maar zoals de kaart  niet het gebied is zo is wat wij denken over de realiteit niet de realiteit zelf.

Overmatig denken maakt onrustig en ongelukkig want denken hakt de wereld telkens in tweeën en sluit dingen uit: dit wil ik wel en dit wil ik niet, dit vind ik leuk en dit vind ik niet leuk, dit is goed en dit is slecht, etc. Er wordt dus altijd iets genegeerd of buitengesloten en dat maakt ongelukkig omdat de heelheid verdwijnt. En door de manier waarop je hersenen de informatie filteren, zul je altijd datgene wat je denkt en voelt bevestigd zien in jouw ervaringen: informatie die daar niet bij past wordt gewoon weggefilterd of vervormd!! Onze hersenen zijn ‘meaning making machines’: ze geven betekenis aan en een verklaring over de werkelijkheid en onder die verklaringen en die betekenissen lijden wij omdat ze altijd incompleet zijn!

Met het denken vind je dus nooit de wijze antwoorden op je vragen, vind je niet de volledige waarheid, vind je geen geluk en geen heelheid. De enige manier om dat te doen is het ontwikkelen van bewustzijn. Leren waar te nemen zonder goed of af te keuren; überhaupt goed leren waarnemen! Goed waarnemen kan alleen vanuit stilte. Daarom is meditatie en het ontwikkelen van bewustzijn zo belangrijk. Alleen door het ontwikkelen van bewustzijn kun je de fuiken van het denken omzeilen. Alleen in bewustzijn kun je de driedimensionale wereld driedimensioneel waarnemen en ervaren.

Inzicht 7: passieve gedachtenstroom is als darmgeruis: je hebt er niks mee te maken en je kan het ook niet uitzetten

De gedachtenstroom die als een soort sportcommentator, achtergrondruis of lichtreclamezuil de hele dag aanwezig zijn kun je vergelijken met darmgeruis: je hebt er niks mee te maken. Je hebt niks te maken met het feit dat ze er zijn en ook niet met de inhoud ervan. Om dat te bewijzen hoef je alleen maar een te proberen aan niets te denken: dat gaat je niet lukken: gedachten blijven komen en gaan. De gedachtenstroom is niet stop te zetten: de gedachten zullen altijd blijven komen en gaan. Het goede nieuws daarvan is dat jij dus niks te maken hebt met die gedachten: jij bent er niet de eigenaar van! Als jij de eigenaar zou zijn van deze gedachten zou je de aan – en  uitknop kunnen bedienen, maar het feit dat jij geen invloed hebt op die gedachten geeft aan dat jij er niet de eigenaar van bent! Het heeft dan ook geen enkele zin om je voor je eigen gedachten te schamen of je om je eigen gedachten te veroordelen. Het is puur de computer die data aan het spuien is. Je hoeft je dan ook niet met je gedachten te identificeren! Dat wil zeggen dat je er geen ‘ik’  of ‘van mij’ tegen hoeft te zeggen.

 JIJ BENT NIET JE GEDACHTEN: JIJ BENT DE RUIMTE WAAR DEZE GEDACHTEN IN VERSCHIJNEN!’ Deze ruimte wordt ook wel ‘bewustzijn’ genoemd en vergeleken met een filmdoek. Gedachten, gevoelens, wilsimpulsen, fysieke sensaties en zintuigelijk impressies zijn de film, de vormen die in deze ruimte verschijnen.

Je kan wel onderscheiden dat er een verschil is tussen gedachten die je zomaar overkomen en de gedachten die jij bewust denkt. Bewust denken, dus dat jij bewust gedachten denkt en de inhoud ervan bepaald, bijvoorbeeld als je een berekening aan het maken bent, kost energie.

Nabeschouwing

Na het lezen van het bovenstaande is zou je kunnen denken dat het het beste is om nooit meer te tobben en te piekeren, je nu maar geen doelen meer te stellen en het het beste is alleen nog maar thuis op de bank te zitten mediteren en alle stress van het leven te vermijden. Het tegendeel is waar. Af en toe tobben of piekeren kan geen enkele kwaad. Af en toe de registers van je denken open zetten en situaties en gebeurtenissen overpeinzen kan waardevolle nieuwe inzichten en informatie opleveren. Het is belangrijk om in te zien dat het alledaagse tobben en piekeren slechte denkgewoonten zijn die lang niet zo onschuldig zijn als het lijkt. Tobben en piekeren geven ons een vals gevoel van controle over de situatie en saboteren onze gezondheid en geluk.

Doelen zijn essentieel bij het richten van ons denken. Door volop in het leven te staan doen wij allemaal ervaringen op waarvan we leren en groeien. Het gaat om de reis en niet om de bestemming.

Waar het uiteindelijk om gaat is om in te zien dat innerlijke  rust, vrede en geluk niet te vinden zijn door het behalen van doelen en al helemaal niet door te tobben en te piekeren. Alle gelukservaringen hebben één ding gemeen: het denken was er even niet.

Geluk kun je niet vinden via het denken: geluk is afwezigheid van denken

Hier komen we gelijk bij nog een aspect van het denken: denken kost tijd. Als je denkt kun je niet in het hier-en-nu aanwezig zijn.

En juist het hier-en-nu is de enige plek waar je geluk, liefde en vrede kunt vinden.

Mensen zijn hun hele leven op zoek naar ervaringen waar ze even helemaal verlost zijn van hun denken en dus ook van zichzelf.